Ambitieus bedrijf moet er klaar voor zijn om multinational te worden

Zijn hoofdkantoren de sleutel tot succes voor Noord-Nederland? We proberen met een reeks verhalen in beeld te krijgen of dat soort machtscentra de noordelijke economie kunnen versterken. Nabij de hoofdkantoren is bovendien vaak de innovatie en dus zijn er meer banen voor de beter opgeleiden. De eerste aflevering was op 1 december.

Een uitspraak om over na te denken: ,,Hoe hoog leg je de lat? Want dat is dan ook meteen de hoogte die je springt.’’ Edward van der Meer, directeur van Triade (investeringsvehikel van het UMCG), wil er maar mee zeggen dat je automatisch lager gaat springen als de lat wat minder hoog komt te liggen.

De hoogte van de lat bepaalt

De uitspraak, die Van der Meer overigens leende van professor Aard Groen, haalt hij aan om de ambities rond Campus Groningen in perspectief te plaatsen. Triade is de aanjager van de campus. Op die plek komen ondernemer en onderwijs bij elkaar, dus kennis en doortastendheid, waarmee het de potentiële r&d (onderzoek en ontwikkeling) is voor bedrijven. Een combinatie die veel fraais kan opleveren en misschien ook wel de hoofdkantoren die Noord-Nederland in de toekomst nodig zou kunnen hebben. De ingrediënten zijn er aanwezig, de hoogte van de lat bepaalt voor een groot deel de rest van het traject.

Met zijn financiële achtergrond voelt Van der Meer zich senang bij reële lathoogtes, maar hij beseft dat er vaak meer mogelijk is bij wat grotere ambitie. Wat dat betreft is er een mooie anekdote uit het verleden. Rond 2000 was Groningen leidend als het om biotech ging. Slechts een paar jaar later had Leiden die koppositie overgenomen met een immense voorsprong. De inmiddels overleden Roland Lageveen (IQ) had daar een verklaring voor: ,,In Leiden en omgeving wil men een groei van minimaal 100 procent per jaar. Wij zijn hier tevreden met 40. Ik ook, want dan doe je het beter dan de anderen die tot 35 komen.’’ Lageveen ervoer toen al dat de groei met de lat had te maken.

Nooit bereid te verkopen

Het is niet alleen die lat, beseft Van der Meer, het is een combinatie van factoren die bepaalt hoe groot een bedrijf kan worden. Het idee, de aandeelhouders, de ondernemer, alles telt mee. ,,Maar je kunt het wel zo voor elkaar maken, ook financieel, dat je er klaar voor bent om een multinational te worden. Het is een attitude’’, vindt hij. ,,Dan ben je ook niet bereid om te verkopen als een partij zich meldt. Nee, je wilt zelf het hoofdkantoor runnen. Dat beeld bepaalt of je groot wordt. Dat is een mindshift, een die je maar weinig ziet in Noord-Nederland.’’

Wil Noord-Nederland mensen vasthouden en wil het autonome ontwikkeling beleven, dan moeten er wellicht meer hoofdkantoren komen. Die zullen niet van buiten komen, want ze zijn elders geworteld. Tenzij er een dwingende reden is om voor Noord-Nederland te kiezen, bijvoorbeeld een sterk cluster met hoofdkantoren, zo vermoedt Van der Meer.

Makkelijk wokrecept voor r&d

Op Campus Groningen kan het zaadje gelegd worden. Avebe heeft er een lab, Bytesnet een datacenter plus onderzoeksruimte, de energie- en bouwsector doen er onderzoek (Entrance en Building), Pezy (industrieel ontwerp) gaat erheen, het is een smakelijk wokrecept voor r&d. ,,Als het ergens gaat gebeuren in Noord-Nederland, dan is het hier’’, is de overtuiging van Peter de Jong (Bytesnet en datacenter d’Root), ,,maar je hebt geen zekerheid. Hier is een ontmoetingsplek voor studenten en ondernemers, hier zijn kansen, hier is visie. Het is alleen geen plek voor einzelgängers.’’

Van der Meer kan zich wel vinden in het oordeel van De Jong. Campus Groningen is een clusterplek, zegt hij, en wijst op de noordelijke onlinebedrijven die verspreid in de regio en stad Groningen zitten, waardoor ze weinig aan elkaar hebben. ,,Hier is samenhang en maken we tempo’’, zegt Van der Meer, ,,al is het voor mij moeilijk om objectief te constateren of het snel gaat omdat ik er middenin zit.’’

Syncom kan groot worden

Er wordt getracht om clusters te vormen op de campus. Triade heeft daartoe bijvoorbeeld projectmanagers ict en biotech in dienst. Van der Meer: ,,De aanpak is soms eenvoudig: we hoeven geen boegbeeld te zijn, het moet gewoon gebeuren.’’

Van der Meer vindt dat een aantal bedrijven op de campus groot kan worden. Het duidelijkste voorbeeld is voor hem Syncom, dat de r&d doet voor grote chemieconcerns. Dat oogt een wat vreemde taxatie want Syncom is al dertig jaar bezig. Van der Meer: ,,Je moet de omstandigheden ook mee hebben. Nu zijn er investeerders en nu is er een topteam op alle functies die nodig zijn om door te groeien.’’

Groningen geen kooi voor studenten

Het gaat om het eco-systeem, het gaat om mensen die ‘tot diep in hun botten voelen dat ze het willen maken’, zegt Van der Meer: ,,Maar zijn die mensen er in voldoende mate? Een bedrijf als Voys doet het heel goed, maar als dat bedrijf uitspreekt dat het wereldleider wil worden, dan gaat alles sneller omdat het perspectief verandert.’’

Campus Groningen is er niet voor de stad Groningen, maar voor heel Noord-Nederland, benadrukt Van der Meer. Het verhaal wordt nog onvoldoende aan de studenten verteld, vindt hij. ,,En als we het vertellen, doe we het niet om die studenten hier te houden. Laat die jongens en meiden de wereld ingaan. Groningen is een mooie stad maar geen kooi. Laat de studenten goeie ambassadeurs voor Groningen worden.’’

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.