Opinie: Stop met referenda

Het Drentse D66-Statenlid Jordy Tuin heeft genoeg van referenda. Wat hem betreft kan het kroonjuweel van zijn partij bij het grofvuil.

Ik heb me afzijdig gehouden, heb geen publiek debat bijgewoond, geen flyer uitgedeeld, niemand op straat willen overtuigen en mijn stempas bij het oud papier gedaan. Dat is bij iedere verkiezing in de afgelopen jaren wel anders geweest. Het voelde dan ook vreemd, zeker als politiek geëngageerd persoon, om op Twitter en Facebook allerlei campagne voerende partijgenoten te zien en zelf niets te ondernemen. Toch kon ik niet anders dan dit referendumcircus over het associatieverdrag met Oekraïne de rug toekeren. En ja, ook als D66’er.

Afkeer

Mijn afkeer van het referendum als instrument in onze democratie bestaat al zolang als ik me bewust ben van dit fenomeen. Ten eerste wordt het mandaat van een democratisch gekozen parlement ondermijnd. Kamerleden kunnen immers niet langer volledig zonder last of ruggespraak opereren. In feite wordt er tegelijkertijd afbreuk gedaan aan de legitimatie van de stem die je hebt uitgebracht tijdens de Kamerverkiezingen. Daarbij breng je je stem uit op een persoon, die je het vertrouwen geeft om jou de komende vier jaar te vertegenwoordigen. Met zoiets als een referendum en de deelname daaraan trek je dat vertrouwen min of meer in twijfel.

Onbestuurbaar

Daarnaast loopt een land als Nederland met referenda grote risico’s om onbestuurbaar te worden. Precedentwerking ligt namelijk op de loer. Onlangs pleitte de SP ervoor om ook een referendum uit te schrijven over het vrijhandelsverdrag met de Verenigde Staten. En mijn vermoeden is dat die lijst nog verder aangevuld zal worden als de huidige referendumwet ongewijzigd blijft.

Bezwaren

Kijkend naar de aard van het referendum over het associatieverdrag doemen er nog grotere bezwaren op. In tegenstelling tot een bindend referendum hebben politici bij dit raadgevende referendum de mogelijkheid om een uitspraak van de bevolking naast zich neer te leggen. Hoewel politici in dat geval wel in lijn met de wet handelen, zal tegelijkertijd de weerzin tegen ons democratisch bestel toenemen. De kritische geluiden over politici en de politiek als geheel kunnen we ons in zo’n situatie wel indenken. Het resultaat is dat de kloof tussen kiezer en gekozene eerder vergroot dan verkleind zal worden, terwijl voorstanders van het referendum het voor dat laatste allemaal zeggen te doen.

En dan zwijg ik nog maar over de grote sommen publiek geld die gemoeid zijn met dit ‘feest van de democratie’. Met de 50.000 euro belastinggeld ter besteding aan wc-rollen waarop de tekst van het associatieverdrag stond afgedrukt, hadden we beter uitgehongerde Syrische kinderen van voedsel kunnen voorzien. Blijkbaar wordt er echter meer waarde toegedicht aan campagnespeeltjes voor figuren die alles wat met de EU te maken heeft obsessief wensen te bekritiseren. En dat alles in een tijd waarin, en laat ik het maar eufemistisch uitdrukken, onze democratie en politici er niet al te rooskleurig opstaan.

Fundamenteel nadenken

Op basis van deze korte beschouwing valt de aard van onze (landelijke) representatieve democratie, zoals in de basis vormgegeven door Thorbecke in 1848, ook in de 21e eeuw met voldoende valide argumenten te verdedigen. Dit betekent echter niet dat we dienen te stoppen met nadenken over nieuwe vormen van democratie. Integendeel. We moeten fundamenteel gaan nadenken over de inrichting van ons democratisch bestel en vooral op lokaal niveau. De visie van de Belgische historicus David van Reybrouck verschaft daarover zeer interessante inzichten. In zijn monografie Tegen verkiezingen stelt hij dat referenda slechts een vorm van symptoombestrijding zijn om het democratisch tekort in moderne westerse samenlevingen te laten verdwijnen. Loting, gebaseerd op het model van de Atheense directe democratie, zou in zijn ogen pas echt uitkomst kunnen bieden. Daarmee voorkom je een ‘wij-zij-gevoel’ in de maatschappij tussen politici en mensen die afgekoppeld zijn van alles wat met democratie en politiek van doen heeft.

Bovendien doet het feit zich voor dat mensen positiever worden over de democratie wanneer ze merken invloed te kunnen hebben op hun directe leefomgeving. Ik noem bijvoorbeeld het verduurzamen van een schoolgebouw, de verkeersveiligheid in de buurt of het wel of niet kunnen aankopen van een gemeentelijke groenstrook naast je huis. Vergezichten over een land een paar duizend kilometer oostwaarts gaan het verschil in ieder geval niet maken.

Verleden

Het referendum betreft iets van het verleden. In de 21e eeuw is het een product van oud denken en geen recept om onze verlamde democratie er weer bovenop te helpen. Het wordt tijd dat D66 vijftig jaar na haar oprichting het referendum in de ban doet. Bestuurlijke vernieuwing hebben als politiek ideaal betekent immers niet dat de daarbij horende speerpunten niet meer vernieuwd kunnen of mogen worden.

Jordy Tuin is lid van de Provinciale Staten van Drenthe namens D66.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.