Vooral bedreigde patrijs blij met keverbank van boer Willem Drenthen in Oranjedorp

Boer Willem Drenthen (rechts) geeft genodigden tekst en uitleg bij zijn keverbank. Foto: Jan Anninga

Tot voor kort had boer Willem Drenthen uit Oranjedorp nog nooit van een keverbank gehoord. Nu hij er eentje heeft, is hij er erg blij mee. En de kevers ook, tot op zekere hoogte.

Een keverbank (een met gras en kruiden ingezaaid ‘dijkje’ in het landschap) trekt insecten aan, waaronder loopkevers. En uitgerekend die beestjes zijn het favoriete voedsel van patrijzen, die te boek staan als één van de meest bedreigde vogelsoorten van het platteland. ,,Een boost voor de biodiversiteit’’, zegt Erwin Bruulsema van Landschapsbeheer Drenthe.

‘Zonder hulp over 20 jaar geen patrijzen meer’

En dat is voor de patrijs geen overbodige luxe. Door schaalvergroting in de landbouw, de jacht en de eetlust van roofdieren kelderde de zogeheten standvogel de afgelopen veertig, vijftig jaar enorm in aantal. Inmiddels staat de patrijs op de rode lijst van beschermde diersoorten. Zonder hulp van de mens komt deze soort volgens deskundigen over twintig jaar niet meer voor in Nederland.

Op een paar plekken in Drenthe, zoals rond Emmen en in het Drentsche Aa-gebied, komen patrijzen nog voor. Zo telde de Natuurwerkgroep Oranjedorp dit jaar onder de rook van Emmen 45 tot 50 jonge dieren. Reden genoeg om de bedreigde vogel de helpende hand te reiken. Om de populatie op peil te houden en mogelijk zelfs te laten groeien.

Dat trof, want boer Drenthen liep al een tijd rond met het idee ‘iets’ te doen met een laagte, een soort veenput, in zijn land. Door het ontbreken van natuursubsidies voor dat gebied kwam het er maar niet van. Hij nam contact op met de natuurwerkgroep en de bal begon te rollen. Ook de Agrarische Natuurvereniging Drenthe en Landschapsbeheer Drenthe werden ingeschakeld. Het resultaat mag er zijn. Niet alleen een keverbank, maar ook struweel om te schuilen en te nestelen, een grote poel en een zogeheten hazenapotheek. Dat is een soort B&B (slapen en eten) voor de snelle knaagdieren.

‘Landbouw en natuur meer samen’

Boer Drenthen houdt niet van vakjes: ,,Daar landbouw en daar natuur, dat gaat er bij mij niet in. Het moet veel meer door elkaar heen. Dat begint overigens al met een nestkastje in de tuin. Dan krijg je namelijk vogels rond huis. En minder vaak het gazon maaien. Heb je ineens krekels in de tuin. Als je je daar bewust van bent en je vindt het leuk, dan is er al veel gewonnen.’’

De ruigte die bij een van zijn akkers is gecreëerd, kost de boer geld. Toch roept hij collega’s op zijn voorbeeld te volgen. ,,Ook een klein hoekje kan een verschil maken. Het zou dan wel mooi zijn als niet al het subsidiegeld naar de grote projecten gaat, maar ook een beetje naar kleinschalige initiatieven.’’

Drenthen is blij met zijn natuur. ,,In geld uitgedrukt, levert het mij niets op. Integendeel, maar ik vind het leuk. Dat is de basis. Het geeft mij veel lol en vreugde. Zondags lopen mijn vrouw Anna en ik hierheen en dan zeggen we: goh, wat is het toch mooi.’’

menu