De vrouw is juli vorig jaar verkracht in de buurt van Schipborg.

Tweelingbroer verdachte verkrachting werkt niet mee aan aanvullend DNA-onderzoek

De vrouw is juli vorig jaar verkracht in de buurt van Schipborg.

De eeneiige tweelingbroer van de verdachte (26) van verkrachting van een bejaarde wandelaarster in Schipborg heeft niet meegewerkt aan aanvullend DNA-onderzoek. Dat zegt de advocaat van de verdachte. Donderdagmiddag is een procedurele zitting in de strafzaak.

Het DNA dat werd gevonden op kleding van het slachtoffer kan van beide tweelingbroers zijn, omdat het identiek is. Het Openbaar Ministerie is echter overtuigd dat de opgepakte R.K. uit Tynaarlo de verkrachter is.

Nieuwe onderzoeksmethoden maken het sinds kort soms mogelijk om verschillen vast te stellen. In april bepaalde de rechtbank dat er geprobeerd moet worden om toch onderscheid te maken in het DNA van de tweelingen, zodat onomstotelijk kan worden vastgesteld of het inderdaad van verdachte R.K. is of niet. Dat kan alleen als zijn tweelingbroer vrijwillig meewerkt.

Zedenmisdrijf

Verdachte R.K. zit sinds juli vorig jaar vast. Hij werd enkele dagen na de verkrachting van de wandelaarster (76) opgepakt. De man blijft ontkennen dat hij verantwoordelijk is voor het zedenmisdrijf. Bizar genoeg werd hij onder meer zo snel opgespoord, omdat het DNA van zijn tweelingbroer in de databank van justitie zit. Die broer is enkele jaren geleden veroordeeld en moest toen DNA afstaan. Dat was voor zover bekend niet vanwege een zedenfeit.

De officier van justitie heeft steeds gezegd dat extra onderzoek naar het DNA van de tweelingbroers overbodig is, omdat volgens haar er meer dan voldoende bewijs is dat R.K. de dader is. Advocaat Ubo van Ophoven, die de verdachte bijstaat, is het daar niet mee eens. Volgens hem is het alibi van de broer onvoldoende onderzocht. ,,Ook kan alleen met het aanvullende DNA-onderzoek worden vastgesteld wie de dader is. Het is van doorslaggevend belang voor de waarheidsvinding in deze zaak.”

Bloed afstaan

De rechter-commissaris heeft volgens de advocaat de tweelingbroer benaderd met het verzoek om mee te werken aan het aanvullende DNA van het NFI. Hij moet daarvoor bloed afstaan. ,,De broer heeft geantwoord dat hij erover na zou denken. Vervolgens bleef het stil. Het is ook niet gelukt om nog contact met hem te krijgen.” De raadsman vindt dat de rechtbank zich daar niet bij neer moet leggen. Hij wil dat moet worden bekeken of de tweelingbroer tot medewerking kan worden bewogen.


menu