Elsbeth Regelink (rechts) werpt zich op als voor luiers en babydoekjes. Haar schoonmoeder Paula van Eerden haakt aan.

Elsbeth Regelink uit Meppel werpt zich op als inleverpunt van luieractie voor kinderen op Lesbos. Haar schoonmoeder doet ook mee: ‘Ik raak ontdaan van de beelden’

Elsbeth Regelink (rechts) werpt zich op als voor luiers en babydoekjes. Haar schoonmoeder Paula van Eerden haakt aan. Foto: Daan Prest

Ouders die het voor hun jonge kinderen moeten doen met vijf tot tien luiers in de week, dat kon Elsbeth Regelink nauwelijks aanhoren. Maar toch gebeurt het, in het kamp op Lesbos waar 14.000 vluchtelingen bijeen zitten. Elsbeth wierp zich op als inleverpunt van de landelijke actie voor luiers en babydoekjes. Haar schoonmoeder Paula van Eerden uit Nijeveen haakte aan.

„Als ik het op televisie zie, zet ik hem uit. Ik kan het gewoon niet aanzien, raak er helemaal ontdaan van”, vertelt Paula. Na het initiatief van haar schoondochter verdiepte ze zich in de cijfers. Ze was geschokt. „Vijf luiers in de week, betekent 0,71 luier per dag per kind. Tien luiers in de week, is bijna 1,5 luier per dag. Dat is vreselijk. Luiers zijn voor kleine kinderen een eerste levensbehoefte. Als een baby huilt, heeft ‘ie honger of een vieze luier. Zo basaal is het.”

Naast het adres van Elsbeth Regelink aan de Dokter Curtiusstraat 31 in Meppel, kunnen luiers en babydoekjes dus ook worden afgeleverd bij Paula van Eerden aan de Lijsterstraat 5 in Nijeveen. Zij zorgen ervoor dat de pakketten in het distributiecentrum terecht komen, waar vandaan ze naar Griekenland worden vervoerd. In verband met het coronavirus kunnen de spullen op beide adressen voor de voordeur worden afgezet. Als het gewenst is, wil het duo de hulppakketjes binnen de gemeentegrenzen van Meppel ook van huis ophalen. Ze nemen geen open pakken of losse en herbruikbare luiers in.

Veel kinderen in vluchtelingenkamp

De actie ‘Luiers voor Lesbos’ is van Stichting Christian Refugee Relief. Per week zijn er in het vluchtelingenkamp gemiddeld 15.000 luiers nodig. Paula: „Van de 14.000 vluchtelingen in het kamp, is 23 procent vrouw, 38 procent man en 39 procent kind. Het grootste aandeel is dus ook nog kind. Ouders die ervaring hebben, kunnen wel nagaan hoe het er daar voor staat. De dagbehoefte aan luiers krijgen ze daar in een week. Ze leven in tentjes van twee bij twee meter. De gezinnen kunnen niet naar buiten, omdat het een bende is of onveilig. Als een kind dan een vieze broek heeft, kun je wel nagaan welke situatie er ontstaat.”

„Als kinderen tandjes krijgen, krijgen ze ook nog eens scherpe, rode billen. Als ze dan alleen al plassen, gillen ze het uit. Moet je nagaan wat er gebeurt als ook hun luier nog eens niet wordt verschoond.”

Eindsprint

De actie loopt tot 1 november, maar Paula zou graag willen dat er een doorlopende inzameling volgt. „Ik hoop in ieder geval dat we komende halve maand nog een goede eindsprint maken. Natuurlijk hebben mensen in Nederland ook andere problemen en corona helpt ons daarbij niet, maar in principe kost het niet veel moeite een pak luiers te halen en bij ons te brengen of bij je thuis te laten ophalen. Het hoeft niet duur te zijn, een pak luiers en babydoekjes van de Action is ook goed. Er zijn vaak aanbiedingen, we attenderen op 1+1 acties. Je kunt er zoveel kinderen mee helpen. De kinderen krijgen slecht te eten en hebben stress. Kinderen plassen lang in bed vanwege die stress. De mensen vluchten niet voor niets. We weten niet wat er speelt en allemaal heeft gespeeld en een kind kan er nooit wat aan doen, dat is het ergste.”

Paula heeft zelf vijf kinderen en stevent af op haar vijfde kleinkind. Ze weet er dus alles van. „Ja, ik verschoon ze ook nog weleens, maar ik denk dat iedere vrouw die menstrueert zich er wel iets bij voor kan stellen. Ieder mens kan aanvoelen dat dit een eerste levensbehoefte is. Ik hoop dat het een continue actie wordt, maar het liefst hoop ik dat het op enig moment niet meer nodig is.”

menu