Marketing Drenthe heeft, samen met vijftien andere marketingorganisaties in de toerismesector, een actieplan overhandigd aan informateur Herman Tjeenk Willink. De belangrijkste boodschap: onze sector verdient landelijke aandacht.

De zestien organisaties waaronder Marketing Drenthe hopen dat het actieplan weerslag vindt in het regeerakkoord. ,,We willen landelijk het signaal afgeven dat onze sector structureel aandacht verdient. Het belang van toerisme wordt onderschat”, zegt directeur van Marketing Drenthe Astrid Crum.

Staatssecretaris voor Toerisme

Het opvallendste punt uit het actieplan: de aanstelling van een staatssecretaris voor Toerisme. Met toerisme wordt in Nederland net zoveel geld verdiend als de landbouwsector, schrijven de organisaties. Die sector heeft een eigen ministerie. ,,Nu zijn twee ambtenaren op het ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) verantwoordelijk voor het toerisme. Die hebben vooral contact met het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen, maar dat gaat vooral over Nederland in het buitenland vermarkten.”

Terwijl de sector veel meer omvat dan dat, stellen de organisaties. ,,Toerisme en recreatie gaat letterlijk grenzen over, ook beleidsgrenzen. De overlap tussen toerisme en andere beleidsterreinen, bijvoorbeeld natuur, is er altijd”, zegt Crum. Toerisme heeft bijvoorbeeld een sterke samenhang met het aanbod aan dagattracties en horeca, maar is ook sterk van invloed op beleid rondom regionale vliegvelden en werkgelegenheid.

Het aanstellen van een staatssecretaris moet er bovendien voor zorgen dat afscheid kan worden genomen van het ‘verkokerde beleid’. ,,Hoe gaan we bijvoorbeeld zorgen voor een goede spreiding van de toeristen over ons land zodra de boel weer open kan? De blik lag wat dat betreft altijd erg op de Randstad, terwijl de ene regio het probleem van de andere misschien wel kan oplossen”, stelt Crum.

Herstelfonds

Ook vragen de organisaties om een uitgebreid herstelfonds na corona. Landelijk zijn de zorgen over het omvallen van toeristische ondernemingen groot. ,,Ik denk dat wij in Drenthe geluk hebben omdat we niet afhankelijk zijn van zakelijke én buitenlandse toeristen”, schetst Crum. ,,In Amsterdam zijn ze dat wel. Daar wordt het een kaalslag. Dat is absoluut onvergelijkbaar.”

Crum denkt dat Den Haag niet voor het laatst heeft gehoord van de toeristische organisaties. ,,We moeten ook wel een beetje de hand in eigen boezem steken, onze lobby is nog niet zo sterk. Onze sector is divers en heeft denk ik ook wat last van groeistuipen. Wij zien dit echt wel als het begin van meer.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe