Vrouwe Justitia.

Man (42) uit Assen pleegt overvallen om vriendin te redden van de dood

Vrouwe Justitia. ANP

Een 42-jarige man uit Assen pleegde een reeks overvallen en inbraken om zijn vriendin van de dood te redden. De laatste overval in de Poiesz in Assen voorkwam hij zelf door de bedrijfsleider aan te spreken. ,,Ik zei dat hij de politie moest bellen, omdat ik anders domme dingen zou doen.’’ Eis: vier jaar gevangenisstraf.

Het klinkt als een ongelofelijk verhaal, maar toch wordt het gaandeweg de rechtszaak steeds duidelijker dat er zich heel wat heeft afgespeeld vóórdat de Assenaar in februari dit jaar besloot cafetaria Boemerang en supermarkt Poiesz in zijn woonplaats te overvallen.

Nee, hij was geen lieverdje, dat blijkt wel uit zijn strafblad. Bij de politie gaf hij toe dat hij voor een inbraak zijn hand niet omdraait. En ook huiselijk geweld is hem niet vreemd, vandaar dat hij vorig jaar in behandeling ging bij de GGZ in Zuidlaren.

Ontmoeting met vriendin en ontsporing

Daar ontmoette hij M. Zij was er ook in behandeling. Ze besluiten samen een nieuw leven te beginnen en vertrekken tegen de wens van de instelling uit de kliniek. Nadat ze zich vestigen in Nieuw-Buinen, vindt hij een baan als dakdekker maar blijkt de vrouw zoveel drugs te gebruiken dat ze hun kosten niet meer kunnen betalen. Hij raakt zijn baan kwijt en gaat zwerven. Daar begint de ellende. Hij komt ene B. tegen uit Assen, die heel vriendelijk aanbiedt dat hij wel bij hem mag wonen in Baggelhuizen en hij heeft ook nog wel wat klusjes voor hem.

Koppel wordt met brandstof overgoten, de een moet de ander aansteken van B.

De verdachte belt na een paar dagen zijn vriendin op, ook zij is welkom bij B. Dan gaat het faliekant mis. B. zorgt voor drugs waar ze alledrie van gebruiken en zo bouwt het koppel volgens hem een fikse schuld op. Die schuld moet betaald worden. Omdat vriendin zich al prostitueerde voor drugs, besluit B. dat ze wel meer klanten kan ontvangen in zijn huis. Hij, plaatst een seksadvertentie op internet, bestelt condooms voor haar en regelt de klanten. Elke dag meer dan ze aankan.

Het levert volgens B. toch nog te weinig geld op. Hij begint het koppel te mishandelen en te bedreigen. Uit meerdere verklaringen, blijkt dat hij met een koevoet dreigt, met de botte kant op haar handen slaat, haar vastbindt en overgiet met brandstof en dan tegen de verdachte zegt dat hij haar aan moet steken.

Verdachte: ,,Dat wilde ik niet, toen heb ik gevraagd of dit om het geld ging, omdat ik dat dan wel zou regelen.’’ Een roof- en inbraaktocht van een week volgt, waarbij de man naar eigen zeggen steeds wanhopiger wordt om het geld bij elkaar te verzamelen. ,,Ik dacht dat zij eraan zou gaan. Het beeld dat zij in bed lag met overal bloed om haar heen, krijg ik niet uit mijn hoofd.’’ B. zegt ( te horen op een geluidsfragment) dat de man de cafetaria Boemerang in Assen moet overvallen. Dat doet hij en hij maakt enkele honderden euro’s buit. Hij bezorgt de eigenaresse van de cafetaria ook een flink trauma, door al zwaaiend met een mes binnen te komen.

Assenaar zegt tegen bedrijfsleider: bel de politie, anders ga ik domme dingen doen

Zelf bedenkt hij dat hij ook de supermarkt kan overvallen, en dat doet hij dan ook. Ook daar raken de medewerkers getraumatiseerd, die vervolgens psychische hulp nodig hebben om weer te durven werken. Bij de laatste overval die hij wil plegen, breekt hij. Hij zegt tegen de bedrijfsleider dat hij de politie wil bellen, omdat hij van plan is een overval te plegen. De bedrijfsleider laat hem vervolgens 112 bellen met zijn telefoon. Echt gebeurd. ,,Ik heb heel bewust een biertje gedronken in het besef dat het de laatste was. Ik ben geen onbekende met justitie en wist dat voor mijn feiten een paar jaar gevangenis zou staan.’’

In verhoren bij de politie bekent hij een reeks van zaken, ook inbraken waarbij de politie hem nog niet als verdachte in het vizier had. ,,Ik kon niet meer, ik moest eruit. Maar het was wel de bedoeling B. met me mee naar beneden te halen.’’ Waarom hij niet vertrok uit het huis? ,,Ik was bang, B. zei dat er een organisatie achter hem zat.’’ B. zit overigens in voorarrest vanwege deze zaak .

Eis: vier jaar celstraf

Zijn advocaat pleit ervoor hem geen straf te geven, omdat het hij gehandeld heeft door psychische overmacht. ,,Zonder de dwang van B. had hij dit nooit gedaan. Al het geld moest hij direct afgeven. Hij had geen keus.’’ De officier van justitie is het daar niet mee eens en eist vier jaar gevangenisstraf en schadevergoedingen voor de gedupeerden.

Uitspraak over twee weken.


menu