Dat bewegen nog altijd heel belangrijk is voor oud-topatleet Gerard Nijboer zal weinig mensen verbazen. Hij is bezig met het ontwikkelen van looproutes via de app voor fanatiekelingen, maar ook voor mensen die geen marathon volhouden. Of die er net een achter de rug hebben, zoals corona-patiënten.

Na jouw marathonloopbaan was je onder meer coördinator wegatletiek van de KNAU, atletiekonderzoeker en co-commentator bij Studio Sport. In 2006 richtte je de Stichting iRun2BFit op. Wat doe je tegenwoordig?

„Ik ben 65 jaar en een beetje met prepensioen, ha, ha. Ik houd mij twee dagen in de week bezig met de doorontwikkeling van de app eRoutes. Dat is een mobiele app die unieke ronde routes creëert, zodat je altijd terugkomt bij waar je bent gestart.''

,,We zijn nu ook aan het kijken of we de routes kunnen verrijken. Bijvoorbeeld als je hier in Uffelte op de Molenberg loopt, dat je dan ook informatie krijgt over de vroegere molen.''

,,Ik zeg 'we' , want ik ben hiervoor gevraagd door de oprichter Edwin Kuipers. Toen heette de start-up nog Imagine Run. Edwin kreeg op zijn 45ste een hartstilstand. Hij kwam erbovenop, maar vroeg mij om te helpen.''

,,Ik maak nu allerlei schema’s voor de app. Ik heb er onlangs eentje gemaakt voor het lopen tot 3 kilometer. Die is geschikt voor onder meer coronapatiënten, die helemaal niks meer kunnen en na 200 meter al doodop zijn.''

,,Zeker nú, in deze coronatijd, is bewegen enorm belangrijk. En dus willen we de app doorontwikkelen. Denk aan iemand die wel wil bewegen, maar dat niet zo lang kan. Dan kunnen we bankjes in de app opnemen, zodat bijvoorbeeld een diabetespatiënt ook zo’n route kan lopen.”

Hoe sportief ben je zelf op dit moment? Met andere woorden: hoeveel beweeg je?

„Ik woon hier in Uffelte prachtig. In het bos. Ik hoef niet eerst de auto in om naar het bos te rijden. Ik ben geboren in Hasselt, heb ook in Heino, Doetinchem en Raalte gewoond en kom uit een gezin van zes broers en zussen. Vroeger had ik parkieten, in een hoekje van de kamer. Daar kwam ik tot rust. Ik vind rust nog steeds heel belangrijk.''

,,In het weekend gaan we zo vanuit huis de bossen in om te wandelen, mijn vriendin en ik. Ik hou heel erg van de natuur en ben graag buiten. Lopen en fietsen doe ik nog om de dag, dus ongeveer vier keer per week. Bewegen is zó belangrijk. Ook al is het maar een halfuur per dag. Tijdens dit interview stá ik ook. Goed voor de bloedsomloop.''

,,Nee, prestatielopen doe ik niet meer. Ik ben in 1991 gestopt en vroeg toen een sportarts om advies over aftrainen. Hij zei: ‘Je kunt wat last krijgen van ritmestoornissen en je lijf wordt weer normaal. Meer niet.’

Mijn trainer gaf toen aan van ‘je hebt altijd alleen maar gelopen en niet aan je portemonnee gedacht, ga eens lucratieve wedstrijdjes lopen.’ Maar ik trainde daar te weinig voor en ik dacht aan de start alleen maar van ‘hij is sneller, en hij en hem kan ik niet verslaan.’ Dus daar ben ik snel mee gestopt.''

,,Je moet niet doorgaan met wedstrijden. Mensen moeten je herinneren zoals je was en wat je hebt bereikt, werd tegen mij gezegd. Geniet en ga wat anders doen. Dat advies heb ik opgevolgd.”

loading

En je hebt het nodige bereikt. Drie prestaties blijven altijd met jou verbonden. Jouw winst in 2.09.01 op de marathon van Amsterdam in 1980. In datzelfde jaar het zilver op de Olympische Spelen in Moskou, en jouw Europese marathontitel in Athene in 1982. Waar hecht je zelf de meeste waarde aan? En waarom?

„De titel in 1982 gaf mij het meeste erkenning, denk ik. In 1980 liep ik helemaal in m’n uppie in Amsterdam. Die tijd van 2.09.01 was toen de een-na-snelste ooit gelopen. In 1969 was alleen de Australiër Derek Clayton sneller dan ik geweest op de marathon. Alleen... dat exacte parcours zou niet te achterhalen zijn geweest, waardoor werd gezegd dat ik een wereldrecord had gelopen.''

,,Maar om terug te komen op jouw vraag: ik denk dan toch aan 1980 in Moskou, op de Olympische Spelen. Tweede worden in een deelnemersveld met vijf continenten. Dat is, klinisch gezien, mijn beste prestatie geweest.”

Je hebt eens gezegd: ‘Je loopt helemaal niet op tijd, maar om je concurrentie te verslaan en nummer 1 te worden.’ Hoe bedoel je dat?

„Dat is heel makkelijk uit te leggen. Als een wielrenner als eerste over de streep komt, dan wordt er toch ook niet gezegd van ‘ja, maar de winnaar van vorig jaar was sneller’? We zijn het winnen met z’n allen een beetje vergeten. Vroeger was ik echt niet met een tijd bezig, ik wilde winnen en als ik daarvoor desnoods met bloed uit m’n mond moest lopen, dan deed ik dat.''

,,Het draait tegenwoordig alleen maar om onszelf te verbeteren, lijkt het wel. Dat we ons alsmaar een spiegel voorhouden. Waarom moet dat?''

,,Die hele hoge dunk van onszelf is blijkbaar steeds belangrijker, terwijl de sport minder interessant wordt. Natuurlijk mag het een beetje meetbaar zijn, maar tegenwoordig registreren we echt álles. Het gaat juist om je eigen intrinsieke waarde. Ga iedere dag bewegen en genieten.”

In hoeverre heb je zelf kunnen genieten tijdens je sportieve carrière?

„Mijn doel was ooit de wereldtop bij het marathonlopen. Ik was altijd analytisch bezig. Schreef alles op, maar dan ook echt álles. Ik was perfectionistisch. Goed was vaak niet goed genoeg. Als ik een domme fout had gemaakt of veel sneller had kunnen lopen, dan kon ik bloedchagrijnig zijn.''

..Ik ben op de marathon van New York ooit vijfde geworden, dat is verder nog niemand in ons land gelukt. Als ik ongeveer één kilometer achter de winnaar finishte, dus zo’n drie minuten, dan kon ik daar wel tevreden mee zijn. Want dan had ik nog het idee dat ik hem kon verslaan. Dan telde ik internationaal gezien mee. En als ik alles had gegeven, had ik dat gevoel ook.”

Je kijkt dus tevreden terug op jouw loopbaan als atleet?

„Wat veel mensen niet weten, is dat ik nooit fulltime heb gesport. Ik ben ernaast altijd blijven werken. Hoewel het sportverleden voor mij ook echt steeds meer het sportverleden wórdt, kan ik er toch van genieten.''

,,Maar dat geldt net zo goed voor mijn werk bij bijvoorbeeld het Riagg. Daar ben ik nét zo dankbaar voor. Genieten doe ik dus ook thuis. In Uffelte. Ik noem het mijn hutje op de hei. En dat is voor mij altijd al een jongensdroom geweest: een eigen hutje op de hei.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe