Eerst dit, voor het gaat over kandidaten die collega’s afvallen dan wel afmaken. Nog even over Mark Rutte die zondag - goed, het was het staartje van de week, misschien was de man eindelijk eens moe - begon over een kerncentrale in Groningen.

De Groningse gedeputeerde en partijgenoot Mirjam Wulfse meende bij de demissionaire premier een brainwave te hebben gezien. Een brainwave is het onvolgroeide zusje van ‘eureka’. Die kerncentrale zou hem dan ter plekke te binnen zijn geschoten. Floep, daar stond hij. Fukushima aan de Eems.

Ik dacht eerder aan een ‘brain fog’. Daarbij dwarsbomen mistvlagen in de hersenpan het heldere denken. Kan de beste overkomen. Was het wél een doordachte uitspraak, dan is het invoelend vermogen in de premierspartij ook na de gasministers Kamp en Wiebes nog niet bijster diep ingedaald.

Hoe beledig je de nummer één

Een dag later was het de beurt aan Hugo de Jonge. Zeldzaam vrolijk jubelde hij in de hengelmicrofoon van Jaïr Ferwerda, de zeker zo guitige en vaak doeltreffende Binnenhof-hopper van Jinek, dat hij niet op zijn lijsttrekker Wopke Hoekstra ging stemmen en wél op zijn eigen steun en toeverlaat Bert van den Brink (22 op CDA-lijst). Op de vraag of hij Wopke niet zag zitten, antwoordde Hugo met het klassiek verkeerd gebruikte: ,,Integendeel!” (Bij ‘integendeel’ had hij immers zéker op Wopke hebben gestemd).

Nog even en het wordt de gewoonte dat kandidaten die zichzelf naar de nummer 1-positie hadden gedroomd hun baasjes afvallen. Rob Jetten (D66) liet al weten dat hij niet voor Sigrid Kaag kiest, maar iemand prefereert met ‘een creatieve campagne’. Creatief geformuleerd wanneer hij daarmee zichzelf bedoelt. Overigens, voor wie De Jonge mocht zoeken, stop maar, hij staat helemaal niet meer op de CDA-lijst. Verzachtende omstandigheid bij zijn keuze voor nummer 22 in plaats van nummer 1: hij is zelf gepiepeld door zijn partij. Zoiets maakt de verhoudingen er niet beter op.

Het gebeurde natuurlijk wel vaker

Maar toch, als ik partijvoorzitter was - hell no - dan geen rode loper maar het matje voor afvalligen. Lijsttrekkers, en dan zeker nieuwkomers als Hoekstra en Kaag in zo’n loden campagne, moet je als partijgenoot domweg steunen, en niet openlijk ondergeschikt maken aan je eigen voorkeuren. Gekrenkt ego of niet.

De vergelijking met Lubbers die in 1994 Brinkman afviel - wel veel meedogenlozer - was natuurlijk snel gemaakt. Ik moest ook denken aan Lilliane Ploumen. Als voorzitter van de PvdA fakkelde ze eind 2011 in het openbaar haar ‘te softe’ partijleider Job Cohen af. Ze was er toen op tijd bij. De verkiezingen waren pas bijna een jaar later.

Rotte vis

Nou ja, zulke voorvallen maken de campagne in elk geval gniffelbaar. Dat brengt ons bij 50PLUS. Het getal in die partijnaam slaat niet op de leeftijd van de doelgroep maar op het aantal interne conflicten. Onder druk van de senior baasjes is onlangs de appgroep van de kieslijsttoptien ontmanteld, omdat de kandidaten elkaar daarin voor rotte vis uitmaakten.

Opperstoker Jan Nagel, van Nieuw Links tot Oud Zeer, die al voor de vierde keer partijvoorzitter is (Olympisch goud), zag vorig jaar dat Liane den Haan eerder voldoende herrie had geschopt bij het COC en de ANBO voor het lijsttrekkerschap. Daar hebben nu veel mensen plezier van. Buiten 50PLUS.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Columns
Verkiezingen