's Avonds en 's ochtends vroeg is het een stuk rustiger op de fietspaden en kunnen wielrenners zich volop uitleven.

Hobbelige fietspaden, gevaarlijke randen: Fietsprovincie Drenthe moet nog een tandje bij zetten

's Avonds en 's ochtends vroeg is het een stuk rustiger op de fietspaden en kunnen wielrenners zich volop uitleven. Foto: Marcel Jurian de Jong

De fiets is populairder dan ooit, Nederlanders vieren massaal vakantie in eigen land en daarbij spint fietsprovincie Drenthe garen. Maar is het fietsen hier veilig genoeg?

Racefietsen, e-bikes, speedpedelecs, hybride fietsen, stadsfietsen... Er zijn tegenwoordig nogal wat alternatieven voor de ouderwets degelijke zwarte heren- en damesfietsen die vroeger het beeld op de fietspaden bepaalden. Er zijn meer fietsen dan mensen in Nederland: 25 miljoen tweewielers op 17 miljoen mensen.

Fietsersbond wil veiliger fietspaden

Is het wel veilig op de fietspaden? Die vraag dringt zich op zeker nu de Drentse campings en recreatieparken vol zitten met vakantiegangers die de geneugten van fietsen in deze provincie komen ontdekken. Gert Oostergetel zit namens de Fietsersbond Drenthe vaak met gemeenten en de provincie om tafel om onder meer hierover te praten. Hij vraagt aandacht voor veiliger fietspaden en meer voorrang voor fietsers, waar menigeen juist wijst naar het gedrag van fietsers zelf: racefietsers zouden te hard jakkeren, oudere e-bikers zouden te weinig ervaring hebben en geen helm dragen, enzovoorts.

Oostergetel is zelf een verwoed fietser. Regelmatig stapt hij onderweg af om een gevaarlijke situatie te fotograferen. Het venijn zit in de details, vindt hij. Veel ongelukken ontstaan door een onoverzichtelijke bocht, een nare rand langs een fietspad, een hobbel waar je onverwacht overheen rijdt.

Te smal

Veel fietspaden zijn gewoon te smal, stelt hij, en dat wreekt zich te meer nu veel ouderen de elektrische fiets hebben ontdekt. „Let er maar eens op: deze mensen nemen meer ruimte in, doordat ze wat verder uit elkaar gaan fietsen. Een fietspad voor twee rijrichtingen moet minimaal 2,5 meter breed zijn, maar vele halen de 2 meter niet.”

Bovendien hebben veel fietspaden gevaarlijke randen langs de bermen. „Als een fietspad bijvoorbeeld wordt geasfalteerd, komt er een laagje bovenop en komt hij dus hoger te liggen ten opzichte van de berm. Of een betonnen fietspad ligt te hoog. Het kan gebeuren dat je tijdens het fietsen even naast het fietspad in de berm terecht komt. Je reflex is dan om weer terug te sturen naar het fietspad. Maar als de rand te hoog is, dan val je lelijk en kun je een heup breken.” loading

Gemeenten en de provincie verzuimen om bij het onderhoud de berm mee te nemen, zegt Oostergetel. „Die moeten ze ook laten verhogen en verstevigen, zodat je goed kunt corrigeren als je onverhoopt van het pad af raakt.”

Paaltjes kunnen gevaar opleveren

Nog een steen des aanstoots: paaltjes die auto’s moeten weren op de fietspaden. Oostergetel: „Omwonenden willen sluipverkeer weren en dringen er bij gemeenten op aan die paaltjes te plaatsen. Maar het middel is vaak erger dan de kwaal, want als fietsers niet goed opletten rijden ze er zomaar bovenop. Je moet goed kijken of zo’n paaltje echt nodig is en als je hem plaatst, doe het dan op een goede manier. Je moet op het wegdek een soort driehoek van ribbels aanbrengen die de fietsers automatisch om het paaltje heen leidt.”

Fietsen is heel gezond en een belangrijk middel om de klimaatverandering tegen te gaan, zegt Oostergetel, maar hij wijst ook op een keerzijde. Het aantal ongelukken met fietsers stijgt ook, zo blijkt uit cijfers van CROW Fietsberaad, een landelijk kenniscentrum voor fietsbeleid van de overheden. Jaarlijks belanden 50.000 fietsers op een afdeling spoedeisende eerste hulp van een ziekenhuis. Van hen zijn 13.000 ernstig gewond. „En dan gaat het dikwijls om een eenzijdig ongeluk, waarbij dus fietsers zijn gevallen of ergens tegen aan zijn gereden.”

Je kunt stellen dat fietsers onvoorzichtig zijn, te hard rijden of vaker een helm moeten dragen. Maar de Fietsersbond benadrukt liever het belang van een veiliger infrastructuur. „We willen de verantwoordelijkheid voor de veiligheid niet te veel bij de fietsers leggen. Als een helm verplicht wordt voor e-bikers, vrezen we dat dit afschrikt en dat minder mensen gaan fietsen.”

Ergernis over racefietsers

Wielersportbond NTFU behartigt de belangen van racefietsers, maar probeert tegelijkertijd hun gedrag in goede banen te leiden. Dat is belangrijk, want het aantal racefietsers is de afgelopen twee jaar landelijk met naar schatting 100.000 toegenomen. Helaas staan racefietsers niet bij iedereen in een goed blaadje. ‘Gewone’ fietsers ergeren zich dikwijls aan groepen racefietsers die hen van het fietspad zouden drukken.

Een vaak gesuggereerde oplossing is dat de racefietsers maar op de rijbaan voor auto’s moeten rijden. De NTFU heeft vorig jaar, samen met de provincie Drenthe en CROW Fietsberaad onderzocht op een fietstraject van 27 kilometer rondom Emmen, of dit wenselijk is. Nee dus. Fietsers voelen zich onveilig op de rijbaan, automobilisten vinden het lastig om een hele groep racefietsers in te halen.

Wegkapiteins

Dus moeten racefietsers er met andere fietspadgebruikers zien uit te komen. NTFU-woordvoerder Ellen Dobbelaar: „We trainen wegkapiteins, die de leiding hebben over een groep racefietsers. Zij leggen voor een rit uit aan welke regels de deelnemers zich moeten houden, ze zoeken een rustige route die geschikt is voor racefietsers en letten er op dat de deelnemers zich aan de regels houden.”

Dat de gewone verkeersregels ook voor racefietsers gelden, staat voor de NTFU buiten kijf. Verder is het zaak niet te hard door een dorp te rijden en moeten de racefietsers elkaar waarschuwen voor tegemoetkomend verkeer en andere mogelijke gevaren.

„Dat laatste levert misverstanden op”, weet Dobbelaar. „De fietsers roepen naar elkaar en omstanders denken dat dat ze naar hen roepen, omdat ze in de weg zitten bijvoorbeeld. Maar de racefietsers waarschuwen elkaar en geven dat van voor naar achteren in de groep door.”

Ook mijden veel racefietsers de drukte door ‘s ochtends vroeg op de fiets te gaan of aan het begin van de avond. Dobbelaar: „Veel racefietsers doen hun best anderen niet tot last te zijn en wij adviseren daarbij. Het merendeel houdt zich daar gelukkig aan.”

menu