Bezoekers van het Stedelijk Museum Meppel, tot voor kort Kunsthuis Secretarie, kunnen misschien alweer in het paasweekeinde dwalen langs schilderijen en tekeningen van Stien Eelsingh.

Ze kunnen dan ook langs de collectie poppen van Henk Boerwinkel in het nieuwe Triangel Kabinet lopen. Tenminste als de coronamaatregelen worden versoepeld. Gelet op de uitlatingen van premier Mark Rutte tijdens zijn laatste persconferentie heeft men inmiddels weer enige hoop daarop. Vrijwilligers van de tentoonstellingscommissie besteden de komende weken aan de inrichting van de Stien Eelsinghzaal op de bovenste verdieping. De nieuwe inrichting is een ontwerp van architect Pieter Brink.

Levenswerk

De kleine voorzaal op deze verdieping wordt ingericht door Henk Boerwinkel. Daarmee is zijn levenswerk gered voor Meppel. Het voormalige Theater Instituut dat is ondergebracht in de Universiteit van Amsterdam, toonde serieuze belangstelling voor deze unieke collectie. Deze was dan voor Meppel verloren gegaan. „Dan was mijn werk in een depot in Amsterdam terechtgekomen, een soort begraafplaats”, zegt Boerwinkel.

Hij is enthousiast over de bestemming van zijn creaties. „Het wordt een mooi overzicht, ook al past niet al mijn werk in die zaal.” Hij bewaart zijn poppen nu in grote kisten in zijn woning.

Kerncollectie

Het Stedelijk Museum Meppel heeft inmiddels in nauwe samenwerking met de Stien Eelsingh Stichting een kerncollectie van werken van Stien geselecteerd. De stichting en een aantal particuliere verzamelaars hebben veel stukken van Stien Eelsingh in langdurige bruikleen afgestaan. Daardoor kan de permanente expositie met enige regelmaat worden verwisseld.

Stien Eelsingh (1903-1964) was een kunstenaar die vooral in Meppel, Staphorst en Zwolle en omgeving bekend was. Haar naam en faam werden later landelijk een begrip. In het Stedelijk Museum Meppel wordt straks een verkorte versie van de documentaire Stiene Schilderes op Staphorst vertoond . Daarin wordt ook aandacht besteed aan de bijzonder gastvrije sfeer in de witte boerderij in Staphorst waar zij jarenlang werkte.

Meppeler schilders

In het Stedelijk Museum Meppel krijgt in de toekomst de groep Meppeler schilders meer aandacht. Ook van hen moet er een vaste collectie ontstaan. De komende zomerexpositie is gewijd aan André Idserda.

Conservator Mieke Mulders, voorzitter Jaap van der Veen en bestuurslid Ronald Wassenaar zitten op de voorgeschreven afstand van elkaar rond de tafel in de voormalige burgemeesterskamer - het museum is gevestigd in het voormalige gemeentehuis. De rommelige gezelligheid is een illustratie van de overgangsperiode tussen de maandenlang gedwongen stilte en de vurig gehoopte heropening voor het paasweekeinde. De huiselijke sfeer was kenmerkend voor Kunsthuis Secretarie en verdwijnt in het museum niet. „Als kunsthuis voer je een twijfelachtige naam, alsof je een galerie bent waar bezoekers aankopen moeten doen”, zegt Mulders. „In ons museum willen we op een laagdrempelige manier hoogwaardige kunst delen.”

De wisselende tentoonstellingen die lange tijd in Kunsthuis Secretarie waren te zien, blijven in het Stedelijk Museum Meppel te bewonderen. De tentoonstellingscommissie onder leiding van Mieke Mulders richt zich naast de Meppeler schilders op talent uit het Noorden. Het museum in Meppel onderhoudt goede contacten met het Rijksmuseum en het Stedelijk Museum in Amsterdam en kan rekenen op werken uit de depots van beide beroemde musea. Samenwerking is er ook met de Fundatie in Zwolle, het Drents Museum en het Groninger Museum. Zij zijn bereid werk van jonge veelbelovende kunstenaars in kleinere musea een podium te bieden, benadrukt Mulders.

Wensen

Het bestuur van het Stedelijk Museum Meppel heeft meerdere wensen. Bovenaan het verlanglijstje staat al jaren de installatie van een lift op de binnenplaats van het monumentale pand. Het voorste deel dateert uit 1826, het gedeelte aan de Grote Akkerstraat uit 1910. De ontoegankelijkheid zijn het bestuur en de tientallen vrijwilligers al jaren een doorn in het oog.

De realisatie van de lift, de bouw van een depot, het wegwerken van achterstallig onderhoud en het aanbrengen van nieuwe verlichting komt op een totale investering van circa een miljoen euro. Binnenkort legt het bestuur in een gesprek met wethouder Henk ten Hulscher de wensen en een plan van aanpak op tafel. Er zal ook financiële steun worden gezocht bij lokale en landelijke fondsen.

Meppel, zegt voorzitter Jaap van der Veen, verdient een eigen museum. Met het Drukkerijmuseum, de schouwburg, Beeldenpark de Havixhorst en het Stedelijk Museum biedt Meppel volgens hem een culturele infrastructuur waarop jaarlijks vele duizenden bezoekers afkomen. Inwoners uit de gemeente zelf, uit de regio, toeristen en mensen die in de omgeving recreëren.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Meppel