Koen Arts en zijn vrouw Gina leefden 365 dagen buiten. ,,Als je je ogen, neus en oren opendoet, dan kun je hier echt van
alles beleven."

Koen (38) en Gina (34) uit Dwingeloo slapen een jaar lang elke nacht buiten. 'Het eerste moment is even pittig, maar als je daar doorheen bent, is het heerlijk'

Koen Arts en zijn vrouw Gina leefden 365 dagen buiten. ,,Als je je ogen, neus en oren opendoet, dan kun je hier echt van alles beleven." Foto: Marcel Jurian de Jong

Kun je nog wildheid beleven in Nederland, een van de meest aangeharkte landen ter wereld? Wel als je je best doet, zeggen Koen Arts en Gina Maffey uit Dwingeloo. Ze sliepen een jaar lang buiten, in weer en wind.

Het kleinste huisje van Dwingeloo en omstreken valt wat omvang betreft in het niet bij de buurman, landgoed Oldengaerde, maar maakt dat goed met zijn Anton Pieck-achtige charme. Niet voor niets proberen op mooie zomerdagen honderden toeristen naar binnen te gluren op hun fietstochten door het Nationaal Park Dwingelderveld. Maar de zomer en de toeristen op deze grauwe januarimiddag ver weg.

Op het gefluit van vogels na is het stil aan het Westeinde, een lange laan aan de zuidwestkant van Dwingeloo die omzoomd is met stokoude eiken en monumentale woningen staat.

Uit de tuin van het kleine huisje kringelt rook omhoog, zoals bijna elke dag. Hier wonen Koen Arts (38) en Gina Maffey (34) met hun dochtertje Willow van 2, zoontje Pippin van 4 maanden en hond Nessie, vernoemd naar het monster uit het Schotse meer. ,,Het is hier 70 vierkante meter, 20 meer dan een tiny house officieel heeft”, zegt Arts over het huis. ,,Je kunt dus zeggen dat we met zijn allen in anderhalf tiny house wonen.”

De tuin is de extra kamer

De meeste gezinnen zouden snel op zoek gaan naar meer ruimte, maar niet Koen en Gina. ,,We hebben daar helemaal geen last van. Dit hier, is onze extra kamer”, zegt Gina en wijst om zich heen. De flinke tuin, het stuk grond daar achter, het hele Nationaal Park dat een steenworp verderop begint. ,,Gewoon, alles wat buiten is.”

Komt er iemand op bezoek, dan is het voor hun heel normaal om buiten te gaan zitten. Ook in hartje winter. Zolang het maar een beetje droog is. Koen trekt een paar comfortabele stoelen uit het tuinhuisje en begint een vuurtje te maken. Dat kan hij met zijn ogen dicht. Soms gebruikt hij voor het gemak een aanmaakblokje (,,ik ben niet vies van pragmatisme”) maar nu doet hij het met een stukje berkenschors. Werkt vaak beter, is zijn ervaring.

Binnen een paar minuten heeft het vuur de kou uit de tuin verdreven en wordt het zelfs zo warm, dat Koen zijn jas er bij uittrekt en de mouwen van zijn trui opstroopt.

Natuur in hun bloed

Beiden hebben de natuur in hun bloed. Hij groeide op op het platteland van Noordoost-Brabant en wilde boswachter worden. Zij op een boerderij in Warwickshire, het groene hart van Engeland. Nadat hij studies Bos- en natuurbeheer en Filosofie in Wageningen en Nijmegen cum laude had afgerond en zij Zoölogie en Ecologie kwamen ze elkaar tegen in de Schotse stad Aberdeen, waar ze beiden promotie-onderzoek deden.

In 2015 konden ze samen onderzoek gaan doen in de Pantanal, het grootste drasland ter wereld, in Brazilië. Daar, in het absolute midden van Zuid-Amerika, is de natuur wonderschoon, maar toch begon er ergens tijdens die twee jaar iets te knagen. ,,Je hebt daar twee jaargetijden. Heet en nat en heet en droog”, zegt Gina. ,,Ik begon de kou te missen. De tijd van het jaar waarin alles langzaam gaat en de natuur op pauze.”

Tijdens een maandenlange reis door Zuid- en Noord-Amerika werd een zaadje geplant in hun hoofd. Als we ons straks in Nederland vestigen, moeten we daar iets mee, met de vier jaargetijden en hoe je die beleeft. Dat gevoel werd nog sterker, toen ze hier aan het werk gingen. Zij ging aan de slag bij een internationaal astrofysica-instituut in Dwingeloo en hij kreeg het steeds drukker als docent Bos- en natuurbeheer aan de Wageningen Universiteit.

,,We merkten dat we steeds vaker steeds meer tijd achter onze laptops doorbrachten, zoals zoveel mensen”, zegt Koen. ,,We begonnen daar over na te denken: hoe kunnen we de natuur weer naar binnen trekken? Om te beginnen bij onszelf, maar ook om anderen aan het denken te zetten.” Hadden ze nog in de Pantanal gezeten, dan was de zoektocht niet zo moeilijk geweest. ,,Maar we zitten in Nederland, een land bomvol mensen en stukjes grond waarvan sommige als natuur zijn aangewezen. Is het mogelijk om in een land zonder wildernis toch wildheid te ervaren?”

(Tekst gaat verder onder de foto)

loading

Een jaar lang elke nacht buiten slapen

Met die vragen in hun hoofd begonnen ze vier jaar geleden aan hun ‘wilde jaar’: een jaar lang elke nacht buiten slapen. ,,En dan niet als sabbatical, maar gewoon, terwijl de rest van je leven gewoon doorgaat”, zegt Gina. Het was hun gezamenlijke project, maar het was Koen die hun bevindingen elke dag opschreef in een dagboek. Of een nachtboek, eigenlijk. Aan de hand van die aantekeningen schreef hij het boek Wild Jaar , dat begin deze maand uitkwam.

Hoe doe je dat precies, buiten slapen? Koen heeft een grote voorkeur voor de bivakzak. Gewoon, onder de sterren in zo’n synthetische zak met slaapzak er in. Maar om na een nacht in de buitenlucht weer een beetje fris op de universiteit te verschijnen was een hele uitdaging. Bovendien kreeg Gina het in de bivakzak flink koud. ,,Dat was een van onze ontdekkingen, dat natuurbeleving voor mannen en vrouwen flink kan verschillen”, zegt Koen. ,,Genetisch zijn we nu eenmaal anders. De kerntemperatuur van mannen en vrouwen is hetzelfde, maar de temperatuur van onze ledematen kan ’s nachts wel 3 graden verschillen, in het nadeel van de vrouw. Dat zullen veel stellen wel herkennen.”

En er zit nog wel een ander ‘genderaspect’ aan natuurbeleving, in de woorden van Koen. Neem die keer dat Gina voor haar werk naar München moest. Terwijl haar collega’s in een van alle gemakken voorzien zakenhotel sliepen, vertrok zij naar haar tentje op de natuurcamping. ,,Daar wemelde het toen ook van de dronken feestgangers”, zegt Koen. ,,Dan voel je je als vrouw alleen niet veilig. Terwijl ik als man dat gevoel nauwelijks heb gehad, als ik ergens alleen ging slapen.”

De tipi was hun redding

Na de bivakzak probeerden Koen en Gina de tent, maar ook die voldeed niet. Daarin had Koen te weinig het gevoel dat hij echt buiten was. De connectie met de natuur miste. Er moest een tussenvorm worden gevonden. De tip kwam van Gina’s broer, die voor zijn werk op de Fashion Outlet in Roermond belandde. ,,We zouden uit onszelf waarschijnlijk nooit naar zo’n fashion outlet gaan”, zegt Koen, terwijl hij nog een paar blokken hout op het vuur gooit. ,,Maar daar zagen we op een poster wel iets interessants, een tipi.”

Ze kochten uiteindelijk een echte, een Zweeds model, met dun doek van katoen en een gat in de nok. De tipi was hun redding, zegt Koen. Het perfecte gevoel van buiten, in 15 minuten op te zetten en af te breken en dankzij een houtkacheltje behaaglijk warm te krijgen. Ze hingen een CO-metertje op, om een koolmonoxidevergiftiging door onvolledige verbranding te voorkomen. ,,Die is op een nacht daadwerkelijk afgegaan”, zegt Koen. ,,Dat was schrikken, maar echt gevaar hebben we achteraf niet gelopen.”

Ze sliepen overal, van de tuin van zijn ouders en bij vrienden, tot parkeerterreinen en zelfs hondenuitlaatveldjes. ,,Dat deden we bewust zo”, zegt Koen. ,,Juist omdat we de schoonheid van de kleine dingen wilden zien, op de normaalste plekken. De slakken in het gras in de tuin, de pissebedden onder een bloempot, de merels in de heg van de buren.” Die tip willen hij en Gina ook geven aan mensen die in quarantaine zitten in de stad. ,,Doe je raam open, kijk naar de vogels en volg je nieuwsgierigheid. Zo dichtbij kan de natuur zijn.”

Het boek is niet moralistisch bedoeld

Of nou ja, natuur. Eigenlijk houdt Koen helemaal niet zo van dat woord. ,,Het woord natuur is niet zo bruikbaar en constructief”, zegt de filosoof. ,,Het creëert een scheiding. Zo van: dat is natuur en al het andere is dus cultuur.” Terwijl die twee ogenschijnlijke tegenpolen in de praktijk op een en dezelfde plek kunnen bestaan. En in Nederland zeker, is Koens overtuiging. Je moet het alleen wel willen zien. ,,Er is hier nog van alles mogelijk, als je je eigen grenzen wil verleggen. Als je je ogen, neus en oren open doet, dan kun je hier echt van alles beleven.”

Natuur en het beschermen ervan is bovendien vaak niet zo nobel als het klinkt, is zijn overtuiging. ,,Onder het mom van natuurbescherming zijn in de Verenigde Staten vanaf halverwege de negentiende eeuw natives uit hun leefgebieden verdreven”, zegt Koen. ,,Dat model heeft zich vervolgens herhaald in de rest van de wereld, tot op de dag van vandaag. Dat is diep problematisch.”

In Nederland denken we bij natuur volgens hem vooral aan recreatie. Maar we mogen er ook best bij stilstaan welke impact onze dagelijkse consumptie heeft op wat er in ons land groeit en bloeit, vindt Koen. ,,Maar het boek is zeker niet moralistisch bedoeld”, zegt hij. ,,Zelf sluiten we hier ook continu compromissen. We gebruiken dagelijks de auto en we stoken heel wat hout. Daarmee belandt er door ons toedoen heel wat CO2 in de atmosfeer. Het is een kwestie van dagelijks met jezelf en met elkaar onderhandelen.”

En dat niet alleen, volgens sommigen is hout stoken ook ronduit asociaal en gevaarlijk voor de luchtwegen. Daar wil Koen wel een stukje in meegaan, voor zover het de stad betreft. Maar in het buitengebied is toch echt iets anders. Een vuurtje stoken noemt hij zelfs een mensenrecht. ,,Er zit iets heel basaals in het maken van vuur”, zegt Koen. ,,De hele evolutie van de mens heeft zich rond het vuur voltrokken.”

‘Als je er eenmaal doorheen bent, is het heerlijk’

Ook nu het boek er ligt en ze twee kleine kinderen hebben, blijven ze zoveel mogelijk naar buiten gaan. ,,In de zomer is het makkelijk, maar wij blijven proberen de andere seizoenen ook recht doen”, zegt Koen. Hij tracht elke dag zoveel mogelijk buiten te zijn. ,,Het is als met een koud bad. Het eerste moment is even pittig, maar als je daar eenmaal doorheen bent, is het heerlijk.”

En de rest van het gezin gaat daar in mee. Een paar maanden geleden lag Gina hoogzwanger ’s nachts het liefst buiten in de hangmat. Nu Pippin er is, doet hij veel van zijn middagslaapjes in de kinderwagen in de tuin. Zo tegen de schemering komt de bosuil tevoorschijn. En zo nu en dan vliegen de kraanvogels over richting hun foerageergebied. Prachtige Drentse natuur om van te genieten, al mag het misschien niet zo heten.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe
Aanrader van de redactie
menu