Vervuiler betaalt lang niet altijd

Foto: ANP .

De milieubelasting in ons land is in 25 jaar tijd nauwelijks toegenomen. Ook blijkt dat vervuilers nog lang niet altijd het meeste betalen.

In 1995 was het aandeel van de milieubelasting in de totale belasting- en premieopbrengst 7,6 procent. Afgelopen jaar bedroeg het percentage 7,7 procent.

Dat constateert het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Hoewel verduurzaming van de Nederlandse economie de afgelopen jaren steeds prominent op de politieke agenda staat, laten cijfers van het CBS zien dat die aandacht zich nauwelijks vertaalt in hogere lasten voor vervuilers. Ondanks allerlei goedbedoelde pogingen heeft milieubelasting zich in de afgelopen 25 jaar niet kunnen ontwikkelen tot een instrument om vervuiling bij de bron aan te pakken.

Vliegbelasting en verpakkingsbelasting

Kabinetten voerden regelmatig nieuwe milieubelastingen in, die onder navolgende kabinetten weer even snel werden afgeschaft. Dat lot trof onder meer de vliegbelasting en de verpakkingsbelasting.

Grootverbruikers van energie betalen relatief weinig belasting, blijkt uit de cijfers van het CBS. Zo waren de huishoudens in 2019 goed voor 56 procent van de opbrengsten uit de energiebelasting, de emissierechten en de brandstofaccijnzen, de belastingen die het direct zijn verbonden met de CO2 uitstoot. In datzelfde jaar waren zij maar verantwoordelijk voor minder dan een kwart van de uitstoot van dat broeikasgas in Nederland. Deze verhouding is in de laatste tien jaar nauwelijks veranderd.

In tegenstelling tot autobrandstof worden stookolie en gasolie voor schepen en kerosine voor vliegtuigen niet of nauwelijks belast. En dit terwijl de scheepvaart en de luchtvaart verantwoordelijk zijn voor de meeste CO2-uitstoot, aldus het CBS.

menu