Een koe van een biologische melkveehouder in Noord-Nederland.

Expert uit Bellingwolde: 'Het schiet in Nederland niet op met de biolandbouw'

Een koe van een biologische melkveehouder in Noord-Nederland. Foto: archief DvhN

De groei van de biologische landbouw in ons land gaat moeizaam, ondanks de enorme aandacht voor de sector van de overheid. ‘Het sentiment is niet goed’, zegt expert Peter Brul.

Voor het zesde jaar op rij is het aantal boeren dat omschakelt naar de biologische landbouw gedaald. Afgelopen jaar waren het er 96, vergeleken met 124 in 2019. Ook al groeide de biologische sector als geheel in ons land vorig jaar 2,5 procent, de groei is bepaald niet onstuimig. Van het totale Nederlandse landbouwareaal wordt slechts 4 procent (79.664 hectare) biologisch bewerkt, dat wil zeggen zonder kunstmest en landbouwgif.

Door die trage groei is het voor ons land vrijwel onmogelijk de EU-ambitie van 25 procent biologische landbouw in 2030 te halen. Boeren noemen als reden om niet over te stappen vaak de kostbare overgangsperiode van twee jaar, waarin hun inkomsten flink afnemen. Ook zien ze op tegen ingewikkelde regels en rompslomp.

Voorspoedig

Volgens Peter Brul uit Bellingwolde, ooit een van de eerste biologische boeren in Groningen en tegenwoordig adviseur die de hele wereld over reist om raad te geven, gaat het in Duitsland, Oostenrijk en Zwitserland veel voorspoediger met de biologische landbouw. ,,Het schiet bij ons niet op. Het sentiment is in Nederland niet goed. Het is niet zozeer de markt, maar de wil in de landbouwsector om over te schakelen ontbreekt. De onzekerheid in de Nederlandse landbouw is ook geen goede voedingsbodem voor een eventuele overstap.’’

Voorts doen grote spelers zoals bijvoorbeeld Friesland Campina te weinig, meent hij. ,,Dat bedrijf ziet weinig in biologisch boeren. Daardoor wordt het voor veel leden ook moeilijker over te schakelen. Zo moeten en overstappen naar biologisch boeren en ze moeten uit de corporatie.’’

Tegenwerking

De overheid heeft het vaak en veel over andere manieren van landbouw, maar daar blijft het bij, aldus Brul. ,,Netto doet Den Haag maar heel weinig voor de biologische landbouw. Pogingen om die te stimuleren stellen weinig voor. De tegenwerking is net zo groot.’’

Is er eigenlijk wel perspectief voor biologische boeren? ,,Ruim tweeduizend boeren in ons land zijn met de biologische landbouw bezig, soms al voor de derde generatie. Velen van hen hebben een goed verdienmodel. Er is knowhow. Maar in feite gaat het niet om kennis: het gaat om samenwerking, met elkaar iets willen. Wat dat betreft kunnen we veel leren van Duitsland,’’ denkt Brul.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
Duurzame landbouw
Duurzaamheid
menu