Bart Rood.

Bart Rood uit Ruinerwold klom uit de diepe put die PTSS heet

Bart Rood. Wim Goedhart

Een tienermeisje wordt voor de ogen van Bart Rood geschept door een vrachtwagen. En overlijdt ter plekke. De inwoner van Ruinerwold, toen 27, kon niets doen en dat liet hem niet meer los. Achttien jaar later werd bij Rood een posttraumatische stressstoornis (PTSS) vastgesteld. Hij richtte een stichting op om lotgenoten te helpen.

„Het was verschrikkelijk heftig om te zien natuurlijk. Ik heb er ook heus wel wakker van gelegen. Maar daarna dacht ik dat ik wel weer gewoon verder met mijn leven moest gaan”, blikt de nu 45-jarige Rood terug.

Angst

Hij werkte destijds als chauffeur, maar kroop na het zien van het tragische ongeval weer gewoon achter het stuur. Al ging dat niet zoals eerst. „Ik merkte dat ik verstijfde wanneer ik sirenes hoorde of een traumahelikopter zag.”

Het begon zijn tol te eisen. Door zijn mentale toestand moest hij zijn baan opgeven, en het kostte hem zijn relatie. „Ik ging maar door, terwijl ik niet merkte dat ik steeds meer begon te veranderen. Naast het verstijven, had ik het gevoel dat ik altijd ‘aan’ stond. Ik sliep steeds slechter, had constant nachtmerries. Dat brak me op, en het sloeg door op mijn humeur.” Desondanks legde hij de link met het ongeval nooit.

Toch bleef er iets aan Rood knagen. Er klopte iets niet.

PTSS

Het kwartje viel toen Rood in 2016 een boekpresentatie van een veteraan met PTSS bijwoonde. „Ik herkende mezelf daar zó in. Ik kocht het boek meteen en las het in één ruk uit.” Alles viel op zijn plek, en Rood sprak het toen pas voor het eerst hardop uit: „ik heb een posttraumatische stressstoornis.”

Een online zelftest van het traumacentrum bevestigde het. Een periode vol behandelingen volgde.

Van gesprekken bij huisarts, coaches en psychologen, tot speciale EMDR-therapie (waarbij een gebeurtenis wordt teruggehaald, red.) en coaching met paarden en honden. Rood liet zich ook twee keer vier dagen opnemen in een traumacentrum. Stapje voor stapje ging het beter. „Het lukte door de bewustwording die ik door de behandelingen kreeg. Ik leerde omgaan met mijn stoornis en begon situaties die een reactie kunnen veroorzaken te herkennen. Op die manier kon ik daar rekening mee gaan houden.”

Levensecht

Volgens Rood is het een misvatting dat PTSS op één moment ontstaat. Dit heeft hij aan den lijve ondervonden toen hij in dienst was van Defensie. „Dat heeft schijnbaar de bodem gelegd. Gelukkig, denk ik nu, ben ik nooit op uitzending geweest naar oorlogsgebieden. Dergelijke situaties werden wel geoefend. Dat leek levensecht. Je staat dan volledig op scherp. Iets dat ik onbewust altijd bij me heb gehouden. Ellende die tot uiting kwam nadat ik dat ongeluk voor mijn ogen zag gebeuren.”

Dankzij de behandelingen en therapieën heeft Rood het ongeval een plekje kunnen geven en een weg in zijn leven mét PTSS kunnen vinden. „Het komt soms voor dat iemand volledig geneest, maar je kunt er ook mee leren leven.”

Terug naar waar het begon

Zo volgde hij exposure-therapie in 2017. De zwaarste van al zijn behandelingen, zegt hij, maar het leverde het meeste resultaat op. „Dat was enorm intensief. Ik was inmiddels bewust van mijn reactie op bepaalde triggers, maar nu werd ik er ook bewust aan blootgesteld.”

Niet liggend in een stereotype fauteuil bij de psycholoog, maar écht volledige blootstelling. „Het begon met een uitstapje naar het politiebureau, waar ik sirenes hoorde en dicht bij een politieauto mocht komen. Dat deed me wel wat. Ik ging weer helemaal terug naar het moment waar het begon.”

En het kwam allemaal nog dichterbij op Airport Eelde. „Dat was het ergst. Toen we de hangar binnentraden waar de traumahelikopter stond, kreeg ik het echt benauwd.”

Geen nazorg

Toch was het aan de Ruinerwoldiger zelf om zijn leven weer op te pakken. Makkelijk was dat niet. Er werd amper nazorg geboden, zegt Rood. „Ik kwam nog twee maanden lang bij de huisarts voor controle, maar de rest heb ik zelf moeten regelen. Uiteindelijk kwam ik bij coaches uit Wateren terecht. Zij werken met paarden en honden. Eens in de twee weken heb ik een afspraak met de coaches, met de mogelijkheid om een extra afspraak te maken als de trigger te groot is geweest.”


„Een paard voelt precies aan hoe iemand zich voelt. Hij houdt je als het ware een spiegel voor. Als ik bijvoorbeeld met een paard aan een touw wilde gaan wandelen, en ik voelde mij onzeker of angstig, gaf het paard niet mee. Was ik zelfverzekerd, dan werkte het mee. Dat is heel bijzonder. Ik heb er nog altijd veel aan. Als ik voel dat ik niet lekker in mijn vel zit, ga ik naar Wateren voor een sessie. Daarna kan ik er weer helemaal tegenaan.”


Rood is sinds zijn diagnose volledig afgekeurd. Toch probeert hij zichzelf op allerlei manieren nuttig te maken. Zo is hij vrijwilliger bij de Dierenambulance. „Dat is enorm belangrijk voor mij. De collega’s kennen mijn situatie en houden daar rekening mee als dat nodig is. Tot nu toe lukt het me hier wel om met ernstige situaties om te gaan, gek genoeg.”

‘Zonder begrip geen verwerking’

Regelmatig heeft hij te maken met gewonde dieren, verwaarlozingen en ongevallen. „Dan zet ik mijn verstand op nul en ben ik er voor de dieren. En als een gebeurtenis veel indruk maakt, maak ik een extra afspraak met mijn coaches.”

Rood richtte ook een eigen platform op: PTSS & Begrip. ‘Zonder begrip geen verwerking’, luidt het credo.

Via dit platform deelt hij zijn verhaal en probeert hij het taboe op posttraumatische stressstoornis te doorbreken. Ook geeft hij, samen met een coach - met hulphond -, lezingen op onder meer scholen. „Laatst was er iemand waarvan werd vermoed dat degene PTSS-gerelateerde klachten had. Ik hoop dat de scholier zich herkende in mijn verhaal en er iets uit heeft kunnen halen. Ik kan op dat moment moeilijk zeggen: ‘Hé, ik denk dat je ook PTSS hebt!’ Het moet vanuit mensen zelf komen. Degene – en eigenlijk iedereen – kan altijd contact met me opnemen. Ik ben zelf uit een heel diepe put geklommen en dat gun ik anderen ook.”

menu