Als het aan de noordelijke provincies ligt, is Veendam straks een tussenstation in de spoorverbinding Groningen-Enschede.

Is de Nedersaksenlijn mislukt? 'Nee! In Brussel liggen nog kansen'

Als het aan de noordelijke provincies ligt, is Veendam straks een tussenstation in de spoorverbinding Groningen-Enschede. Foto: Corné Sparidaens

Drenthe, Overijssel en Groningen moeten de rijen sluiten en gezamenlijk lobbyen voor de Nedersaksenlijn. De Europese Unie wil de trein bevorderen, daar liggen nog kansen.

Dit zegt het Drentse Statenlid Roy Pruisscher (ChristenUnie) in reactie op het uitgelekte rapport van de Landelijke Netwerkuitwerking Spoor. Het rapport van ProRail, vervoerders en ambtenaren komt er op neer dat de Nedersaksenlijn te weinig bijdraagt aan de verbetering van het landelijke spoornetwerk.

Met de trein van Enschede naar Groningen

Het project voor de Nedersaksenlijn komt er op neer dat er een verbinding komt tussen Stadskanaal en Emmen. Met de verbinding tussen Veendam en Stadskanaal, die in 2025 klaar moet zijn, ontstaat er dan een treinverbinding tussen de universiteitssteden Groningen en Enschede. De verbinding vergt een investering van minimaal een half miljard euro.

Gedeputeerde Cees Bijl (PvdA) stak begin dit jaar nog een vurig pleidooi af voor de Nedersaksenlijn. Omdat hij het recente rapport over de lijn nog niet kent, wil hij er niet op reageren.

Rapport is in de trein gevonden

Pruisscher geeft wel een voorlopige reactie: „Dit rapport is nog niet openbaar, dat maakt het moeilijk te reageren. Een versie ervan is, hoor ik, heel toepasselijk gevonden in een trein. Maar in elk geval is deze spoorverbinding dus van regionaal belang, het is daarom niet goed om die te beoordelen aan de hand van het landelijk belang.”

Pruisscher maakt zich al enige tijd zorgen over de vraag of de drie betrokken provincies wel voldoende eensgezind lobbyen voor de nieuwe spoorlijn. Nadat zijn partijgenoot gedeputeerde Bert Boerman van Overijssel verklaarde dat de provincie Drenthe niet wil investeren in de spoorverbinding, stelde Pruisscher kritische Statenvragen.

Storm in glas water

De provincie wil echter eerst haalbaarheidsonderzoeken afwachten, maakte Bijl al eerder duidelijk . „Het bericht blijkt een storm in een glas water”, stelt Pruisscher nu. „Op het Provinciehuis in Assen realiseert iedereen zich wel dat de Nedersaksenlijn er niet kan komen als de provincies er niet aan willen meebetalen.”

In Groningen gaan echter al geluiden dat het geld voor wegen en spoorwegen bij de provincie helemaal op is doordat de aanleg van de zuidelijke ringweg bij de stad Groningen flink duurder uitvalt dan verwacht.

Pruisscher: „We moeten ons nu eerst concentreren op wat we willen en daarvoor gaan. Daarna moeten we kijken hoe we dat gaan betalen. Vanuit Duitsland is ook belangstelling voor de Nedersaksenlijn. De initiatiefnemers van de Bentheimer Eisenbahn willen die lijn verder doortrekken naar Nederland. Daarvoor is de Nedersaksenlijn dus ook belangrijk. De Europese Unie wil de trein bevorderen. Die wil dus ook bijdragen aan een grensoverschrijdende verbinding. Er zijn dus nog best kansen, maar we moeten wel zorgen dat de neuzen dezelfde kant op staan.”

menu