Directeur Arjan Schonewille van de WPDA: Drentse ondernemers hebben een groot verantwoordelijkheidsgevoel.

Hoe gaat het nu met werknemers van sociale werkvoorziening? In Noord-Drenthe gaat het redelijk goed

Directeur Arjan Schonewille van de WPDA: Drentse ondernemers hebben een groot verantwoordelijkheidsgevoel. Foto: Marcel Jurian de Jong

Hoe gaat het met de mensen van de sociale werkplaats nu ze sinds 2015 onder de Participatiewet vallen? Velen zijn somber gestemd, maar dit geldt niet voor Arjan Schonewille, directeur van de sociale dienst voor Assen, Tynaarlo en Aa en Hunze.

Het zou allemaal liberaal wensdenken zijn, de operatie om de sociale werkplaatsen op te doeken en alle mensen met afstand tot de arbeidsmarkt onder te brengen bij de nieuwe Participatiewet. De operatie werd in het kabinet Rutte 2 uitgevoerd onder leiding van de huidige Drentse commissaris van de koning Jetta Klijnsma (PvdA). Toen was ze nog staatssecretaris van sociale zaken. Volgens critici is het een smet op haar blazoen. De nieuwe aanpak zou de zwakkeren nog meer in de kou zetten.

loading

Onder naam iWerk bij WPDA

Ook in Drenthe had de operatie ingrijpende gevolgen. Sociale werkvoorzieningschap Alescon, dat voor zes Drentse gemeenten werkte, verdween. Het noordelijke deel kwam onder de naam iWerk bij het Werkplein Drentsche Aa (WPDA), de gezamenlijke sociale dienst van Assen, Tynaarlo en Aa en Hunze. Voor het zuidelijke deel kwam een nieuw bedrijf.

De operatie leidde tot veel onzekerheid, er was weinig vertrouwen dat het allemaal goed zou komen. Hoe staat het er anno 2020 voor? Directeur Arjan Schonewille van de WPDA is allerminst somber. „Ik zie bij collega’s weer een twinkeling in de ogen. Ondanks de coronacrisis merk ik dat het toch lukt om mensen bij bedrijven geplaatst te houden. ‘We gaan deze mensen nu niet wegsturen’, hoor ik vaak.”

Drieduizend cliënten

Schonewille en zijn collega’s ontfermen zich over zo’n drieduizend cliënten. De helft van hen kan binnen twee jaar aan de slag in een reguliere baan. Die andere helft lukt dat dus niet, vanwege allerlei psychische of fysieke beperkingen.

Met de nieuwe Participatiewet kan Schonewille voor elk van deze mensen een aanpak op maat maken. En daar is hij blij mee. „Want het was eigenlijk wel een beetje gek geregeld. Mensen in de sociale werkvoorziening hadden het betrekkelijk goed voor elkaar. Ze hadden werk tegen een redelijk loon, tot 130 procent van het minimumloon. Maar er was een wachtlijst en er vielen mensen buiten de boot.”

Tot die laatste categorie behoorden mensen die ‘te goed’ waren voor een indicatie voor de sociale werkvoorziening. Voor hen betekende dit een zeer langdurig verblijf in de bijstand of de Wajong. „We hebben nu één pot met geld waarmee we iedereen kunnen helpen.”

Veel familiebedrijven

Hij heeft in Noord-Drenthe het tij mee, vindt Schonewille. „Allereerst zitten hier veel familiebedrijven en andere MKB’ers. Die zijn geworteld in het gebied en hebben een groot maatschappelijk verantwoordelijkheidsgevoel. ‘Met hem of haar heb ik nog op school gezeten’, horen we wel eens, als we een cliënt willen detacheren. Dat is toch anders als je zaken doet met een filiaal met een vestigingsmanager, die over een paar jaar weer vertrokken is.”

Er zijn natuurlijk altijd uitzonderingen die de regel bevestigen, verzekert Schonewille. „Neem Muelink en Grol, de M en G groep (fabrikant van rookgasafvoer- en luchtdistributiesystemen, red). Daar doen we heel goed zaken mee. Dat begon ooit met een vestigingsmanager die zich vanuit een maatschappelijk zwakke positie helemaal had opgewerkt. Hij wilde andere mensen ook een kans geven. Voor zijn opvolgers is het een gegeven dat ze ook onze mensen in dienst hebben.”

Samenwerken op zijn Drents

Wat ook meezit: de drie gemeenten werken op zijn Drents samen. Dat betekent: korte lijnen, niet moeilijk doen, dingen snel regelen. Tynaarlo bijvoorbeeld nam na de ontmanteling van Alescon de kantinemedewerkers zelf in dienst. Schonewille: „Elders in het Noorden merken we dat dit heel anders kan. In Oost-Groningen bijvoorbeeld staan gemeenten vaak met de rug naar elkaar toe, willen elkaar vliegen afvangen enzovoorts. Dan is het veel lastiger om dingen te regelen.”

Last but not least: Alescon is weg, maar de mensen en voorzieningen niet. Vlak voor de overgang kreeg Alescon in Assen nog een nieuw gebouw, met een werkplaats. „Daarvan kunnen we nu nog gebruik maken.” Op die werkplaats komen nu ook vaak jonge werklozen. Begeleiders kunnen dan beoordelen wat ze nodig hebben om een betere kans op de arbeidsmarkt te krijgen: een beetje meer discipline, wat meer sociale vaardigheden of juist wat meer technische vaardigheden. „Dit geeft op de werkplaats een nieuwe dynamiek”, zegt Schonewille. „De wat oudere werknemers vinden het wel leuk om een tijdje met nieuwe, jonge mensen te werken.”

Van de cliënten die niet op de reguliere arbeidsmarkt terecht kunnen, komt ongeveer een derde bij de gemeentelijke groenvoorzieningen te werken. Nog eens een derde krijgt een detachering bij een regulier bedrijf. De anderen werken op de voormalige Alescon-werkplaats, waar ze aangenomen werk doen, zoals inpakwerk en constructiewerk. „Het komt relatief vaak voor dat mensen vanuit een detachering naar de werkplaats moeten”, zegt Schonewille. „Want met het ouder worden gaan we allemaal wat achteruit, en deze mensen krijgen dan ook meer last van hun beperkingen.”

Wat vindt de FNV?

Schonewille is dus positief, maar denkt vakbond FNV er ook zo over? Bestuurder Elanda de Boer constateert dat er weinig tot geen klachten zijn van leden die werkzaam zijn bij de deelnemende Drentse gemeenten. Ook beaamt ze dat het Drentse bedrijfsleven goed meewerkt aan het plaatsen van mensen met een arbeidsbeperking.

„Neem Hof van Saksen, dat bedrijf plaatst veel mensen en dat gaat goed”, stelt ze. In zijn algemeenheid waarschuwt ze wel dat er altijd mensen blijven die vanwege hun arbeidsbeperking een beschermde werkplek nodig hebben. „Het was wat al te optimistisch om voor iedereen een plek bij een bedrijf te organiseren, daar komt de politiek ook wel van terug.” Daarnaast is al jarenlang het standpunt van de FNV dat er een goede CAO moet komen voor alle werknemers die onder de Participatiewet vallen. „Wij pleiten er voor dat mensen met een arbeidsbeperking recht hebben op duurzaam, passend werk met begeleiding en passende arbeidsvoorwaarden.”

menu