Foto: ADR Media

Hollandse helden of schurken: wie waren deze zeelieden precies?

Foto: ADR Media

Zeehelden liggen onder vuur. De een wil hun namen en beelden uit het straatbeeld wissen. De ander ziet dat als een aanval op onze identiteit. Maar veel Nederlanders hebben geen idee wie die zeelieden waren.

Hoorn is vrijdag het decor van twee demonstraties over het standbeeld van Jan Pieterszoon Coen. Onder het devies ‘stop de genocideverheerlijking’, eisen de actievoerders dat het beeld wordt weggehaald. Ook is een tegendemonstratie aangemeld van de groep ‘Coen is OK’, die opkomt voor ‘onze cultuur, tradities en ons erfgoed’.

Coen is niet de enige naam uit onze geschiedenisboekjes die onder vuur ligt. Vrijwel elke gemeente heeft wel een zeeheldenbuurt en al jaren woedt een discussie over hoe we daar mee moeten omgaan. De een pleit voor verwijderen van straatnaambordjes en standbeelden, de ander betoogt dat je mensen uit de zeventiende eeuw niet kunt veroordelen op basis van de hedendaagse normen. Het was een andere wereld waarin mensen anders dachten. In de zeeheldendiscussie komen vier namen het vaakst bovendrijven. Wat deden die inmiddels omstreden figuren eigenlijk in hun tijd?

loading  

Jan Pieterszoon Coen (1587-1629)

Het standbeeld van Coen in Hoorn was al mikpunt van kritiek toen het eind negentiende eeuw werd opgericht. Ook toen al noemden tegenstanders hem een ‘hond’. Premier Mark Rutte wees er onlangs op dat we niet alleen naar Coens negatieve kanten moeten kijken, maar dat hij ook ‘een visionair bestuurder’ was.

Coen was in dienst van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC), waar hij opklom van onderkoopman tot gouverneur-generaal. ,,Zijn voorgangers kregen de boel niet op poten, maar hij heeft de boel gereorganiseerd waardoor het bedrijf nog tweehonderd jaar kon blijven bestaan’’, vertelt Jur van Goor, voormalig hoogleraar kolonialisme aan de Universiteit van Utrecht en biograaf van Coen.,,Hij maakte er een strakke organisatie van met handelsposten. Hij veroverde het huidige Jakarta en maakte dat tot hoofdkantoor van de VOC. Jakarta, of Batavia zoals het toen heette, was voordien een onbeduidend stadje maar is nu nog steeds het middelpunt van de Indonesische archipel.’’

De VOC was het enige Nederlandse bedrijf dat van de Staten-Generaal handel mocht drijven met Azië. Omdat de VOC volledige zeggenschap wilde over de specerijenhandel in ‘de Oost’ en omdat de Nederlandse Republiek nog in oorlog was met Spanje, vocht Coen tegen Spanjaarden en Portugezen. Ook de rivaliserende Engelsen hield hij weg.

loading  

Eilandbewoners werd het verboden handel te drijven met anderen dan de VOC. Coen staat bekend als de ‘slachter van Banda’. De inwoners van die eilandengroep wilden hun nootmuskaat niet alleen aan de Nederlanders verkopen. In 1621 rustte Coen een strafexpeditie uit. Een groot deel van de bevolking kwam om door ziekte. Overlevenden werden vermoord of afgevoerd. Van de ongeveer zesduizend Bandanezen (Van Goor: ,,Er zijn weinig bronnen met exacte aantallen.’’) bleven er volgens schattingen slechts zeshonderd over.

Tijdens de Japanse bezetting werd in Indonesië al een beeld van Coen vernietigd. Van Goor snapt dat hij omstreden is. ,,Hoewel er zeker nuanceringen zijn aan te brengen, is Banda natuurlijk een schandvlek. Het conflict sleepte al jaren en uiteindelijk wilde Coen er een eind aan maken. Zelf was hij niet bij de eindstrijd aanwezig, maar hij was wel verantwoordelijk.’’

loading  

Piet Hein (1577-1629)

Toen het standbeeld van Piet Hein beklad werd, wezen historici er direct op dat Hein zich tijdens zijn leven juist altijd tegen slavernij gekeerd heeft. Niet zo gek ook, want hij was zelf jaren galeislaaf op de Spaanse vloot na gevangen te zijn genomen. ,,Hein stond niet negatief tegenover de inlandse bevolking van andere landen’’, zegt historicus en zeeheldenkenner Ronald Prud’homme van Reine. ,,De WIC ging zich ook pas vanaf 1635 met slavernij bezighouden, dat is jaren na Heins dood.’’

Na eerst een aantal jaar als onderkoopman voor de VOC gewerkt te hebben, ging Hein in 1623 in dienst bij de net opgerichte West-Indische Compagnie (WIC), dat het monopolie voor Nederland had op handel met ‘de West’. Hij leidde meerdere gevechtsexpedities om de handelsstromen van Spanje en Portugal af te snijden. Daarbij werden schepen met suiker, huiden en slaven buitgemaakt. De slaven werden vrijgelaten. ,,Hein had orders de buitgemaakte slaven ergens anders naartoe te brengen, maar omdat ze leden aan scheurbuik heeft hij ze op een eiland in de buurt afgezet zodat ze vers fruit konden krijgen.’’

loading  

Beroemd is Hein nog steeds om de verovering van de Spaanse Zilvervloot in 1638. Hij maakte met zijn schepen een enorme schat buit voor de Cubaanse kust: zilver, goud, parels en de kostbare kleurstoffen indigo en karmijn. Met de opbrengst kon de Tachtigjarige Oorlog tegen Spanje worden bekostigd en kon de Nederlandse republiek als zelfstandige natie blijven voortbestaan.

Prud’Homme van Reine: ,,Het is altijd lastig te zeggen hoe belangrijk de verovering van de Zilvervloot precies was voor de vrijheidsstrijd, maar feit is wel dat Spanje een enorme financiële klap opliep. We vergeten wel eens dat mensen als Hein en De With vochten in een oorlog en hun leven op het spel hebben gezet. Heins standbeeld is ook niet door de overheid opgericht, maar na een collecte onder de lokale bevolking. Hetzelfde geldt voor dat van Michiel de Ruyter overigens.’’

loading  

Witte de With (1599-1658)

In Rotterdam heeft een naar vlootvoogd Witte de With vernoemde kunstinstelling haar naam veranderd. Volgens de directie herinnert de naam aan het ‘pijnlijke koloniale verleden van ons land’. De With monsterde als 16-jarige aan op een VOC-schip. Hij was in dienst van Jan Pieterszoon Coen, klom op tot kapitein en voerde onder andere een zogeheten hongitocht uit, waarbij op de Molukken kruidnagelbomen werden vernield om de prijs van het specerij op te voeren.

Later ging hij in dienst bij de WIC. Onder Piet Hein nam hij deel aan de verovering van de Zilvervloot. Als admiraal moest hij daarna de bezittingen van de WIC in Brazilië verdedigen tegen de Portugezen. ,,Hoewel de WIC ook betrokken was bij de slavenhandel en er in Brazilië plantagehouders waren die slaven hielden, heeft De With nooit in slaven gehandeld’’, vertelt historicus Anne Doedens, die een biografie over hem schreef.

De With was bij leven omstreden en lag nogal eens overhoop met zijn superieuren. Toch zou hij aan het eind van zijn leven alsnog bewierookt worden. De With was vice-admiraal van de marine tijdens de Slag in de Sont. Dat was een zeeslag tegen Zweden waarbij de Nederlanders de vrije doorgang van handelsschepen naar de Oostzee veilig stelden. De With vocht in de voorhoede. loading

,,De handel met de Oostzee was met afstand de belangrijkste bron van inkomsten voor ons land in de Gouden Eeuw’’, zegt Doedens. ,,Het werd ook wel de moedernegotie genoemd, de moeder aller handel. Nederland, en vooral Amsterdam, werd de spil van de graanhandel in Europa. We kochten graan, hout voor de scheepsbouw en ijzer voor kanonnen in langs de Oostzee en verhandelden dat met de rest van Europa. Vergelijk het met het belang van Rotterdam nu voor de Europese oliehandel.’’

Met de ‘moedernegotie’ verdiende de Nederlandse republiek meer dan met de handel via de VOC en WIC. De With stierf tijdens de zeeslag in de Sont. Doedens: ,,Wel wonnen we. Daardoor bleef de kern van onze welvaart behouden.’’

loading  

Jan van Riebeeck (1619-1677)

Een Nederlander die in het buitenland bekender is dan hier, is Jan van Riebeeck. In Kaapstad staat zijn standbeeld nog op zijn sokkel, maar Van Riebeeck is bij een groot deel van de bevolking omstreden. Voormalig president van Zuid-Afrika Jacob Zuma gaf hem ooit de schuld van alle problemen in het land. Actievoerders hebben al vaker opgeroepen het beeld te verwijderen.

Van Riebeeck was een scheepsarts en later koopman in dienst van de VOC. In 1651 kreeg hij de opdracht om een verversingsnederzetting voor VOC-schepen te stichten bij Kaap de Goede Hoop. In de Tafelbaai bij het huidige Kaapstad zette hij het jaar daarop voet aan wal en richtte een fort op waarvan hij commandant werd.

De bewoners van het fort legden tuinen aan en dreven handel met de lokale Khoi-stammen, door de Nederlanders Hottentotten genoemd. De VOC zond nog twintig boeren uit die zich bij het fort vestigden. Tegen de tijd dat Van Riebeeck in 1662 vertrok was het een soort mini-kolonie van 130 personen. Hij was daarna nog een paar jaar bestuurder van de VOC in Indië.

loading  

Voor de een is Van Riebeeck de stichter van het land Zuid-Afrika, voor de ander de grondlegger van het kolonialisme, aldus historicus Willem-Pieter van Ledden, die een studie deed naar Van Riebeeck. ,,Mensen hebben u eenmaal een verschillend perspectief op de geschiedenis. Afhankelijk van wie je bent. Zo is hij speelbal geworden in de discussie tussen tegenpolen.’’

Van Riebeeck probeerde aanvankelijk vriendschap te sluiten met de lokale bevolking, zegt Van Ledden. ,,Hij had hen hard nodig: van de rondtrekkende nomaden kon hij vlees kopen. Maar toen die begonnen te klagen dat de nieuwe boeren hun weidegrond innamen, ontstonden er schermutselingen. Van Riebeeck liet toen een dichte amandelhaag aanleggen rond de boerderijen. Dat werd later het symbool van de Apartheid.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
menu