Oprichter Sam Saptenno van Molukse voetbalclub die geen elftallen meer heeft: 'Amboina is mijn kindje'

Sam Saptenno (79) , oprichter en laatste trainer van Amboina. Foto Archief DVHN

Sam Saptenno (79) was trainer en is de enige nog levende oprichter van FC Amboina. Maar de Molukse voetclub uit Assen heeft geen elftal meer. ,,Dat doet pijn, heel veel pijn.”

U bent 79 en was tot afgelopen seizoen nog trainer van Amboina ?

,,Ik moest zelfs weer naar de cursus voor mijn trainerslicentie. Die was verlopen. Ik had bijna genoeg punten gehaald en toen kwam de coronacrisis. Die legde alles stil.”

En hoe nu verder?

„De cursus maak ik niet af. Er zijn te weinig spelers voor het eerste en het tweede team is overgestapt naar LTC. Ik hoop dat we volgend jaar weer genoeg spelers hebben. Dat zou mooi zijn.”

Gaat dat lukken?

,,Ik hoop het. Vroeger hadden we alleen voetbal, nu kunnen jongeren uit veel meer dingen kiezen. En we moeten een goed bestuur hebben. Er zijn wel mensen die wat kunnen, maar die hebben geen zin. Dat neem ik ze niet kwalijk, want een club besturen vergt veel tijd.”

Amboina is niet opgeheven, toch?

,,De club niet, er zijn dit seizoen geen teams ingeschreven. We hebben nog wel walking voetbal voor oudere leden. Dat gaat gewoon door op ons veld en ze kunnen gebruik blijven maken van onze kantine, begreep ik. Ik doe zelf niet mee aan walking voetbal, vanwege mijn slechte heup.”

Wat doet het u als oprichter nu Amboina niet meer speelt?

,,Pijn, heel veel pijn. Amboina is mijn kindje. Ik was in 1962 een van de oprichters van de club. Dat gebeurde op kamp Schattenberg, het voormalige Kamp Westerbork. Daar hadden we vier velden, maar geen kleedruimte. Toen we ons bij de KNVB inschreven in 1965 moesten we kleedruimte hebben. Toen zijn we naar Assen verhuisd naar het oude complex van Asser Boys in het Asserbos.

U speelde gelijk in het eerste?

,,Nee, ik voetbalde bij de jeugd van ACV en veel andere Molukse jongeren bij Sportclub Assen. Toen die bij Amboina wilden spelen hebben we nog contributie aan Sportclub Assen moeten betalen.”

U bent altijd bij Amboina betrokken gebleven.

,,Ik ben speler, bestuurslid en trainer geweest. Maar ben ook een tijdje trainer van andere clubs geweest. Maar Amboina zit in mijn hart.”

Amboina had een geduchte reputatie.

,,We hadden goede voetballers, technische spelers. Trainers van de tegenpartij wisten dat en zeiden tegen hun spelers ‘Als je van Amboina wilt winnen, moet je ze kwaad maken.”

Wat deden ze dan?

,,Spelers werden uitgemaakt voor treinkaper of ze riepen ‘hé loempiavreter’. Dan hoorden ouders aan zijlijn dat en dan had je binnen en buiten te lijnen gedonder. Dat lag ook deels aan de communicatie. Sommigen van ons konden zich niet zo goed uitdrukken in het Nederlands. Ik wel, en heb veel bij de tuchtcommissie van de KNVB gezeten.”

De opvoeding thuis was ook streng.

,,We zijn kinderen van KNIL-militairen. Wie niet luisterde kreeg straf. Ruzies werden met de vuisten opgelost. Maar we komen altijd voor elkaar op. In en buiten het veld.”

Als Amboina volgend jaar opnieuw begint, bent u dan op uw 80ste weer trainer?

,,Ik weet het niet. Maar ik heb gezegd dat ik op mijn 81ste stop.”

menu