Zwembad Valthermond: Heel het dorp helpt mee

Steeds meer dorpen nemen het zwembad van hun gemeente over. Dat levert vaak veel op, maar het is ook moeilijk. Dagblad van het Noorden ging op bezoek bij zwembad De Zwaoi in Valthermond.

Het is donderdagochtend, de zwemles is net afgelopen, de kinderen scharrelen nog rond de kleedkamers. Ook vandaag belooft het een warme dag te worden. „Vijfhonderd bezoekers hadden we gisteren”, zegt vrijwilliger Corry Kolthof (65) terwijl ze een dienblad met koffie op tafel zet. „Bij het zwembad in Exloo zullen ze dat wel weinig noemen”, vervolgt ze. „Maar voor een zwembad in een klein dorp als Valthermond is dat heel goed. Toeristen komen hier bijna niet hè? We moeten het met elkaar zien te doen.”

En dat doen ze.

Het bericht dat de gemeente Borger-Odoorn openluchtzwembad De Zwaoi wilde sluiten, sloeg in 2012 in het dorp in als een bom. Valthermond zonder zwembad? Dat nooit. Onder het motto ‘wat verdwenen is, komt niet meer terug’, besloten de dorpsbewoners het zwembad dan maar zelf te runnen.

Groot succes

Dit jaar draait het zwembad zijn vierde zomer als dorpsbedrijf De Omme-Zwaoi. En met succes. Met gratis internet en een beter gevulde kiosk wisten de vrijwilligers de dorpsjeugd terug naar het zwembad te halen. De energierekening daalde flink door simpele ingrepen. Waterbuizen op het dak die door de zon worden verwarmd bijvoorbeeld, en een afdekkleed dat het zwemwater ’s nachts op temperatuur houdt.

Heel het dorp helpt mee. „We hebben ruim honderdtwintig vrijwilligers”, zegt Kolthof. „Alleen de vier badmeesters krijgen nog betaald.” Ze wijst naar de glijbaan, een stralend blauw exemplaar, breed genoeg voor vijf kinderen op een rij. „Net nieuw”, zegt ze. „Daar hebben we lang voor gespaard. De kinderen collecteerden, bedrijven uit het dorp sponsorden.” En voor iedereen is er wel iets leuks, aldus Kolthof, waarna ze de vele activiteiten opsomt: met een auto te water, hondenzwemmen, een Hawaï-feest, een film-avond, het Valthermonds Kampioenschap Bommetje. „Het zwembad is een ontmoetingsplek.”

Wat is haar advies voor andere dorpen die overwegen een zwembad van hun gemeente over te nemen?

Kolthof is even stil. Ze zucht.

„Denk heel goed na”, zegt ze dan. „Wij hadden geen idee waar we aan begonnen.”

Gemeenten moeten bezuinigen

‘Wij hadden geen idee waar we aan begonnen’

De zwembadwereld verandert en rap ook. We zwemmen minder dan vroeger. Gemeenten moeten flink bezuinigen en kijken daarbij al gauw naar de zwembaden, die gemiddeld een derde van het gemeentelijke sportbudget opmaken. Het gevolg is dat veel zwembaden het met minder geld moeten doen of dreigen te worden gesloten. Menig dorp besluit het plaatselijke zwembad te omarmen. Dat zal de komende jaren nog vaker gebeuren, verwacht directeur Koen Breedveld van het Mulier Instituut, een stichting die sportonderzoek doet. „Het is een onrustige tijd en dat blijft ook nog wel even zo.”


De kiosk in De Zwaoi

Dat hoeft niet erg te zijn. Sterker nog, soms levert het bijzonder goede resultaten op. Valthermond is bepaald geen uitzondering, zegt Breedveld. „Zulke initiatieven zijn prachtig. Ze maken een kracht los en brengen de samenleving heel veel.” Bovendien zorgt de noodzaak om te bezuinigen voor efficiëntie. „Ik heb de indruk dat er bij gemeentelijke zwembaden vaak nog veel op de energierekening kan worden bezuinigd.” Dat beaamt adviseur Jan van der Bij van kenniscentrum CMO STAMM. „Gemeenten zitten te veel op afstand en ambtenaren zijn geen ondernemers. Dorpsbewoners weten vaak veel beter dan gemeenten waar behoefte aan is en hoe slim kan worden bezuinigd.”

„We wisten niets!"

Het begin was heel moeilijk, vertelt Kolthof. „We wisten niets! Dan kwam ik na een hele dag werken bij het zwembad eindelijk thuis en dan rinkelde de telefoon al. ‘Corry, de kassa staat op springen!’ En dan ging ik maar weer terug. Maar ook ik wist niet hoe het moest. Abonnementen? Tienbadenkaarten? Wat wilden we eigenlijk? We moesten alles zelf uitvinden.”

Dat het desondanks goed kwam, komt volgens Kolthof door de kundige bestuursleden. „Zonder hen was het nooit gelukt. Zij weten de weg. Hoe je geld uit fondsen en subsidies kunt krijgen. Onze voorzitter is zelfs bij het ministerie van Binnenlandse Zaken op bezoek geweest. Nou, je hoeft mij echt niet te vragen hoe je daar binnen komt. Maar zij weet dat.”

Gebruik maken van ieders kwaliteiten, daar draait het volgens Kolthof om. Lokale bedrijven sponsoren of leveren gratis diensten. Vrijwilligers kunnen bij de technische dienst, in de groenploeg of helpen bij de kassa, de schoonmaak of de kiosk. Een striptekenaar uit het dorp versiert de entree met tekeningen. „Iedereen doet wat hij kan”, zegt ze. „Zo begon het begin jaren zeventig al, toen het zwembad door dorpsbewoners zelf werd uitgegraven. Dat is de kracht van het dorp.”

Zoektocht

Maar een dorp is ook kwetsbaar. Reservepotjes zijn er meestal niet. Neem die nieuwe glijbaan, zo vlijtig bijeen gespaard door het dorp. Vorige maand, twee weken na de feestelijke opening, werd het ding door vandalen vernield. De schade: zo’n 10.000 euro.

Hoe goed burgerinitiatieven ook kunnen werken, risico’s zijn er ook. Hoe mooi een project ook is, er komt bijna altijd ruzie van, weet CMO STAMM-adviseur Van der Bij. „De truc is om je er als gemeente of adviseur niet mee te bemoeien. Dat is moeilijk want je wilt graag helpen. Maar de mensen moeten er samen uit zien te komen, anders loopt het later alsnog mis.” Sowieso gaat er van alles mis, aldus Van der Bij. „Je probeert bijvoorbeeld zonnepanelen en dan blijkt later dat een andere oplossing toch beter was geweest. Het is aldoor een zoektocht.”

Een groot gevaar is volgens Breedveld van het Mulier Instituut ook dat het dorpelingen en wijkbewoners, hoe fanatiek ze ook zijn, zelden zal lukken om te sparen. „Ons beeld is dat burgers het beheer vaak nog wel voor elkaar krijgen, maar dat sparen voor forse investeringen in de toekomst niet lukt.”

En dat is een bedreiging, zeker omdat veel zwembaden uit de jaren zestig en zeventig stammen en dringend aan vernieuwing toe zijn. „Ik verwacht dat er over een jaar of wat veel noodkreten klinken. Dat er groot onderhoud voor de zwembaden nodig is en dat al die stichtingen dat niet kunnen betalen. En dan is het opnieuw de vraag of en hoeveel geld de gemeenten voor de zwembaden over hebben.”

Ruzie direct uitpraten

Ruzies in Valthermond? Ach nee, zegt Kolthof. Er is wel eens iets, maar de vrijwilligers weten inmiddels hoe het werkt: dingen die misgaan snel bij de juiste persoon melden en onenigheid direct uitpraten. Onvrede is er soms wel. Kolthof: „Wat als een moeder met haar kind naar het zwembad komt en zelf niet wil zwemmen? Moet ze dan één of twee kaartjes kopen? Het eerste jaar waren we daar nog niet zo streng mee. Nu wel. Het moet wel, willen we het zwembad overeind kunnen houden. Maar niet iedereen begrijpt dat.”

‘Wat verdwenen is, komt niet meer terug’

Het is de bedoeling dat het zwembad zich vanaf 2018 zelf gaat redden, helemaal zonder geld van de gemeente Borger-Odoorn. Dat is bijzonder, de meeste zwembaden die door dorpsbewoners worden gerund krijgen nog altijd een jaarlijkse bijdrage uit de gemeentekas. „Het is spannend”, zegt Kolthof. „We houden de bezoekerscijfers goed in de gaten. Begin juni zaten we nog duizend man boven vorig jaar. Daarna ging het wat naar beneden. Slecht weer. Nu gaat het weer beter.”


Een van de vrijwilligers achter de kassa

Het is een puzzel, zowel financieel als de bezetting. „Vorige week was ik hier elke dag”, zegt Kolthof. „Zeker in de zomervakantie is het lastig om genoeg personeel te vinden.” Maar, aldus Kolthof, de vrijwilligers komen er uiteindelijk altijd uit. Ook voor de vernielde glijbaan kwam een oplossing. Toen bleek dat de verzekering bij vandalisme niet uitkeert, hielp een plaatselijk mechanisatiebedrijf de zwemmers uit de brand. Kolthof: „En een paar sterke mannen riepen al dat ze ’s nachts wel de wacht wilden houden.”

,,Ook voor het dorp is het goed"

Is dit alles het nu waard? Dit keer hoeft Kolthof niet na te denken. „Ja”, zegt ze vol overtuiging. „Sowieso, zie het plezier van de kinderen. Alleen al daarvoor is het het waard. En ook voor het dorp is het goed. Het zwembad is een plek waar we samenkomen.”

Met dit vierde zwemseizoen in Valthermond komt het wel goed. Maar hoeveel zomers als deze volgen er nog? „Het is lastig”, zegt Kolthof. „In het begin is iedereen fanatiek. We hebben gelukkig een goed en stabiel team, maar ik heb ook al drie kassamedewerkers ingewerkt die ik nooit meer terug heb gezien.” Het liefst zou ze haar taken over niet al te lange tijd aan een ander overdragen. „We hopen dat de jeugd het van ons overneemt en dat het zwembad blijft bestaan.”

Is het erg dat we minder zwemmen?

Nederland voert al eeuwenlang een strijd tegen het water. Kunnen zwemmen is van levensbelang. Het resultaat is dat nergens ter wereld zo veel zwembaden zijn als hier en dat bijna iedereen kan zwemmen. Het aantal verdrinkingen in ons land is, ondanks al het water, relatief laag.

Particuliere initiatieven

„Aan het begin van de 20ste eeuw kwamen allerlei particuliere initiatieven op”, zegt Koen Breedveld van het Mulier Instituut. „Groepjes mensen die een voetbalveld aanlegden of een zwembad bouwden. Vanaf de jaren vijftig begon de overheid zich met de sportvoorzieningen te bemoeien. En nu zie je een ommekeer. Wil een dorp een zwembad? Nou, regel maar een zwembad.”

Hoe erg is het, dat we de laatste decennia steeds minder zwemmen? Breedveld ziet gevaren. Het aantal verdrinkingen zal stijgen, schreef hij in 2013 in het rapport Zwemmen in Nederland. Reddingsbrigades signaleren een teruglopende zwemvaardigheid bij kinderen.

Het is zeker niet goed als we minder zwemmen, aldus Breedveld. „Zwemmen heeft veel voordelen. Je kunt het tot op hoge leeftijd blijven doen. Daarnaast is het een mooie instapsport voor mensen die niet bewegen.”

Slim samenwerken

Om meer mensen te laten zwemmen, moeten gemeenten slim samenwerken. Dat zegt voorzitter Jan Rijpstra van de Reddingsbrigade Nederland. „Er zijn zo veel samenwerkingsverbanden in Nederland. Afval, milieu, economische activiteiten, van alles doen we samen. En sport willen de gemeenten allemaal zelf doen.” Onzin, aldus Rijpstra. „Als de ene gemeente een atletiekbaan heeft, hoeft de ander er toch niet ook per se eentje? Het moet niet om prestige gaan.”

„Vroeger wilde elk dorp een eigen zwembad”, zegt Rijpstra, oud-burgemeester van Tynaarlo. „Dat kan niet meer, dat is te veel.” Creatief samenwerken kan prima, stelt hij. „Betaal met verschillende gemeenten samen voor een zwembad en zorg ook samen voor goed vervoer. Pendelbussen bijvoorbeeld.” Ook pleit Rijpstra voor zwemles op zee, zeker voor kinderen die in de kunstgemeenten wonen. „Zwemmen op zee is heel iets anders dan in een zwembad.”

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.