Foto ter illustratie.

Tijd dringt voor Drents mensenhandelbeleid. Gemeenten moeten voor 2022 een duidelijke aanpak hebben

Foto ter illustratie.

Voor Drentse gemeenten wordt gewerkt aan beleid om het probleem van mensenhandel duidelijk in kaart te brengen. Nu gebeurt het nog te vaak dat gedwongen prostitutie of arbeidsuitbuiting onder de radar blijft. De tijd dringt: voor 2022 moet iedere gemeente een duidelijke aanpak hebben.

Veel gemeenten in Drenthe hebben geen of gedateerd beleid op het gebied van mensenhandel, zegt Edwin Eikelboom, ketenregisseur mensenhandel namens het Zorg- en Veiligheidshuis Drenthe (ZVHD). En dat terwijl gemeenten sinds de decentralisatie van de zorgtaken verantwoordelijk zijn voor de bestuurlijke aanpak en voor het organiseren van hulp en opvang voor slachtoffers.

Het kabinetsprogramma ‘Samen tegen mensenhandel’, dat in 2018 werd gelanceerd, moet snel afrekenen met die tandeloze lokale overheid. In die campagne is omschreven dat iedere gemeente in 2022 een duidelijke aanpak moet hebben om mensenhandel te bestrijden.

In Drenthe duurde het even voordat het balletje ging rollen, maar eind vorig jaar gaven de burgemeesters de werkgroep mensenhandel, waarin Eikelboom participeert, de opdracht om een beleidsvoorstel te schrijven voor alle Drentse gemeenten. Dat voorstel moet dit jaar klaar zijn. Een belangrijke stap, vindt Eikelboom. „Mooi om te zien hoe dit thema nu ook bestuurlijk landt.”

Weinig zicht

Gemeentelijk beleid is van belang, legt Eikelboom uit, omdat signalering van mensenhandel op lokaal niveau begint. Daar zit meteen ook de complexheid van het probleem: er is weinig zicht op slachtoffers. „Juist omdat het signaleren van mensenhandel een lastig verhaal is. Wanneer is iets mensenhandel en wanneer niet?”, zegt Eikelboom.

De meest voorkomende vorm van mensenhandel is gedwongen prostitutie. Vrouwen en mannen worden gedwongen om tegen betaling seks te hebben. De verdiensten moeten ze vervolgens afstaan aan een pooier. Maar ook arbeidsuitbuiting valt onder mensenhandel, evenals criminele uitbuiting of in extreme gevallen gedwongen orgaanverwijdering. Slachtoffers hebben te maken met geweld, dwang, misleiding en zijn vaak te bang om zelf aangifte te doen.

Topje van de ijsberg

Als een zorgverlener in Drenthe een vermoeden heeft van mensenhandel, wordt er melding gemaakt bij het ZVHD, politie, GGD of gemeente. Meldingen worden vervolgens onderzocht. In Drenthe ging dat in 2019 om 24 meldingen, hoewel na diepgravender onderzoek de conclusie werd getrokken dat bij geen van de meldingen sprake was van mensenhandel. Wel was er in de meeste gevallen van alles loos, maar niet genoeg voor strafrechtelijk onderzoek. Andere instanties, zoals een welzijnsorganisatie, nemen de gevallen dan over.

Toch zijn de gedane meldingen vermoedelijk het topje van de ijsberg, denkt Eikelboom. „Veel speelt zich af in het onzichtbare.” Die conclusie trekt ook de Nationaal Rapporteur Mensenhandel, die schrijft dat veel slachtoffers nooit in beeld komen van instanties. „Het is goed dat Drenthe nu doorpakt en een beleidsvoorstel laat opstellen”, besluit Eikelboom.

menu