Voetbalclub WKE failliet verklaard

WKE is door de faillissementsrechter in Assen bankroet verklaard. Dat heeft de rechtbank Noord-Nederland dinsdagmiddag bekendgemaakt.

De Emmer topklasser heeft in theorie de mogelijkheid om bij het gerechtshof beroep in te stellen tegen de uitspraak van de rechtbank. Het is nog niet duidelijk of de club van het Emmer woonwagencentrum van die, niet erg gebruikelijke optie, gebruik gaat maken. Zo niet, dan gaat de curator aan de slag en is die per direct de baas bij WKE.

Eigen verweer

De zitting tussen WKE en de Belastingdienst vond dinsdagochtend achter gesloten deuren plaats. Het voltallige bestuur van WKE was bij de zaak aanwezig. Voorzitter Tjeerd Boonstra, die werd bijgestaan door zijn partner, besloot zijn eigen verweer te voeren en geen advocaat in te zetten. De Belastingdienst nam een eigen jurist mee naar de zitting.

Over de argumenten die door beide partijen voor de rechter zijn aangevoerd zijn geen details bekend gemaakt. Wel benadrukte de woordvoerster van de Belastingdienst dat het om een grote vordering gaat die wordt verhaald op WKE. ,,Wij denken een sterke zaak te hebben'', stelde ze na het verlaten van de zittingszaal.

Oude schulden

WKE-preses Boonstra, die eind januari de voorzittershamer overnam van Willem Zwikker, voerde bij de rechter onder meer aan dat hij niet in staat kan worden geacht alle problemen bij de Emmer topklasser in vier weken het hoofd te kunnen bieden. Het schoot hem bovendien in het verkeerde keelgat dat de advocaat van de fiscus oude schulden inbracht in de zaak. Volgens Boonstra was daar in samenspraak met de fiscus allang een streep onder gezet. Hij zei daar ook bewijzen voor te hebben. De bestuursleden van WKE kunnen hoofdelijk aansprakelijk worden gesteld voor de schuld, die volgens ingewijden zou kunnen oplopen tot 1,5 miljoen euro.

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.