Minder praatjes voor de postbode, meer kaartjes voor oma: corona zorgt voor drukte bij de post

Jan Beugel (65) is al tien jaar postbode in Westerbork. Zo druk als nu heeft hij het zelden. ,,Mensen sturen veel meer kaartjes. Voor oma.”

Beugel maakt zich klaar voor de tweede bezorgronde van de dag. In het gebouw van ijsvereniging Kruumtsedrei haalt hij zijn post op, te bezorgen in het centrum van het dorp. ,,Normaal hebben we altijd vier zakken. Nu zijn het er zes.” Het verschil is vooral zichtbaar sinds de verpleeghuizen geen bezoek meer mogen ontvangen. Met een tangetje knipt hij de postzakken open om de in Assen gesorteerde post over te laden in zijn fietstassen. ,,Kijk, er zitten ook veel meer pakjes bij. Mensen bestellen nu veel meer via de computer.”

‘Veel persoonlijker’

Normaal gesproken neemt hij alle post in één keer mee. Dat lukt nu niet. ,,Ik moet nog een keer op en neer naar het depot. De drukte betekent extra fietsen voor ons.” Beugel doet een laatste check. ,,Hoofdstraat 11, 13... Die doe ik straks, die ook”, mompelt hij, gebogen over de poststukken. Hij draait zich om met een klein groen pakketje in de hand. ,,Kijk. Voor oma Bertha. En daar nog één, ook voor oma. Toch mooi, dat ze dat doen. Het ouderwetse komt weer terug.” Hij vindt het prachtig. Post is, volgens de postbode, veel persoonlijker dan een Facebookberichtje of een mail.

„Ha die Jan, hou je taai hè?”, roept een voorbijkomende fietser. De postbode trekt ondertussen plastic handschoentjes aan. Niet verplicht, maar het voelt veilig. ,,Ik las dat corona ook op papier kan achterblijven. Nu schijnt het wel mee te vallen, maar toe maar. Ik hoor zelf ook bij de kwetsbare groep.” Toch maakt hij zich over zijn eigen gezondheid niet zo’n zorgen. Hij probeert afstand te houden en wast zijn handen veel. Zijn werkgever heeft voldoende flesjes desinfectiemiddel besteld.

Minder praatjes

Voordat hij postbode werd, werkte Beugel achter een bureau. ,,Ik vind dit prachtig werk. Je komt veel mensen tegen, je bent altijd in de buitenlucht..” Op een dag als vandaag, met een stralend zonnetje, is dat absoluut geen straf. ,,Maar het is zo onwezenlijk. Normaal gesproken zouden de terrassen in het dorp vol zitten. Nu zijn de straten leeg.”

Juist van een praatje geniet Beugel. En die zijn er nu een stuk minder dan anders. ,,Ach, ik doe gewoon mijn werk. Maar mensen vinden het mooier dan anders dat ik kom. Dan zijn ze blij dat ik de Voetbal International gebracht heb. Hebben ze weer wat te lezen.” Beugel fietst verder. Bij meneer en mevrouw Dekker aan het Gualthérie van Weezelplein gaat ook wat in de bus. Niks dat afwijkt van het normale. ,,Goede doelen”, bromt de 88-jarige meneer Dekker.

‘Pas goed op jullie zelf’

Geen kaartjes, de afgelopen tijd? ,,Ja toch. Eentje van mijn kleindochter. Dat vond ik mooi.” Hij loopt naar binnen om de kaart te pakken. ‘Big hug’ staat op de vrolijke voorkant. ‘Pas goed op jullie zelf’, schrijft kleindochter Nikki. ,,Ach, je kan je wel zorgen maken, maar je weet toch nooit hoe het afloopt”, zegt mevrouw Dekker, die ook even komt kijken wie voor de deur staat.

Beugel heeft de vaart er ondertussen flink in. Via de winkels aan het Van Weezelplein fietst hij naar de Hoofdstraat. Bij Hennie Bork (72) gooit hij een stapel tijdschriften door de bus. ,,Libelle, Televizier, het blad van de historische vereniging”, somt ze op. ,,U hoeft helemaal de deur niet uit met zoveel te lezen”, aldus de goedgemutste postbode.

Dinsdag vielen bij haar een boel kaartjes door de brievenbus. ,,Ik was jarig. Ja, dat was een rare verjaardag”, knikt Bork. ,,De kinderen en kleinkinderen kwamen niet op bezoek. Maar van ‘s ochtends tot ‘s avonds kreeg ik telefoontjes en appjes.” Nu zint ze op een barbecue in de zomer. Of anders viert ze het samen met haar man, in november. ,,We zien wel. Als we maar gezond blijven.”

Attent kind

Door naar de Brinklaan. ,,De mensen aan het einde van de straat krijgen elke dag een kaartje”, weet de postbode. Op de hoek installeren Ton en Frits Tempelmann zich net in het zonnetje voor hun huis. Met een ijsje. Ton Tempelmann pakt het kaartje, geadresseerd aan ‘spap en smam’ gretig aan. Naar de afzender hoeft het echtpaar niet te raden, hij komt van hun dochter uit Noord-Brabant. ,,Ik denk dat ze hier een dag of tien geleden mee begonnen is”, vertelt ‘smam’.

Terwijl Frits Tempelmann en de postbode discussiëren over de ligging van Annelots woonplaats Nistelrode begint Ton Tempelmann te lezen. ,,Deze is van Molly Malone, Frits!”, roept ze uit. ,,Daar zijn we allemaal dol op”, verklaart ze. Elke dag schrijft haar dochter over wat zij en haar gezin meemaken in Noord-Brabant. Deze keer: herinneringen aan een vakantie. Ton Tempelmann lacht hartelijk om de anekdotes op de kaart.

De dochter van de Tempelmanns werkt bij de GGD en heeft het razend druk. ,,Ik dacht: er komt eens een kaartje, dan weer eens niks, maar nu al dagen achter elkaar. Ze heeft het zo druk en dan doet ze dit, ik vind het geweldig”, zegt haar moeder. ,,Ik denk steeds: wat een attent kind hebben we toch.”

Beugel zwaait en stapt weer op de fiets. ,,Dit moet niet te lang doorgaan, hè? Maar je kunt zien dat men nu anders contact zoekt. Een beetje persoonlijker, een beetje menselijker. Ieder nadeel heeft zijn voordeel.”

En weg is hij.

menu