Foto: Pixabay

Op zoek naar de beste koemelk in Drenthe, Groningen en Friesland

Foto: Pixabay

Is de melk van natuurinclusieve boerenbedrijven beter, lekkerder en gezonder dan die van reguliere bedrijven? De Drents-Gronings-Friese organisatie Het Melklab 2.0 zoekt het tot op de bodem uit.

De initiatiefnemers van het pas gelanceerde Melklab 2.0 gaan uitzoeken of melk van natuurinclusieve boerenbedrijven beter, lekkerder en gezonder is dan die van reguliere bedrijven. Ze hebben er belang bij dat de melk van boeren met oog voor natuur en landschap als ‘winnaar’ uit de bus komt.

Het zijn de stichting Natuurlijk Melken 2050, de Groningse coöperatie Noorderlandmelk (maker van onder meer Weide Weelde-zuivel), Rouveen Kaasspecialiteiten, kaasmakerij De Fryske in Oudemirdum en het Living Lab Friesland, stuk voor stuk pleitbezorgers voor de natuurinclusieve zaak.

,,Wij hopen natuurlijk dat er verschillen in samenstelling en smaak aan het licht komen. Wanneer er een significant verschil is met het gemiddelde, dan hebben wij wel een verhaal’’, zegt voortrekker Catharinus Wierda van Naturlijk Melken en De Fryske. ,,En dan is het ons niet te doen om de claim dat wij beter zijn. Wij willen vooral graag laten zien waar wij voor staan en waarin wij ons onderscheiden.’’

Geen glas melk is hetzelfde

Geen glas melk, geen koe en geen bedrijf is hetzelfde. Op koe-niveau maken ras, genetische eigenschappen, leeftijd en waar het dier zich bevindt in de lactatiecyclus al een serieus verschil. Daar komen nog allerlei omgevingsfactoren bij, zoals het rantsoen van de dieren, seizoen en klimaat, plus de vraag of de dieren vaak in de wei staan.

Een verkennend onderzoek onder de vleugels van het Melklab, in 2017 uitgevoerd door student Annet Scheen van Hogeschool Van Hall Larenstein, leverde juist door al die onafhankelijke factoren geen keiharde conclusies op. Zij liet de melk van dertien noordelijke bedrijven doorlichten. Dat waren Weide Weelde- en reguliere Noorderland-boeren met een verschillend weide- en voerbeleid.

Een smaakexpert beoordeelde de Weide Weelde-melk als lekkerste, maar vond geen significante verschillen. Of het moest zijn dat verschillende bijvoerproducten voor een bijsmaak zorgden: bierbostel maakte melk ‘minder lekker’, aardappelsnippers ‘minder romig’ en koolzaadstro ‘muf’.

loading

Verschillen in vetzuursamenstelling

Alleen in de vetzuursamenstelling waren significante verschillen op te merken in het voordeel van de boeren die hun dieren een zuiver grasdieet voorschotelen met vooral weidegras, eigen kuil en hooi. Zij scoorden het gezondste profiel, met de minste verzadigde en juist de meeste onverzadigde vetzuren, alsook de gunstigste verhouding tussen de omega-vetzuren 3 en 6.

Met het gegeven dat de weidegang blijkbaar verschil maakt, gaat het Melklab de komende twee jaar verder aan de slag. Twintig natuurvriendelijke boeren in Groningen, Friesland en de kop van Overijssel die hun vee vaak naar buiten sturen in kruidenrijk gras, worden hiervoor op de voet gevolgd. In het onderzoek wordt pakweg 300.000 euro gestoken.

Testkazen

In februari, mei, augustus en november wordt per bedrijf de melk meermalen bemonsterd en tot in de kleinste details geanalyseerd door het zuivellab Qlip in Zutphen. Dat identificeert alle mogelijke vetzuren, mineralen en sporenelementen en zorgt voor een vergelijking met de gangbare melkstroom. Op het land van de boeren zal de vegetatie worden uitgekamd om grassen en kruiden te identificeren. Van verschillende melkvoorraden zullen bovendien in Rouveen testkazen worden gemaakt.

De speurtocht moet uiteindelijk een ‘melkkompas’ opleveren, zegt projectleider Marjan Nijenbanning uit Coevorden. Dat is een gereedschap waarin alle variabelen die de smaak en de kwaliteit van melk bepalen samenkomen. ,,Daarmee moet inzichtelijk worden waar je vanuit natuurinclusiviteit kunt sturen op de melk.’’ Het Melklab wil daarmee werken aan ‘innovatieve producten met van nature bijzondere melk’.

Boer Everard Huppelschoten, die in Ten Post zeventig Groningse blaarkoppen melkt en maximaal weidt, is een van de deelnemers. Zijn oude ras levert melk met de hoogste dosis onverzadigde vetzuren, die vanouds wordt gebruikt voor magere Leidse kaas. Huppelschoten hoopt meer te leren over wat zijn product bijzonder maakt. ,,Het is een verrijking voor de markt als we iets kunnen doen tegen de smaakvervlakking door smaken van vroeger weer naar boven te halen.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
menu