'Pleiten voor omgekeerde bewijslast bij schade zoutwinning is trekken aan dood paard'

De winningslocatie van Nedmag bij Veendam. Foto: DvhN

Een goede schaderegeling bij zoutwinning in Drenthe is noodzakelijk, maar pleiten voor omgekeerde bewijslast is trekken aan een dood paard.

Dit verklaarde gedeputeerde Tjisse Stelpstra (ChristenUnie) woensdag in een commissie van Provinciale Staten. Op voorspraak van Statenlid Ronald van der Meijden (SP) besprak de commissie de zienswijze die de provincie geeft op de ontwerp-vergunning die het ministerie van economische zaken geeft aan Nedmag om in de omgeving van Zuidlaarderveen en Oud Annerveen zout te winnen. Het gaat om maximaal 3,7 miljoen ton magnesiumzout, die Nedmag tot 2045 mag winnen.

‘Provincie reageert te slap’

Die zienswijze is op onderdelen te slap, vindt Van der Meijden. Zo stelt de provincie dat er een goede schaderegeling moet komen, maar dat moet concreter, aldus Van der Meijden. Hij pleit wel voor een omgekeerde bewijslast, en kreeg bijval van diverse andere fracties. Anry Kleine Deters ( D66) voegde er aan toe dat er eerst meer onderzoek nodig is naar de gevolgen van de winning. Rudolf Bosch (PvdA) vreest dat het ministerie de financiële belangen boven de veiligheid stelt. Hij wil een onafhankelijk schadeloket om te voorkomen dat gedupeerden van het kastje naar de muur gestuurd worden.

Bosch vindt dat de provincie zich in een wat lastige positie vindt, omdat zij via de Noordelijke Ontwikkelingsmaatschappij (NOM) ook aandeelhouder is van mijnbouwbedrijf Nedmag.

Winning van zout én gas

Een ander punt van zorg bij de Statenleden is dat er in het gebied ook gaswinning plaatsvindt. De effecten van beide vormen van mijnbouw kunnen elkaar versterken.

Stelpstra wijst er op dat de provincie slechts een adviserende rol heeft bij de vergunning voor de zoutwinning. Het ministerie van Economische Zaken is daarvoor verantwoordelijk. Een schaderegeling is volgens hem in de maak.

‘Omgekeerde bewijslast is niet altijd effectiever’

„Het is zeker niet zo dat een regeling met omgekeerde bewijslast altijd effectiever is dan een waarbij dat niet geldt”, meent Stelpstra. „Dat heeft de praktijk in Groningen wel bewezen. En gezien de huidige samenstelling van de Tweede Kamer zit het er gewoon niet in dat de omgekeerde bewijslast wordt uitgebreid tot buiten Groningen. Daarom houden wij vast aan het uitgangspunt dat er gewoon een goede schaderegeling moet komen.”

Het feit dat de provincie aandeelhouder is van Nedmag neemt volgens Stelpstra niet weg dat het provinciebestuur veiligheid altijd voorop stelt bij mijnbouwactiviteiten in de provincie.

Van der Meijden vindt het jammer dat de provincie niet duidelijker gaat pleiten voor omgekeerde bewijslast. Het indienen van de zienswijze is echter een verantwoordelijkheid van het college van gedeputeerde staten.

menu