De korpschef in Drenthe heeft terecht de jachtakte van een jager uit Zuidlaren ingetrokken, vindt de Raad van State. De man was met zijn jachtgeweer in de hand op twee opsporingsambtenaren afgerend.

De jager was vergeefs in hoger beroep gegaan tegen minister Ferd Grapperhaus van Justitie- en Veiligheid, in de hoop dat de intrekking ongedaan werd gemaakt.

Een boa en een agent voelden zich bedreigd, toen de man in mei 2018 in Noordlaren met zijn kogelgeweer met telescoop op het tweetal afrende. ,,Ik had uit voorzorg de rits van mijn jas opengedaan om sneller bij mijn verdekte holster met mijn dienstwapen te komen,’’ schrijft de politieagent in zijn proces-verbaal. 

Pas toen de boa en de agent riepen dat ze van de politie waren, nam de dreigende houding van de jager af, aldus de verklaring van de agent.

Eerder al aan de stok met een vogelaar

Iets meer dan een half jaar eerder had de jager het aan de stok met een vogelaar. Daarvan deden zowel de vogelaar als de jager aangifte. ,,Ineens zag ik dat deze man voor mijn auto en voor mijn camera langs kwam rennen," zei de vogelspotter. ,,Hij kwam richting het portier van mijn auto. Hij rukte met geweld het portier open en daagde mij uit om te vechten. Het was een heel bedreigende situatie,'' aldus het relaas van de vogelspotter.

,,Ik was echt niet boven mijn theewater’’, verklaarde de jager in november op de zitting bij de Raad van State. Hij bracht daar een psychologe mee, die verklaarde dat met de man psychisch niets aan de hand is.

Maar de Raad van State vindt dat de houder van een vergunning zich altijd de-escalerend moet opstellen. Met name het incident met de opsporingsambtenaren gaf de doorslag voor intrekking van de jachtakte.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe
Rechtbank