Gien Hollema maakte zich in Provinciale Staten onder meer sterk voor de vrouwenemancipatie.

In memoriam: Gien Hollema (1923-2020) kon scherp uit de hoek komen. 'Als je glans wil, moet je eerst wrijven'

Gien Hollema maakte zich in Provinciale Staten onder meer sterk voor de vrouwenemancipatie. Foto: Harry Cock

Tijd van Leven beschrijft het gepasseerde bestaan van mensen met een bijzonder verhaal. Vandaag Marchiena (Gien) Hollema-Eikenberg uit Rolde (1923-2020).

Wat een geluk dat Gien Hollema-Eikenberg tot haar laatste dag in haar buitenhuis Ekenholt in Rolde kon blijven wonen. Het huis is gebouwd door haar vader en het ademt de herinneringen aan haar en haar man Geke.

Het ligt aan de Asserstraat, achter een lange oprijlaan, prachtig verscholen tussen de bomen. Hier konden haar kinderen Hessel en Floortje haar met veel hulp van thuiszorg Icare tot het laatst bijstaan, ook in coronatijd.

Padvinderij en politiek

Na haar overlijden herinneren dozen vol politieke analyses, krantenknipsels en foto’s nog aan het zeer actieve leven dat Gien leidde. Ze wilde er toe doen en dat deed ze ook. Het begon in de padvinderij, daarna kwam de vereniging Plattelandsvrouwen, vervolgens de politiek en daarna instellingen als de Drentse Vrouwenraad, de Noorder Compagnie, Het Drentse Landschap, de Unie van Landschappen, het NNO en de landelijke Nierstichting.

Ze is een tijdje huisvrouw geweest, zoals de meeste vrouwen in haar tijd waren, maar het was niets voor haar. „Dan stond ik te strijken en van alles te bedenken, en dat leidde tot niets”, zei ze in een toespraak.

Scherp uit de hoek

Ze kon scherp uit de hoek komen, had een duidelijke mening en schuwde de confrontatie niet. Als je glans wil, moet je eerst wrijven, zei ze dan. Wrijving ontstond ook doordat Gien haar ambities niet onder stoelen of banken stak. Ze ontdekte te laat dat je op het Drentse platteland nooit zomaar je hand op moest steken als je een functie wilde.

Nee, ze moesten je drie keer vragen om voorzitter te worden, twee keer hield je de boot af en de derde keer kon je dan zuchtend en schoorvoetend ja zeggen.

Goed gesprek en een glas wijn

Ze was een charmante, mondaine vrouw, maar haar optreden viel niet altijd goed. Toch heeft ze aan het bestuurswerk veel vrienden overgehouden die tot het laatst toe op het Ekenholt langskwamen voor een goed gesprek en een glas wijn.

Gien is geboren op 18 mei 1923. Haar vader had een aannemersbedrijf in Veendam. Een ondernemersgezin dus, met liberale opvattingen en waar veel ruimte was voor de kinderen om zich te ontplooien.

Toch zat doorstuderen er voor Gien niet in. De opleiding tot apothekersassistent, dat leek haar moeder wel wat, en die deed ze dan maar. Daarna volgde nog een opleiding tot analist. Achteraf realiseerde ze zich dat ze net zo goed voor apotheker had kunnen gaan.

Dagboeken van de oorlogstijd

Voor Gien ging het gewone leven tijdens de oorlog door. Ze zat op waterpolo en tijdens een toernooi leerde ze in 1942 Geke kennen. Een knappe, sportieve verschijning, vier jaar ouder dan zij. „Ik viel op zijn plusfours en zijn witte kniekousen”, vertelde ze later. Geke kon mooi tekenen en hield uitgebreid dagboeken bij van de oorlogstijd, waarin hij ook zijn uitstapjes met Gien optekende. Die liggen nu op het Oorlogs- en Verzetscentrum te Groningen. Hij werkte als landmeter bij landschapsarchitectenbureau Vroom in Glimmen, woonde daar aan de Parallelweg. Regelmatig fietste hij naar Veendam om Gien te bezoeken.

Na de oorlog kon Geke een baan krijgen als leraar aan de land- en tuinbouwschool in Frederiksoord. Daarbij hoorde een prachtige dienstwoning met een grote tuin, waar Gien en Geke natuurlijk wel oren naar hadden. Voorwaarde was dat hij getrouwd moest zijn, dus trad het jonge stel in 1946 meteen in het huwelijksbootje.

Liefde voor natuur en kamperen

In Frederiksoord sloot Gien zich aan bij de padvinderij en daar ontwikkelde ze haar liefde voor de natuur en voor kamperen. Vervolgens werd ze lid van de Plattelandsvrouwen, waar ze al gauw voorzitter werd. In 1952 is Hessel geboren, in 1956 Floortje.

De Plattelandsvrouwen zaten in een overgangsfase. De vereniging organiseerde allerlei cursussen over het huishouden, handwerken, dat soort zaken. Vrouwen werden geacht zich verre te houden van de politiek. Je had dan wel stemrecht, maar je vroeg je man om advies.

Jonge vrouwen als Gien dachten daar anders over en mede onder haar leiding sloegen de Plattelandsvrouwen een andere weg in. Er kwamen bestuurscursussen en trainingen spreken in het openbaar. De Plattelandsvrouwen zochten de publiciteit met hun standpunten over hoe de maatschappij zich moest ontwikkelen.

Afvalglas

Zo maakte Gien zich in 1972 kwaad over de verspilling van wegwerpglas en riep ze de Plattelandsvrouwen op alle flessen en potten die ze nog in huis hadden, mee te nemen naar een vergadering. De beelden van de indrukwekkende hoeveelheid afvalglas haalden de landelijke publiciteit en dit leidde uiteindelijk tot de komst van de glasbakken, waarin iedereen nu nog zijn lege flessen deponeert. Vier jaar eerder haalde Gien de media al met een offensief tegen geweld op televisie.

Inmiddels was het gezin in 1957 naar Rolde verhuisd. Geke was landschapsarchitect geworden en startte een eigen bureau. Ze konden een mooi stuk grond kopen langs de Asserstraat, ze vroegen Arno Nicolai een ontwerp voor een huis met kantoorruimte voor Geke te maken. Nicolai paste dit perfect in de mooie omgeving in, zoals hij dat ook deed met de wijk Emmerhout.

Gien moest eens speechen toen KVP-minister Pieter Lardinois op het Provinciehuis in Assen een bezoek aan de Drentse Plattelandsvrouwen bracht. Een ministersbezoek was toen nog een hele belevenis. Het ging Gien dermate goed af, dat de VVD haar prompt vroeg om op de verkiezingslijst voor de komende Statenverkiezingen te gaan staan.

Rolder gemeenteraad

Intussen was ze ook actief in de Rolder gemeenteraad, ze is ook wethouder geweest. Gien had liefde voor de natuur en voor de publieke zaak. Zo kon ze goed zaken doen met linkse partijen, wat haar eigen VVD in Rolde haar niet altijd in dank afnam. Het leidde tot strubbelingen waarop ze bij de verkiezingen in 1978 bedankte voor een plek op de kandidatenlijst.

Vier jaar later leidde het ook het einde van haar carrière in de provinciale politiek in. Daar maakte ze zich nogal sterk voor de vrouwenemancipatie en trok ze zich niets aan van de partijpolitieke kaders.

‘Moeder is linkser geworden’

„Moeder is in de loop der jaren linkser geworden”, zegt zoon Hessel. „We verdenken haar ervan dat ze later wel eens D66 of zelfs GroenLinks heeft gestemd. Ze zat voor het liberalisme bij de VVD, voor de vrijheid van opvattingen en de ruimte om jezelf te ontplooien. Ze had weinig geduld met de conservatieve stroming binnen die partij.”

Na haar politieke werk kon Gien haar hart ophalen aan bestuurswerk voor onder meer het Drentse Landschap en het NNO. Erg muzikaal was ze niet, ze kon geen noten lezen, maar dat vond ze geen bezwaar. „Zo lang je er maar wel affiniteit mee hebt”, zei ze dan. Met Koninginnedag van 1987 kreeg ze voor al haar werk een onderscheiding: ridder in de orde van Oranje Nassau.

Goede klant van de Chinees in Assen

Gien had weinig tijd voor het huishouden en het gezin Hollema was een goede klant van de Chinees in Assen. Geke had zijn werk aan huis en kon Hessel en Floortje opvangen. Hij was ook wat meer een gevoelsmens dan Gien. Samen vulden ze elkaar perfect aan en het was voor Gien een hele klap toen Geke in 1991 na een ziekbed van een paar weken overleed.

Ze liet niet veel zien van haar verdriet en stortte zich weer op haar bestuurlijke functies. Een herseninfarct, waarbij ze gedeeltelijk verlamd raakte, maakte daar zeven jaar later een eind aan. Ze vocht ervoor om wel zelfstandig te kunnen blijven wonen. „Van deelnemer ben ik toeschouwer geworden”, verzuchtte ze in een interview met het Rolder blad De Kloetschup .

Het lichaam was op

De laatste maanden was haar lichaam op, maar ze bleef geestelijk scherp en wilde zelf de regie houden over haar levenseinde. Dat kwam op 16 april dit jaar.

Het afscheid was, door corona, in kleine kring. De vier kleinkinderen Marijn, Jurjen, Lennart en Laurens droegen haar in een rieten mand uit huize Ekenholt. Voor het laatst verliet Gien haar geliefde huis op een stralende voorjaarsdag.

menu