Sanne Smid werkt voor Discriminatie Meldpunt Groningen

Discriminatie neemt toe in een samenleving op scherp: 'Coronaregels zetten mensen in hokjes'

Sanne Smid werkt voor Discriminatie Meldpunt Groningen Foto: Siese Veenstra

In onzekere tijden, zoals nu, hebben we vaak minder begrip voor elkaar. De samenleving staat op scherp en dat werkt discriminatie in de hand. Daarom start Dagblad van het Noorden een serie portretten van mensen die geraakt worden door discriminatie.Vandaag aflevering 1: discriminatie is meer dan cijfers.

Het was lollig bedoeld, het coronalied ‘Voorkomen is beter dan Chinezen’, dat zelfs op landelijke radio werd uitgezonden. Al aan de vooravond van de ‘intelligente lockdown’ in maart kwamen bij discriminatiemeldpunten in het hele land, ook in Groningen en Drenthe, meldingen binnen van mensen met een Aziatisch uiterlijk die pesterijen en uitsluiting ervaarden door dat ‘lollige’ lied.

De samenleving staat op scherp in tijden van crisis. We moeten afstand houden, zoveel mogelijk thuis werken, er zijn andere strenge regels waardoor we minder met elkaar omgaan. We trekken ons dus terug.

‘Gevoel van onveiligheid en onzekerheid’

Al snel na het begin van de lockdown komen meer meldingen binnen bij de discriminatiemeldpunten. ,,Van mensen die een gevoel van onveiligheid en onzekerheid omschrijven’’, zegt Sanne Smid, directeur van het Discriminatie Meldpunt Groningen.

,,Mensen met overgewicht die zich zorgen maken over stigmatisering. Ze krijgen te horen dat het hun eigen schuld is als ze komen te overlijden als ze besmet raken met het coronavirus.''

,,Blinde mensen die in de problemen komen in het openbaar vervoer, omdat ineens iedereen aan de achterkant moet instappen, terwijl zij toch echt de aanwijzingen van de chauffeur nodig hebben. En in winkels kunnen ze de nieuwe anderhalvemeteraanduidingen niet zien.’’

De regels die worden bedacht roepen vraagtekens op, zeggen Smid en haar collega Lisette Trinks-Spendel, coördinator bij het discriminatiemeldpunt in Drenthe.

Om grote groepen mensen te reguleren worden regels bedacht waarbij mensen ineens op grond van hun leeftijd in hokjes geplaatst worden, leggen beide vrouwen uit. Vanuit een crisissituatie bezien is dat wellicht legitiem, maar hoe lang en hoe ver mag je hierin gaan? En wie bepaalt of een grens wordt overschreden?

Mensen die vergeten worden

Het is niet zo dat er meteen antwoorden zijn op die vragen. Wel hebben ze geleid tot het project ‘Verhalen van NU!’, een initiatief van het Discriminatie Meldpunt Groningen, de provincie en Vereniging van Groninger Gemeenten (VGG).

Verhalen over mensen die in tijden van social distancing vergeten worden of zichzelf onvoldoende zichtbaar kunnen maken. Verhalen die op een digitaal platform (en deels in een kortlopende serie bij DVHN, zie kader) verschijnen.

,,We doen dit om meer nabijheid te creëren en inzicht in anderen te geven’’, legt Smid uit. ,,Iedere gemeente streeft ernaar dat inwoners kunnen meedoen in de maatschappij. Ongeacht achtergrond, status, geslacht, leeftijd en andere kenmerken en omstandigheden.''

,,Bijvoorbeeld laaggeletterden en anderstaligen moeten net zoveel kunnen meekrijgen van wat onze rechten zijn in deze crisis. Juist in deze tijden van afstand is het belangrijk om ervoor te zorgen dat alle mensen zichtbaar blijven. Bekend maakt bemind.”

‘Onderscheid op basis van kenmerken die er niet toe doen’

Om verwarring te voorkomen, discriminatie gaat niet alleen over racisme, waar recent veel aandacht voor is door de Black Lives Matter-beweging.

Trinks-Spendel: ,,In de kern is het: onderscheid maken tussen mensen op basis van kenmerken die er niet toe doen. Kleur, een handicap - zichtbaar en onzichtbaar -, leeftijd, allemaal kenmerken die er niet toe doen. Maar op basis daarvan krijgen mensen toch te maken met bijvoorbeeld beledigingen, geweld of bedreiging. Op het werk, in de eigen wijk, in winkels, andere openbare voorzieningen. ‘’

Smid: ,,Maar soms zijn het ook regels die bijvoorbeeld in een sollicitatieprocedure worden toegepast en onbedoeld mensen uitsluiten. Sommige mensen schrikken heel erg wanneer wij contact met ze opnemen, omdat ze bij iemand anders het gevoel hebben veroorzaakt dat ze worden gediscrimineerd.’’

Ernst niet in cijfers uit te drukken

De vraag hoe ‘groot’ het probleem is, wil Smid graag beantwoorden. Vooral om duidelijk te maken dat niet alles vanuit cijfers moet worden benaderd.

,,Als je iets vanuit de cijfers benadert, laat je daar ook de ernst van afhangen. En dat is precies waar discriminatie zich niet voor leent’’, zegt ze.

,,De ernst van wat een ander overkomt moet je niet in cijfers uitdrukken om dan vervolgens te analyseren: dan is het wel heel erg, of: dan valt het wel mee. Wie bepaalt wanneer een aantal groot is of juist niet? Wie bepaalt wanneer discriminatie ergens een probleem is? Doet de maatschappij dat? En hoe dan?’’

Bovendien komt het nogal eens voor dat mensen pas melding maken van discriminatie wanneer de spreekwoordelijke druppel de emmer heeft doen overlopen. De druppel wordt geturfd, maar wat er in de emmer zit, is soms een jarenlange ervaring met pesterijen, beledigingen en uitsluiting.

Discriminatie bestaat, dus bestaat het probleem, zou je kunnen zeggen.

Verhuurder wilde geen ‘buitenlanders’

Een voorbeeld dat Trinks-Spendel vaak gebruikt, is het verhaal van een mevrouw die een woning zou huren. De verhuurder nam contact met haar op om te zeggen dat de verhuur toch niet doorging, omdat hij op haar Facebookpagina een foto had gezien van haar met ‘een donkere man’. Dat bleek haar vriend te zijn en de verhuurder wilde ‘geen buitenlanders’ in zijn woning.

,,We steken als meldpunt heel veel tijd in naamsbekendheid’’, zegt Trinks-Spendel. ,,Mensen moeten weten dat ze ervaringen met discriminatie bij ons kunnen melden en dat wij daar vervolgens iets mee doen.''

,,Waar we vooral heel veel aandacht aan besteden is voorlichting op basisscholen. Ik denk dat we ongeveer vijftig klassen per jaar spelenderwijs laten kennis maken. We moeten jong beginnen en kinderen in groep 8 leren dat er veel verschillen zijn tussen mensen qua geloof, kleur, seksuele geaardheid, dat mensen een handicap kunnen hebben en dat dat allemaal prima is. Dat je mag zijn wie je bent en dat iedereen mee moet kunnen doen in onze maatschappij.’’

menu