Leven met corona is leven op de handrem. Moeilijk, zeggen deze inwoners van Drenthe en Groningen

Beschaafd applaus op de tribunes van FC Emmen. Foto: Boudewijn Benting

Niet de testcapaciteit, maar ons gedrag is het probleem, zegt RIVM-baas Jaap van Dissel. Om het oplaaiende coronavirus te stoppen, moeten we strikter zijn in het naleven van de maatregelen. Leven op de handrem. Lukt dat altijd? Een ronde door Groningen en Drenthe in het weekeinde.

Voetbalsupporters in Nederland spelen met vuur. Mondjesmaat mogen ze de stadions in. Maar daar kleven strenge voorwaarden aan. ‘Zitten en je bek houden’, zei de minister-president het vorige week onverbloemd.

Voetbal op 1,5 meter? Er is geen bal aan

De afgelopen week ging het twee keer mis en dus waarschuwt het kabinet. Bij nieuwe misstanden komen supporters de stadions niet meer in.

Als dat gebeurt, komt dat niet door de supporters van FC Emmen. Het Emmer publiek gedraagt zich in de wedstrijd tegen Willem II haast voorbeeldig. De in grote hoeveelheden aangeschafte shirts met de nieuwe shirtsponsor erop zijn nog onderweg en dus nog niet te zien op de Meerdijk. Maar er is wel onderlinge afstand, geen spreekkoren, gepast applaus en (houd je ook maar eens in) een korte juichgolf als Michael de Leeuw al snel scoort.

Dit is het oude Emmen niet

Maar leuk? Leuk is het niet. ,,Dit het oude Emmen niet’’, zegt een supporter. ,,Er is geen reet aan zo’’, valt een medesupporter haar bij. De Brigata Fanatico vindt dat ook. Een deel van de fanatieke Emmen-aanhang volgt de wedstrijd in een kroeg. „Want sfeer maken op anderhalve meter, daarvoor zijn we niet opgericht.”

Hoogleraar sociale psychologie van de RUG, Tom Postmes begrijpt dat helemaal. ,,Voetbal op anderhalve meter, daar lijkt me geen bal aan. Het is als muziek maken op een stoeptegel. Er komt geluid, maar het is niks. Mensen zoeken contact, zeker in een stadion. Daar zit geen tussenweg in.’’

Angst voor het virus is minder aanwezig

Een van de grootste evenementen dit weekeinde is de Gamma Racing Day in Assen. Het beperkte aantal zitplaatsen op het TT-circuit is snel gevuld: Volgeboekt! Geen kaart meer beschikbaar, meldt de website.

Op vrijdagmiddag proberen toch nog binnen te komen is kansloos. Mails blijven onbeantwoord, de telefoon in de wacht. Een poging aan de poort zaterdagochtend is nutteloos. De steward is onverbiddelijk.

Acht man in een camper

Een organisatie die je coronaproof kunt noemen. En toch blijft het moeilijk. ,,Het is gewoon heel lastig’’, merkt de steward op. ,,Er stopte verderop net een camper. Daar kwamen acht mannen uit. Ik geloof geen seconde dat dat een gezin was.’’

De angst voor het virus is minder manifest, meent Postmes. ,,In de eerste weken van corona, was het er wel. Mensen pasten zich heel snel aan. Het afstand houden werd heel goed nageleefd. Toch zag je ook al vrij snel dat mensen versoepelden. Dat duidt erop dat mensen leren om met risico’s te leven. Je weet dat er gevaar is, maar dat is iets abstracts. Het is ontkoppeld van je dagelijkse doen en laten. De angst voor het virus is op sommige plekken voelbaar weggevallen.’’

Je ziet dat mensen elkaar corrigeren

Met ruim 20 miljoen bezoekers per jaar is de Groninger binnenstad altijd een attractie. Toch ziet frietbakker Harry Waterloo dat het een stuk minder druk is dan andere jaren. Met zijn frietimperium Belg Waterloo is Waterloo in ruim dertig jaar een soort thermometer van de binnenstad geworden.

Weinig ontgaat hem. ,,Coronaregels. Ik geloof wel dat ze hier overdag worden nageleefd. Als ik het moet schatten zeg ik dat in 95 procent van de gevallen de mensen afstand houden. Mensen corrigeren elkaar ook.’’

Waarom gaat het toch mis in Groningen? Alcohol, vermoedt Waterloo. ,,Dan gaat de rem eraf.’’

Het handpompje gebruiken is geen keuze, het is een plicht

Nu de cijfers in rap tempo oplopen, moet de rem er overal weer op. Vindt ook Postmes. Maar krijg de mensen maar weer in het keurslijf. Hoe leg je die puzzel, zegt hij.

Volgens de hoogleraar is bij een deel van de mensen de angst voor corona weg. ,,Je moet mensen er blijvend aan herinneren dat er echt iets aan de hand is. Dat kan al op heel laag niveau. Een handpompje in de winkel bijvoorbeeld. Die staan er nog wel, maar vaak zo opgesteld dat het een keuze is er gebruik van te maken. Maar het is geen keuze, het is een plicht. En zo moet het pompje er ook staan.’’

menu