Na 9 weken oversterfte was sterftecijfer vorige week lager dan normaal

Foto: ANP

Het CBS meldt dat voor week 20 (11 tot en met 17 mei) het aantal overledenen geschat wordt op bijna 2 850. Daarmee zit de sterfte zo’n 200 onder het niveau van wat normaal zou zijn in deze periode.

Vorige week zijn 159 overleden Covid-19-patiënten aan het RIVM gemeld (stand van donderdag 21 mei 2020). Het uiteindelijke aantal kan zelfs nog hoger zijn omdat niet iedereen wordt getest op Covid-19.

In de weken voor afgelopen week (dat is week 11 tot week 19) was het sterftecijfer hoger dan verwacht. In die weken overleden bijna 9000 mensen meer dan je in deze periode zou verwachten. Dat melden het CBS en het RIVM op basis van de voorlopige sterftecijfers per week.

Ga met de muis over de grafiek om de cjifers te zien. De tekst gaat verder onder de infografiek.

Schatting

De schatting is gebaseerd op het aantal overlijdensberichten dat het CBS tot en met woensdag 20 mei ontvangen heeft voor week 20. Het verwachte aantal overledenen is geschat op basis van het aantal overledenen in de voorafgaande weken, gecorrigeerd voor seizoensgebonden factoren. Er zouden in week 20 naar schatting 3046 mensen overleden zijn als er geen corona-epidemie was geweest.

In 2020 overleden tot en met week 10 (tot en met 8 maart) gemiddeld 3 134 mensen per week. Daarna steeg de sterfte naar een maximum van 5079 in week 14.

Het is overigens bekend dat na een periode van hogere sterfte vaak een periode van lagere sterfte— ook wel ondersterfte genoemd — volgt. Ook na de verhoogde sterfte tijdens de griepepidemie in 2018 was er een periode van ongeveer zes weken waarin de sterfte lager lag.

80-plussers

Het sterftecijfer is vooral lager dan gebruikelijk onder 80-plussers en vrouwen. Het aantal overledenen daalt sinds week 14 wel in alle leeftijdsgroepen. Het CBS meldt: ‘Bij mannen daalt de sterfte sinds week 14 en bij vrouwen sinds week 15. In week 20 daalde de sterfte onder mannen niet verder, bij vrouwen wel. Bij mannen ligt de sterfte in die week 3 procent lager dan wat gebruikelijk is voor de tijd van het jaar en bij vrouwen 11 procent lager.’

menu