Eelde: nieuwbouwwijk in wording. In Groote Veen wordt volop gebouwd.  Foto: Jaspar Moulijn

De aannemer is regisseur geworden van een complex proces

Eelde: nieuwbouwwijk in wording. In Groote Veen wordt volop gebouwd. Foto: Jaspar Moulijn

De bouwsector is veranderd. Het runnen van een aannemersbedrijf is complex. Hoogconjunctuur, schaarste en bevingswerk maken het nog lastiger.

De nieuwbouw is heel anders georganiseerd dan pakweg tien jaar geleden. Een aannemer is veel meer regisseur geworden van een bouwproject: ongeveer een derde van het werk doet de aannemer zelf, de rest huurt hij in.

Flexibele schil

Het is ongeveer zoals de scheepswerven zich pakweg 30 jaar geleden ook reorganiseerden. Werven hadden soms wel 500 mensen in dienst, waaronder schilders en timmerlui. Als de hoeveelheid werk terug liep, moesten de werven veel timmerlui en schilders betalen die niks te doen hadden. Dat was het moment waarop het bedrijf met een flexibele schil ging werken: schilders en timmerlui werden buiten het bedrijf geplaatst en die begonnen bijvoorbeeld eigen bedrijfjes of werden zzp’er. Ze werden ingehuurd als ze nodig waren. De aannemer heeft dat model gekopieerd: binnen het bouwbedrijf bestaan alleen nog de noodzakelijke functies om een project aan te sturen, de rest wordt per klus ingehuurd en vormt in feite de flexibele schil.

De werven hebben via deze aanpak weten te overleven. Of dat ook voor de bouw geldt, is de vraag. De conjunctuurgevoeligheid van deze sector is groter. Bovendien is er een enorme schaarste aan specialistische zzp’ers, na de crisis hebben tienduizenden specialisten ander werk gezocht en gevonden.

Gouden tijden

Die specialisten die er nog wel zijn, beleven gouden tijden. Een insider meldt dat stukadoors in de Randstad twee tot drie keer zo veel kunnen verdienen als hier. Ze rijden dagelijks in alle vroegte met busjes naar Amsterdam en omgeving. En dus is het in Noord-Nederland lastig om stukadoors te vinden. Om een indruk te krijgen wat voor gevolgen dat heeft, proberen we het bouwproces bij nieuwbouw in kaart te brengen.

De aannemer is de regisseur. Een derde van het werk doet hij zelf, twee derde wordt door de onderaannemers (vaak zzp’ers) uitgevoerd. En juist bij die twee derde ligt een groot deel van de prijsstijgingen, vooral lonen en grondstoffen. We praten dan over vier prijsstijgingen in de afgelopen twee jaar.

Vloeren, isolatie glas duur

Volgens Sander Wubbolts van Bouwend Nederland Noord gaat het om in totaal 8 tot 10 procent, maar er zijn ook partijen die het eerder op 20 tot 30 procent houden. Wubbolts: ,,Extremen zijn vloeren, isolatie en glas. Glas is net niet over de kop gegaan, isolatie is niet aan te slepen. En vloeren kosten een kwart meer.’’

We beschrijven even hoe de praktijk – in grote en grove lijnen – verloopt. De heier, de grondwerker, de schilder en de stukadoor komen allen langs en zeggen wat hun prijs is. Die prijs ligt hoger dan een tijd terug. Er is namelijk volop werk, vooral in de Randstad dus, en dus kunnen ze het ook vragen. De kosten van de flexibele schil zijn daarom een stuk hoger geworden. De hogere kosten van de flexible schil zijn een vervelende bijkomstigheid van die schil in tijden van hoogconjunctuur. Tenzij het in contracten is vastgelegd, zijn al die verhogingen niet door te berekenen.

Afspraken werken niet

Maar zelfs als ze wel vastgelegd zijn, zorgt het voor problemen. Er kan een prijs met een stukadoor zijn afgesproken, maar als die niet langskomt omdat er in Amsterdam veel meer te verdienen valt, kan de aannemer met het contract in de hand de afspraak afdwingen. Hij zal gelijk krijgen, maar onderhand had de aannemer het pand al lang moeten opleveren. Afspraken werken dus niet altijd in de praktijk.

Jan-Emmo Hut van bouwbedrijf Kooi uit Appingedam (70 werknemers): ,,De prijsstijgingen hebben een negatief effect op het werk. Ze zijn namelijk fors en dus moet je een klus zo snel mogelijk realiseren, want vandaag kan het nog tegen een bepaalde prijs en hoe het morgen loopt, weet je niet.’’

Schakelend vermogen

Kan de aannemer de prijsstijgingen niet doorberekenen, dan moet hij interen op zijn eigen vermogen. Tenminste, als dat na de crisis alweer een beetje voorstelt. Met voorfinanciering (via de banken) kan dat probleem ook deels opgelost worden. Sommige aannemers springen daar handig mee om: zelf betalen ze hun leveranciers soms na 60 of 90 dagen, terwijl de opdrachtgever de termijnen binnen 14 dagen moet voldoen. De regisseursrol bij nieuwbouw vergt enorm veel schakelend vermogen.

Maar de schaarste heeft nog een ander effect dan prijsstijgingen, want als iedereen tegelijk wil bouwen zijn er onvoldoende bouwvakkers en grondstoffen. Het kan daardoor gebeuren dat een particulier al in 2017 een kavel heeft gekocht en afspraken met een aannemer heeft gemaakt, maar nog geen enkele bouwactiviteit op de kavel heeft gezien. Het is dan de vraag of de aannemer nog wel kan leveren tegen de afgesproken prijs. Het gevolg laat zich raden: als er toch gebouwd moet worden dan zal de particulier langs de bank moeten voor een hogere hypotheek.

Vrouw tekent mee

De aannemer zelf komt er vaak ook niet beter uit. Die moet bij een voorfinanciering meer zekerheden geven aan de bank, soms tot aan het particuliere vermogen toe; de vrouw mag dan meetekenen, zoals dat dan fraai heet. En als het meevalt, moet er een bankgarantie van 5 procent worden afgegeven. ,,Maar dat gaat weer ten koste van het geld dat je nodig hebt om materialen in te kopen’’, weet Sander Wubbolts.

Hut zoekt met bouwbedrijf Kooi werk in andere regio’s. Er is momenteel in het bevingsgebied te weinig te doen. Wubbolts legt uit: ,,De particuliere markt zit op slot. Men wil wel wat doen, bijvoorbeeld in samenhang met herstel of versterking. Maar er gebeurt niks en dus wacht men af. Die te vervangen dakkapel kan nog wel vier jaar mee, zo denkt men dan. De mkb-aannemer heeft daar echt last van.’’

Leeuwenkuil

Het betekent dat deze aannemers weinig uitwijkmogelijkheden hebben. Zo lang versterking en herstel maar mondjesmaat afkomt, zal een bouwbedrijf het moeten zoeken in nieuwbouw of in verbouw/renovatie. Nieuwbouw is, zoals geschetst, een leeuwenkuil. En verbouw is er niet. Jan-Emmo Hut vertelt: ,,Ik zit momenteel in Friesland, maar dat heeft ook met mijn netwerk te maken. Daar put ik uit. Maar het is wel zo: als er een mooi rendement in de regio valt te halen, dan rijden we in de regio.’’

Een ingewijde vult aan: ,,Het is momenteel een rare tijd in de bouw. Je leeft als ondernemer al te vaak op het vermogen van je klanten. Je kunt een heel mooi bedrijf hebben en dan toch de bietenbrug op gaan.’’

Herstel en versterking

Dit verhaal vertelt nog niks over de praktijk van herstel en versterking in het bevingsgebied. En over hoe de bouwsector de problemen denkt op te lossen. We komen daar volgende week op terug.

menu