Verdachte vader verdronken peuter: 'Ik heb de dood van mijn lieve zoon Sven niet gewild, maar voel me wel verantwoordelijk'

De 40-jarige Paul den B. uit Utrecht mocht lange tijd alleen onder begeleiding omgang hebben met zijn zoontje. De eerste dag dat hij zijn kindje weer alleen mocht zien, eindigde in een drama. Het jongetje belandde 18 december 2019 in het bijzijn van zijn vader in het koude water van het Noord-Willemskanaal bij Ubbena.

De kleine Sven had zoveel hersenschade opgelopen dat zijn moeder bijna twee weken later in overleg met de artsen in het ziekenhuis besloot om hem niet langer te laten lijden. Het kindje stierf op oudejaarsdag. Den B. zit sinds het drama bij het kanaal in voorarrest op verdenking van het doden van Sven.

Verdachte vertelt feitelijk en kalm

De verdachte vader deed zijn verhaal donderdag voor de rechtbank schijnbaar emotieloos. Hij vertelde feitelijk, kalm over wat er in zijn ogen die dramatische woensdagmiddag is gebeurd. De universitair geschoolde verdachte stelde zelfs kritische vragen aan een getuigendeskundige. Dat komt zelden voor tijdens een rechtszaak. Wel zei hij aan het begin van de zitting: „Ik heb de dood van mijn lieve zoon Sven niet gewild, maar ik voel me wel verantwoordelijk. Ik hoop dat dat aan het eind van de dag duidelijk wordt.”

De Utrechter zegt dat hij zijn zoontje wilde laten plassen en dat het kind toen bij een onverwacht schuine kant in het kanaal is beland. De vader is naar eigen zeggen naar zijn auto gegaan om zijn mobiele telefoon te pakken, maar die kon hij niet vinden. ,,Toen ben ik het kanaal ingegaan. Ik heb wat rondgezwommen en gekeken op de plek waarvan ik dacht dat hij in het water was gevallen. Ik kreeg het heel koud. Ik dacht: Ik moet eruit. Het is te koud. Met veel moeite ben ik de kant weer opgeklommen.”

Gesprek met meldkamer

Den B. verklaart dat hij - na het verlaten van het water - is teruggegaan naar de auto. Toen vond hij zijn mobiele telefoon wel in zijn dashboardkastje. Om 17.31 belt hij met 112. Uit opnames van de meldkamer blijkt dat hij huilend tegen de centralist heeft gezegd: ,,Ik ben er ingesprongen, maar ik kan hem niet vinden. Het was zo koud. O, o mijn zoon, mijn zoon is overleden.”

De rechter vraagt Den B. hoe hij wist dat zijn zoon dood was. ,,Ik ging ervan uit dat je maar twee minuten zonder zuurstof kunt.” De hulpdiensten zijn ongeveer 18 minuten na de 112-melding ter plaatse. Het duurde wat langer dan gebruikelijk, omdat er verwarring is over de locatie. Twee agenten halen het kindje uit het ijskoude water. Opvallend is dat de ambulancemedewerkers en de politie het jongetje direct zien drijven terwijl de vader beweert dat het kindje niet te zien was. Volgens een deskundige heeft het jongetje naar schatting 53 minuten in het ijskoude water gelegen.

Ouders verdachte vader wonen in Assen

Grote vraag is: wat deed de vader met het kleine jongetje bij de afgelegen plek langs het kanaal? Zo ver weg van zijn woonplaats Utrecht? En dat nota bene op de eerste dag dat hij zoontje weer onbegeleid mocht zien in het kader van een omgangsregeling met de moeder van het kind. Om 17.00 uur moest Sven weer bij haar zijn. Toch reed de man spontaan naar Drenthe, naar eigen zeggen om naar zijn ouders in Assen te gaan.

Uit onderzoek is gebleken dat Den B. wel naar zijn voormalige woonplaats Assen is gereden, maar niet naar zijn ouders. Naar eigen zeggen wilde hij zijn zoontje roeibootjes laten zien op het kanaal bij de roeivereniging, waarvan hij ooit lid was geweest. Bij het kanaal belandde het kindje in het kanaal. Hulpverleners stellen vast dat hij klinisch dood is als hij uit het water wordt gehaald.

Vier dagen eerder op verkenning bij kanaal?

Vier dagen voor het tragische incident is Den B. op exact dezelfde plek bij het kanaal geweest, wijzen gegevens uit zijn navigatie-apparaat uit. Of hij op verkenning ging, wil de rechter weten. ,,Ik kom vaker op die plek. Ik was die dag in Assen voor een belangrijke schaakwedstrijd. Om tot rust komen ging ik naar het kanaal toe.”

Namens de moeder van het kind is door haar advocaat een korte verklaring voorgelezen. Ook vroeg zij 46.500 euro shockschade. Volgens haar advocaat heeft de moeder het kind als vermist opgegeven toen hij niet op de afgesproken tijd thuis kwam. ,,Nadat zij door de politie was teruggebeld, hoorde zij dat er iets helemaal mis was. Ze is met gillende sirenes vanuit Utrecht naar UMCG gegaan. Daar zag zij haar kind verbrijzeld, blauw en bewusteloos op de ic liggen. Zij heeft op 31 december ook moeten besluiten dat Sven genoeg geleden had.”

Stalking moeder

De moeder van Sven heeft verklaard dat zij door haar ex werd gestalkt. Hij is daar vorig jaar juni ook voor veroordeeld. Volgens de officier ging Den B. daarna door met het lastig vallen van haar. 26 november vorig jaar doet zij aangifte tegen hem. Op bankafschriften van de kinderalimentatie stonden teksten die haar angst aanjaagden.

De ex-vrouw is ook in de strafzaak rond de dood van Sven als getuige gehoord. Zij heeft verteld dat na de geboorte van Sven het leek alsof de vader jaloers was op de aandacht die zij hun kindje gaf. Uiteindelijk kwam het tot een breuk tussen de twee. Den B. kon dat niet verkroppen. Om tot rust komen, vertrok hij naar Frankrijk. Daar appte hij zijn broer. ,,Als God niet snel ingrijpt kan dit wel in een familiedrama eindigen.” Dat sloeg niet op Sven, benadrukte Den B. op de zitting. ,,Ik was zelf suïcidaal. Sven was niet eens bij me. Hoe kan ik hem dan iets aandoen?”

Tot een strafeis kwam het niet. De rechtbank besloot de strafzaak aan te houden omdat naar haar oordeel de rapporten van de psycholoog en de psychiater te veel vragen oproepen. Op 24 augustus wordt de strafzaak voortgezet.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Drenthe
Video
menu