Sandra Hoekman toont oude Drentse bouwvoorwerpen. Zo ook een uurwerk dat waarschijnlijk in een kerk van Diever heeft gezeten.

Munitiemagazijn in Nieuw-Balinge moet restauratievak in Drenthe een impuls geven

Sandra Hoekman toont oude Drentse bouwvoorwerpen. Zo ook een uurwerk dat waarschijnlijk in een kerk van Diever heeft gezeten. Foto: Gerrit Boer

Drenthe telt veel monumenten. Maar door een tekort aan restauratievaklieden zijn ze moeilijk in goede staat te houden. Een oud munitiemagazijn in Nieuw-Balinge moet het tij keren.

Verrassend misschien voor wie meent dat Drenthe vooral uit bos en heide bestaat. Toch is het een feit: de provincie staat, zit en ligt vol monumenten. Het aanbod is ook nog eens heel gevarieerd. Het reikt van eeuwenoude kerken en boerderijen tot industrieel erfgoed en van statige havezates tot bijzondere archeologische vondsten.

Het is dan ook geen toeval dat Drenthe, behalve rijks- en gemeentelijke monumenten, ook provinciale monumenten telt. Alleen Noord-Holland kent eveneens een lijst met monumenten die op provinciale bescherming kunnen rekenen. Cijfers? Verspreid over Drenthe vinden we op de kop af 1260 rijks- en 307 provinciale monumenten. Assen, Emmen, Meppel en Westerveld kennen daarnaast gemeentelijke monumenten: 352 in totaal.

Regelmatig en vakkundig onderhoud nodig

Wat een rijkdom, al die monumenten! Alleen: ze hebben is één, ze in goede staat houden is twee. Daar nu wringt steeds vaker de schoen.

Het ‘gebouwde erfgoed’ met name vraagt om regelmatig én vakkundig onderhoud. Er zijn gespecialiseerde vaklieden bij nodig. Een metselaar, timmerman of stukadoor die altijd in de nieuwbouw heeft gewerkt, kun je niet van de ene op de andere dag op de steiger zetten bij een veertiende-eeuws kerkgebouw. Zulke klussen laat je bij voorkeur over aan gecertificeerde aannemers.

Maar terwijl het aantal opdrachten toeneemt, en daarmee ook de vraag naar de specialisten, is in de restauratiesector al jaren sprake van leegloop. De vergrijzing heeft er toegeslagen, terwijl de instroom van jonge restauratievaklieden achterblijft.

Depot is nog in opbouw

Dat is ook in Drenthe een toenemend probleem. Voor de provincie was het recent aanleiding geld uit te trekken voor de sector. Er gaat 120.000 euro per jaar naar het Depot historische en oude bouwmaterialen in Nieuw-Balinge. Het is op dit moment nog een depot-in-opbouw, ondergebracht in het voormalige munitiecomplex in het Mantingerveld. De verbouw, om het complex de nieuwe bestemming te kunnen geven, is al in volle gang. Straks zwaait hier niet meer Defensie maar de stichting Erfgoed Arsenaal Drenthe de scepter.

Stichtingsvoorzitter Sandra Hoekman hoopt vurig dat het depot volgend jaar op Monumentendag, traditiegetrouw in september, de poort kan openen. Voor tekst en uitleg ontvangt ze al op het vroegere munitiecomplex, dat jaren leeg heeft gestaan. Daar wacht ook Cees Bijl, de gedeputeerde die de knip trok voor dit initiatief. Hierbij, zo is de bedoeling, snijdt het mes straks aan twee kanten.

Collectie bouwmaterialen

Want het depot, de naam zegt het al, moet niet alleen helpen om in Drenthe het restauratievak een impuls te geven, er zal ook een collectie bouwmaterialen worden aangelegd. Daar is al een begin mee gemaakt. ,,Afkomstig van monumenten en bedoeld om bij andere monumenten te worden hergebruikt”, vat Hoekman samen. Want zoals een standaard tegelzetter zich niet onmiddellijk raad weet met eeuwenoude plavuizen, zo ga je de antieke voordeur van een achttiende-eeuws landhuis ook niet zomaar vervangen door een model van de Gamma.

Erfgoed Arsenaal Drenthe is een nog jonge stichting. Voorzitter Hoekman is ondernemer. Haar bureau Hoekmans ontwikkelde al eens lesprogramma’s en ontwerpwedstrijden voor Drentse middelbare scholieren, om die te betrekken bij de verdubbeling van de N34 tussen Emmen en Coevorden. April dit jaar zette Hoekman in het kader van Girlsday een programma op poten om 55 meisjes op het Carmelcollege in Emmen te laten kennismaken met techniek en ICT.

Munitiemagazijn na Koude Oorlog overbodig

Het complex in Nieuw-Balinge is een van de ongeveer honderd Nederlandse munitiemagazijnen die tussen 1951 en 1962 zijn gebouwd. Na het einde van de Koude Oorlog werden ze overbodig. Op het terrein in het Mantingerveld, tegenwoordig van Natuurmonumenten, staan acht grote, met aarde afgedekte bunkers plus twaalf bovengrondse loodsen. Het wachten was op een herbestemming van het complex, een rijksmonument. Die is nu gevonden.

Er is al een begin gemaakt met de opslag van historische bouwmaterialen. ,,Deuren, wandtegels, balken en gebinten, houtsnijwerk, glas-in-lood, kachels en bedstedes”, somt Hoekman op. ,,Deels gaat het om materialen uit de eeuwenoude havezate Oldengaerde bij Dwingeloo.’’ Deze is gerestaureerd, waarbij delen van het interieur zijn vervangen. Volgens de stichtingsvoorzitter beschikt Erfgoed Arsenaal Drenthe over een dusdanig netwerk in de provincie dat een vlotte aanvulling van de verzameling in Nieuw-Balinge geen probleem hoeft te zijn. ,,We hebben goede contacten met de in restauratie gespecialiseerde aannemers.”

Cees Bijl: ‘Zoek elkaar op en help elkaar!’

Materialen als deze zijn ‘van monumenten, voor monumenten’, vat ze het depotbeleid samen. ,,Het is de bedoeling dat alles zo veel mogelijk in andere monumentale panden wordt hergebruikt. We checken of materialen niet worden doorverkocht.” Dat is ook om commerciële leveranciers niet het brood uit de mond te stoten. Gedeputeerde Bijl: ,,Zoek elkaar op en help elkaar! De informele contacten zullen dit depot gaan dragen. Ik heb daar vertrouwen in. Drenthe is bij uitstek goed in informele contacten.”

Volgens Hoekman loopt Drenthe mee voorop met dit depot. ,,Voor zo ver ik weet is er verder alleen nog eentje in Delden, bij Hengelo.” Vrijwilligers runnen het depot. Het gaat om een groep mensen met PTSS, posttraumatische stressstoornis.

Voorlichting aan middelbare scholieren

Dit moet straks ook dé plek in Drenthe worden om het ambacht van restaurator een boost te geven. Voorlichting en onderwijsprojecten worden een voorname pijler en Hoekman zit wat dit betreft vol ideeën. ,,Erfgoed Arsenaal Drenthe richt zich met name op eerste- en tweedeklassers in het voortgezet onderwijs. Die hebben nog de keus in welke richting ze verdergaan.” De gedeputeerde vult aan dat idealiter ook de ouders erbij worden betrokken: ,,Dan krijg je nadien goede gesprekken, thuis aan de keukentafel.”

Terwijl het al moeite kost de instroom in technische beroepen in het algemeen op gang te houden, neemt Erfgoed Arsenaal Drenthe er nog twee uitdagingen bovenop: interesse wekken voor een toekomst in de bouw en, meer speciaal, het restauratievak. Het hardnekkige imago van de bouw – zwaar werk in weer en wind – maakt de missie er niet eenvoudiger op. Toch heeft Hoekman goede hoop: ,,Restaureren is zulk mooi, ambachtelijk werk. Het is ook een misverstand te denken dat, omdat het om een ambacht gaat, alles met de hand moet worden gedaan, zoals vroeger. Er is nu zo veel nieuwe techniek beschikbaar.”

Bouwvakkers die zich willen specialiseren

De stichting zal haar pijlen ook nadrukkelijk richten op vaklieden die al ervaring hebben in de bouw en zich willen specialiseren. Hoekman vertelt dat hierover nauw contact is met onder meer Bouwmensen in Ruinen, een bekende Drentse opleider van bouwpersoneel. loading

Een ander plan tenslotte is om op het depot workshops te houden voor eigenaren van monumenten. Want kleinere klussen, denk aan het schilderen van een raampje, kunnen en willen ze soms best zelf doen. Dan komen praktische tips zeer van pas.

menu