Een winkel in Groningen op de eerste dag van de tweede lockdown.

Overleven in lockdown: de bank zegt vaker nee

Een winkel in Groningen op de eerste dag van de tweede lockdown. Foto: Kees van de Veen

De Noordelijke Ontwikkelings Maatschappij (NOM) is met rijk en provincies in gesprek over een fondsversterking. Bedoeld om bedrijven die in de problemen komen, overeind te houden.

De NOM verwacht de komende tijd een toename van bedrijven met een financiële hulpvraag, zegt Jeroen van Onna. Eind vorig jaar zei ook directielid Geert Buiter van de NOM dat de organisatie verwacht financieel vaker te moeten bijspringen als de lockdown voortduurt.

Het aantal gaat toenemen

Het betekent voor de NOM niet een koersverandering, wel een accentverschuiving, zegt Van Onna. ,,Kijk je naar de afgelopen zes jaar dan investeerde de NOM voor 47 procent in nieuwe bedrijven en voor 9 procent in bedrijven die om de een of andere reden in de problemen waren gekomen. Ik verwacht dat die 9 procent dit jaar toeneemt.’’

Waar financiering via de NOM veelal betekent dat ondernemingen er een aandeelhouder bij krijgen, zullen ondernemers eerst andere mogelijkheden zoeken om hulp. De bank bijvoorbeeld.

De bank heeft een rood kruis gezet

Maar die schoen knelt nadrukkelijk. De soepelheid van het begin van de coronacrisis is verdwenen nu de crisis steeds dieper wordt. Het Financieele Dagblad signaleert zelfs een steeds grimmiger relatie tussen bank en ondernemer.

Nadat het kabinet vorige week een extra steunpakket had aangekondigd, riep brancheorganisatie INretail de banken op minder streng te zijn. ‘Banken moeten nu laten zien dat ze er zijn voor hun klanten’.

Dat zijn ze niet, merkt woordvoerder Paul te Grotenhuis van INRetail. ,,Het lijkt alsof banken een groot rood kruis hebben gezet achter retail en non-food. Ondernemers hebben het gevoel dat ze kapotgaan, terwijl de bank, waar ze soms al jaren een relatie mee hebben, niet mee wil werken.’’

Grotere stroppenpot

En dat kan leiden tot het bloedbad waarvoor INretail vaker waarschuwde. De zaken hopen op. De ondernemer die al schulden heeft en nu bij de bank aanklopt, wordt erop gewezen dat er nogal wat openstaat. De ondernemer wordt steeds sneller doorverwezen naar de afdeling bijzonder beheer.

Dat de bank steeds strenger wordt, is niet onlogisch. Voor iedere lening moet de bank haar eigen buffers aanvullen. Hoe hoger het aantal ondernemers dat aanklopt, hoe hoger de stroppenpot voor de bank.

Bank strenger na kredietcrisis

En de bank moet voorzichtiger zijn. Of strenger. Dat is wat gevraagd wordt na de kredietcrisis die werd veroorzaakt doordat banken te veel risico namen bij het verstrekken van leningen.

Voor de ondernemer betekent het dat er nog meer van zijn creativiteit wordt gevergd. Dat hij moet zoeken naar andere vormen van financiering. Een aandeelhouder, een trouwe klant die nu alvast zijn zomercollectie bestelt en betaalt, een lening van familie of vrienden of misschien wel crowdfunding.

Een olympische strijd

Het zijn voor de ondernemer niet altijd de meest aantrekkelijke opties, want het maakt de problemen waarin hij verkeert zichtbaar.

Maar toch is de afdeling bijzonder beheer van de bank een nog minder aanlokkelijk vooruitzicht. Waar de een het een plek noemt voor coaching en steun, zien ondernemers dat anders: ,,Het vergt een olympische strijd om van bijzonder beheer af te komen’’, zegt Te Grotenhuis.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
Coronavirus
Ondernemend
Financieel / Accounting
menu