Cees Vink van Vink Fruitboerderij in Kraggenburg.

Peren, kip en kaas van eigen boerderij: een zwerftocht langs boerenfamilies in de Noordoostpolder en Drenthe

Cees Vink van Vink Fruitboerderij in Kraggenburg. Foto: Marcel Jurian de Jong

Appels en peren uit eigen gaard, kip en kaas van eigen boerderij. Families in de Noordoostpolder en in Drenthe slaan de handen ineen om vers en lokaal te produceren en te verkopen.

Het hart begint wat sneller te kloppen. De zavelige klei, de rechte wegen, wuivend graan, aardappelloof dat afsterft, boomgaarden waar de appels al mooie blosjes krijgen: we zijn weer thuis.

In dat kleine hoekje van de Noordoostpolder, rond het dorpje Kraggenburg, waar we vroeger als tiener met grote trekkers volle wagens graan naar de loswal brachten en later in het seizoen met kleine trekkertjes de appelkisten van de buren naar het grote koelhuis.

loading

Waar de culinaire rijkdom van het land zo maar was op te scheppen in een polder die decennia geleden de stralende toekomst van de Nederlandse landbouw verzinnelijkte. Het Nieuwe Land, heette het in de volksmond.

Maar de Noordoostpolder, die niet echt in het Noorden, noch in het Oosten van het land is gesitueerd (maar daar wel tegenaan schurkt), is gewoon weer oud land geworden, met alle boerenproblemen van dien. De boomgaarden in dit hoekje van de polder zijn grotendeels gerooid om vaak plaats te maken voor dat armzalige gewas dat als een groene muur elk uitzicht wegneemt: veevoedermais. „Zonde van zulke mooie grond”, zou onze vader hebben gezegd.

Grote boerderijwinkel

Gelukkig zijn er nog een paar fruittelers die stand houden. „Hoewel dat best moeilijk is met de huidige prijzen in de fruitteelt”, zegt Cees Vink, „dus moet je er wat bij bedenken.”

loading

Hij heeft zijn fruitteeltbedrijf aan de Zuiderringweg dan ook opgetuigd tot een vers- en zelfplukboomgaard. En nog veel meer: de grote boerderijwinkel is een trekpleister geworden voor mensen die lekker veel vers uit de streek inslaan. „Er was hier zelfs een meneer die helemaal uit Haarlem kwam. En niet op doorreis, gewoon, met ons als doel.”

Bij Vinks Fruitboerderij telen ze gekende appelsoorten als elstar, jonagold, golden delicious en goudreinet, maar ook hippere soorten als delcor (“een echte zomerappel”) of roblos.

loading

Ook peren komen in de klassieke versies, maar we pakken de nieuwste: de condo. Een peer die – de naam verraadt het bijna – een kruising is tussen de welbekende conference en de doyené du comice en de hardheid van de eerste combineert met het zoet van de tweede.

loading

Een keur aan jams en sappen

Eind augustus gaat de zelfpluktuin open bij Vink, maar nu al ligt de winkel vol met het heerlijkste fruit uit de omgeving, zoals lokale aardbeien of kersen, nieuwe aardappels en een keur aan groenten. Aan een rekje hangen zelfs de lekkerste droge worsten van Friesland, die van Spijkerman uit Akkrum.

loading

„Hadden we voor de grap een paar van meegenomen, maar ze verkochten meteen als een dolle”, vertelt een van de medewerkers in de winkel.

Er loopt behoorlijk wat personeel, en niet alleen voor het helpen van de vele klanten. Vanuit de winkel kijk je namelijk zo de ambachtelijke keuken in, waar van eigen fruit en bevriende telers een keur aan jams en sappen gemaakt worden onder het eigen label Lekker Puur. En niet een paar potjes of flesjes: ze zijn door het hele land in delicatessenzaken te koop. Vinks fruitboerderij drijft op die ondernemersgeest, niet alleen op het fruit voor de veiling waar de prijzen vaak te laag zijn.

‘t Vershuus in Ruinen

Cees Vink heeft samen met andere fruittelers, de familie Van Rijn en Joyce Lamers uit buurdorp Marknesse, het oude dorpskoelhuis gekocht en gerenoveerd. Lamers verkoopt ook hun fruit, maar dan een kilometer of 40 noordoostwaarts.

loading

Met fruit uit eigen boomgaard, en de potjes en flessen Lekker Puur van de familie Vink, rijdt ze een paar keer per week naar ’t Vershuus in Ruinen. Daar staat ze soms achter de kassa, soms in het Vers-Café, waar alle lekkere lokale producten tot smoothies, lekkere broodjes of grootmoeders appeltaart worden verwerkt.

’t Vershuus is een samenwerking tussen drie families: kippenbedrijf Laarmans, melkveehouderij Schoonvelde en de familie Van Rijn. De eerste twee wonen in Ruinen. Ook Lamers ouders woonden hier vroeger.

Joyce runde vroeger een fruitstalletje net buiten Ruinen, Johan en Alida Laarman verkochten hun kip- en kalkoen bij het eigen bedrijf en Geke Schoonvelde liep al een poosje rond met het idee kaas te gaan maken van de eigen melk. Het waren vooral de drie dames – de heren hielden zich bij hun boerenleest – die de commerciële kant van een winkel met verse producten van het land onderkenden.

Na een voorzichtige start in 2016 zijn ze nu verhuisd naar een kraakhelder nieuw pand aan De Kaamp. „Hebben we gekocht”, zegt Laarman trots. Waarmee ze maar wil aangeven dat ze het volste vertrouwen hebben in de onderneming.

Rechtstreeks van de boer

De coronacrisis heeft veel malheur gebracht, maar ook kansen gecreëerd. „Mensen zijn bewuster geworden van het belang lokale producten”, zegt Laarman, „ze zien dat je niet ver weg hoeft te gaan om allerlei lekkers te vinden. Van alles wat we hier verkopen moet duidelijk zijn dat het rechtstreeks van de boer komt.”

Zoals de kip- en de kalkoenproducten van haar eigen bedrijf. „Mijn man is ooit een poeliersbedrijf begonnen. Maar dat is tegenwoordig een moeilijke branche. Nu werkt het perfect. Onze eigen kippen en kalkoenen gaan naar de slachterij, wij halen ze meteen weer op en verwerken het hele dier op de boerderij tot een keur aan producten.” Filetjes, drumsticks, hele kippen, het ligt allemaal te pronken in de koelvitrines.

loading

Intussen maakt Lamers in het Vers-Café met Laarmans kippetjes een broodje pulled chicken , waar wat ons betreft twee mensen van zouden kunnen eten. Voor de smoothie geven we haar de vrije hand, ‘pluk maar de vruchten die je het lekkerst vindt’.

Lamers komt nog eens terug op wat Cees Vink eerder zei.

„De fruitteelt heeft het best lastig, de prijzen zijn moeilijk, de concurrentie is groot. Vooral als het gaat om appels. Die groeien gemakkelijk in lagere-kostenlanden als Polen. Daarnaast is er een groeiende ontwikkeling van de appelsoorten naar de houdbaarheid en het uiterlijk, wat misschien wel eens ten koste van de smaak kan gaan. Wij hebben daarom steeds meer peren op het bedrijf. Nederland is een ideaal perenland, niet alleen vanuit het klimaat gezien, maar ook omdat we zeer innovatief zijn in de teelt. Daardoor is de peer lucratiever geworden dan de appel.”

loading

Echte rauwmelkse boerenkaas

Geke Schoonvelde is vandaag op de boerderij aan het kaasmaken. Dat doet ze blijkbaar met succes, want het kaasschap achter de kassa vertoont hiaten.

„De oudste kaas die we hebben is de belegen. De oude en overjarige kaas gaan razendsnel over de toonbank”, zegt Alida Laarman. „En die maak je er uiteraard niet zo maar even bij. Maar het is echte rauwmelkse boerenkaas.”

Ze wijst nog op een paar andere producten uit Ruinen en omgeving die hier de eetlust opwekken. Het Dubbel Drents Brood van bakker Steenbergen bijvoorbeeld, meel van korenmolen De Zaandplatte, Drentse Koe IJs uit Ruinerwold of de zomerhoning van de Ruiner Imkersvereniging.

loading

Voor wat vloeibaarder culinair vertier zorgen de wijnen van de nabijgelegen wijngaard Runa, die al enkel jaren serieus aan de weg timmert met wit, rosé en rood. Voor de minder serieuze drinker is er straks het Jutndel-bier, dat een vijftal kwajongens uit het dorp aan het brouwen is.

„Totdat die bieren productieklaar zijn, doen we het hier nog met bier van de echte Kwajongens uut Giethoorn. Joyce rijdt er toch vrijwel dagelijks langs als ze vanuit Marknesse naar Ruinen komt. Lekker handig.” En lekker: D’Olde Moat, een dubbel met 7,4 procent alcohol, kunnen we koeltjes wegtikken met dit weer.

Adressen

menu