Onderzoekers zijn bezig om in kaart te brengen hoe het veengebied ten zuidoosten van Hoogeveen gevormd is.

Het groenste veengebied van Nederland, onder Hoogeveen, krijgt een biografie (en er worden plannen gemaakt voor de toekomst)

Onderzoekers zijn bezig om in kaart te brengen hoe het veengebied ten zuidoosten van Hoogeveen gevormd is.

Ooit waren ze in het veengebied van levensbelang, maar sinds 1958 is er nauwelijks meer naar de wijken omgekeken. De sloten voor de veenwinning zijn voorbeelden van hoe de mens het landschap heeft ingericht. Onderzoekers zijn bezig om in kaart te brengen hoe het veengebied ten zuidoosten van Hoogeveen gevormd is. Daarna komen nieuwe plannen.

Achter zijn huis aan het Derde Wijkje in Hollandscheveld heeft Jan de Vries het weiland getransformeerd tot een parkachtig geheel met een meanderende waterpartij, een schiereilandje en dat alles wordt straks aangekleed met bomen en struikgewas. De oud waterschapsman ziet met genoegen hoe vaklieden bezig zijn het landschap te vormen en te kneden naar zijn inzichten en ideeën.

4000 hectare groot

Plannen en ambities heeft de Hollandschevelder – en hij niet alleen – ook genoeg voor het revitaliseren van het 4000 hectare grote veengebied tussen de dorpen Elim, Nieuwlande, Noordscheschut en Hollandscheveld ten zuidoosten van Hoogeveen. ,,Het groenste van alle veengebieden in ons land”, zegt Theo Spek, hoogleraar landschapsgeschiedenis aan de Rijksuniversiteit Groningen. Onder zijn eindverantwoording is deze maand een begin gemaakt met de landschapsbiografie van het veengebied in Zuid-Drenthe.

Volgens Spek moet het rapport in het voorjaar klaar zijn. Het wordt niet zo’n lijvig boekwerk als de landschapsbiografie van de Drentsche Aa (520 blz.), een al afgerond project van de Groningse hoogleraar. In dit boek wordt beschreven hoe het stroomdal van de Drentsche Aa door de tijd heen veranderde in het fraaie esdorpenlandschap van nu. Spek stelt dat de biografie over de levensloop van het Drentse veengebied minder omvangrijk wordt. ,,Het is wel een zeer bijzonder en karakteristiek gebied. De nadruk wordt vooral gelegd op de periode van 1650 tot heden.”

Ideeën en verhalen gevraagd

De biografie vormt de basis voor de plannen die voor het herstel van het cultuurhistorisch landschap worden gemaakt. De dorpelingen, landeigenaren en ondernemers in de streek is gevraagd om te komen met ideeën en verhalen. Per slot van rekening zijn het ook de verenigingen van plaatselijk belang in de vier dorpen geweest die enkele jaren geleden het initiatief namen.

,,We hadden al panklare voorstellen”, herinnert De Vries zich, ,,maar dat was wel wat naïef gedacht. Zo bleek het niet te werken. Toen hebben wij de Brede Overleggroep Kleine Dorpen in Drenthe ingeschakeld en gevraagd hoe we dit zouden moeten aanpakken.” Die BOKD gaf vervolgens de opdracht voor het maken van een landschapsbiografie, waaraan de RUG op dit moment dus werkt.

De Vries zit in de begeleidingsgroep van het project Vitaal Veengebied. Daarin zitten nog acht vertegenwoordigers van de vier dorpen. Er is dus in de afgelopen jaren al heel wat gebrainstormd over de mogelijkheden en kansen voor het veengebied. Wat De Vries betreft, is het opschonen van de vele wijken in het gebied een van de belangrijkste klussen.

Cultuurhistorisch erfgoed

,,Er is sprake van achterstallig onderhoud. Sinds 1958 is daar niet meer naar omgekeken. De wijken zijn cultuurhistorisch erfgoed. Onderhoud is nodig, ook voor een goede waterhuishouding”, vindt De Vries, ,,je moet zo min mogelijk schommelingen krijgen in het waterpeil.” De Hollandschevelder verwacht verder dat door oude wijken weer op te schonen meer biodiversiteit zal ontstaan. Een ander idee is om meer bosbouw te plegen. In 1900 was er volgens De Vries nog 1860 hectare bos in het veengebied. Anno 2020 is dat geslonken tot 500 hectare.

Streekhistoricus Albert Metselaar, zelf afkomstig uit het veengebied, weet dat de bossen voor Drentse begrippen tot de oudste van de provincie behoren. Hij heeft zich erin verdiept en zegt al tien jaar bezig te zijn met een boek over de bossen in de gemeente Hoogeveen. ,,Het is een geweldig gebied: als je door het bos loopt, verveel je je nooit als je de zintuigen laat werken.” Metselaar betitelt de bossen als het ‘groene goud’ dat in potentie veel te bieden heeft voor het toerisme.

‘Maak bossen toegankelijker’

De Vries zou in dat verband graag zien dat het veengebied voor de recreant beter wordt ontsloten. ,,De bossen moeten toegankelijker worden: maak wandel- en fietspaden ook geschikt voor mensen met een rollator of scootmobiel en voor het rijden met een elektrische fiets. De mogelijkheden voor de recreant moeten worden vergroot. Wandelroutes en fietspaden kunnen ook nog worden aangepast en uitgebreid. En rond de recreatieplas Schoonhoven kan een belevingspad worden aangelegd”, suggereert De Vries.

Over het veengebied zijn volgens de Hollandschevelder veel verhalen te vertellen. ,,Die zullen heel anders zijn dan de belevenissen van de bewoners van de Drentse zandgronden. Dit veengebied is gemaakt door mensen en verschillende keren ingrijpend gewijzigd. Alles het werk is gedaan met de schop. Dat wil niet zeggen dat het minder waardevol is.”

‘Nationaal landschap wordt het niet’

Hij hoopt dat de inwoners van de dorpen met veel verhalen en foto’s zullen komen. ,,Wij hebben de mensen al opgeroepen om hun verhalen een foto’s naar ons te sturen en te delen met de onderzoeker van de landschapsbiografie. Met de dorpshuizen gaan we overleggen om de mooiste foto’s daar op te hangen en voor de allermooiste foto stellen we een prijs beschikbaar”, vertelt De Vries.

Een nationaal landschap wordt het veengebied in Zuid-Drenthe volgens hoogleraar Spek niet. Dat predicaat kreeg wel het Drentsche Aa-gebied. ,,De provincie Drenthe heeft een eigen erfgoedbeleid waarin het belangrijk wordt gevonden om cultuur historische relicten te beschermen. Dat geldt ook voor het veengebied bij Hoogeveen dat z’n eigen karakteristiek heeft.”

menu