Wegdromen naar de vakantie van toen #1: In een narrow boat in Engeland

Het plaatsje Newbury ligt aan de Kennet. DvhN

Reisbeperkingen maken de vakantie er deze zomer niet leuker op. Maar in gedachten kan alles. Dus dromen we in de zomerbijlage wekelijks lekker weg naar die perfecte vakantie van toen. Aflevering 1: varen in Engeland.

Plotseling gaat het snel. „ Quick! The lock is about to open!

Behalve ‘slot’ betekent lock in het Engels ook ‘sluis’. Als we snel zijn kunnen we met andere boten meevaren. Dat scheelt tijd en vooral ook heel veel moeite. Want sluis- en brugwachters bestaan langs de Britse kanalen allang niet meer. Elke schipper of bootspersoon bedient de sluizen en bruggen zelf. Met de hand.

De trossen gaan los op de Aldermaston Wharf bij Reading, ten oosten van Londen. Actie! De instructeur – die ons flitsflits de werking van boot en motor toonde – loopt spoorslags naar de sluis om te waarschuwen dat er nog een schuit aankomt. Zich haastend in zijn spoor ontvangt mijn vrouw de laatste aanwijzingen.

Of ik maar even in m’n eentje de 16 meter lange narrow boat de sluis wil invaren, een halve mijl verderop.

Het spektakel bij de sluis wil je niet missen

De stress loopt op. Het potloodachtige gevaarte waarvan ik de punt nauwelijks kan zien moet door een bassin naar een razend smalle sluisopening met aan beide zijden de beste stuurlui aan wal. Het is lekker zomers weer en wie wil er nou spektakel bij de sluis missen?

Het gaat wonderwel goed. Mijn vrouw stapt aan boord en zegt schouderophalend dat ik vanavond the manual maar eens goed moet lezen. De sluisdeuren sluiten en de nauwe met rivierwier begroeide schacht vult zich met donderend geraas. Het lawaai van het kolkende water overstemt met gemak dat van de dieselmotor aan boord.

Dan openen traag de sluisdeuren en varen we binnen de kortste keren in een groene en stille wereld, slechts verstoord door het tevreden getuf van de kanaalboten. Het is de opmaat voor twee weken extreme rust.

Haast is onmogelijk op een kanaalboot

Haast is sowieso een onmogelijkheid op een narrow boat . Neem alleen al de geringe snelheid: om vanwege het motorlawaai nog normaal met elkaar te kunnen praten vaar je doorgaans op halve kracht. Dat is circa anderhalve knoop (zeemijl), nog geen 3 kilometer per uur. Wandelaars op het trekpad naast het kanaal lopen meestal sneller. Op dat towpath liep vroeger het paard dat de boot voortbewoog, iets wat bij arme schippersfamilies door de kinderen of vrouw werd gedaan.

De geringe snelheid brengt je terug naar de essentie van vakantie: kalm aan. Het enige dat iets van planning vereist is de proviand. Met een koel-vriescombinatie aan boord is dat echter amper een probleem. Ook al niet omdat het vierpitsgasstel in een gasoven voorziet, en ook een magnetron tot de inboedel behoort.

We varen een stuk van het Kennet and Avon Canal, een smal watertje dat loopt van de rivier Thames bij Londen tot de havenplaats Bristol aan de Engelse westkust. Dwars door de lieflijke heuvels van het graafschap Berkshire, langs dorpen die zo uit een BBC-serie lijken te zijn gestapt.

Onze narrow boat huren we 2 weken, wat betekent dat we over 7 dagen de steven 180 graden wenden en terugvaren; dit kanaal kent geen dwarswegen. Iedereen verzekert ons dat de terugweg sowieso heel anders is.

De zeer gedetailleerde waterkaart van het kanaal – verlies ‘m niet uit het oog! – kondigt de volgende sluis aan. De spanning stijgt.

Zelfredzaamheid en sociale gebaren onder boat people

Zelfredzaamheid is een groot goed op Britain’s Waterways. Daartoe heeft elke boot twee essentiële onderdelen: 1) een slinger voor de tandwielbediening waarmee de spuigaten in de sluisdeuren open- en dichtgaan (+ een reserve), en 2) een waterways key , een type huissleutel die past op de elektronische bediening van alle bruggetjes en/of slagbomen. Inderdaad: ook het tot stilstand brengen van het autoverkeer doe je als bootmens helemaal zelf. Gelukkig betreft het alleen rustige wegen.

We hebben geluk. Boven op de sluis wenkt een man. Hij wacht tot ook wij binnen zijn. Een sociaal gebaar dat onder boat people bijna verplicht is. Daarbij is het ook een kwestie van zuinigheid: hoe minder de sluis wordt gebruikt, hoe minder water er weglekt richting zee. Dit kanaal wordt gevoed door de bescheiden riviertjes Kennet en Avon; bij uitzondering zakt het water in het kanaal ’s zomers zoveel dat er niet kan worden gevaren.

Elke ontmoeting met de varende mens blijkt twee weken lang een klein feestje. De een is nog vriendelijker dan de ander. Ook maken we alleen maar Engelsen mee, geen landgenoten of erger. Heerlijk.

We trekken veel bekijks onderweg

Het binnenvaren van een dorp is telkens een vrolijk stemmende gebeurtenis. In Newbury varen we door een Engels park met gezinnetjes, watervogels en flaneerders, alsof we zijn beland in een scène van Endeavour . Mensen glimlachen, ons getuf trekt aandacht van de vertederende soort: „ O, look darling! We should do that sometime!

Het sluiscomplexje dat direct volgt na het park en een oude stenen brug is een wondertje van 19de-eeuwse waterbouwtechniek; met waterlopen, bruggetjes, sluisjes en een Engels minipark in het midden. Ernaast de fraai gelegen pub Lock Stock & Barrel waar het towpath zo’n beetje over het terras voert. Ook hier trekken we weer veel bekijks, maar alles gaat van een leien dakje. We krijgen routine.

Het dorp Hungerford is de moeite waard, net als in Newbury blijven we er een paar dagen. Afmeren is in het algemeen het handigste op de speciaal daarvoor bedoelde plekken, daar is de stootrand op precies de juiste hoogte voor dit type vaartuig. Een ander soort boot zie je zelden.

Aanleggen mag vrijwel overal; een loopplank en twee landvasten zijn aan boord. Wel even distels, bramen, koeienvlaaien en sportvissers trotseren. Met name de laatstgenoemden zijn gezworen vijanden van bootjesmensen.

De septic tank begint te rieken

Wanneer het tijd wordt om de steven te wenden voor de terugtocht wreekt zich de korte uitleg bij de start. De septic tank begint te rieken, die moet nodig worden geleegd en gereinigd. Bij Great Bedwyn is een servicestation, maar de bediening van het apparaat (na betaling) blijkt doe-het-zelf. Zoals altijd op de Britse kanalen moet je je maar zien te redden.

Dan blijken we een laatste essentieel onderdeel niet te hebben. Hoe ontsluiten we de tankdop? Met een inbussleutel. Niet te vinden!

Andermaal blijkt de hulpvaardigheid van boat people . Een collega wc-reiniger komt aanleggen en helpt ons uit de brand. Nooit vergeet ik meer het Engelse woord voor inbussleutel. Allen key .

menu