Je bent jong en de wereld ligt voor je open. Toch ben je somber, teruggetrokken, onzeker, angstig, zo ontzettend moe. Wanneer gaat het ‘dipje’ over in een depressie? En hoe vind je de weg terug, als je de regie over je leven kwijt bent? Stella en Max vertellen.

Max (23) , Gron ingen - gitarist en 'helaas nog stee ds student'

,,T o en ik mijn scriptie moest schrijven, ging het mis. Of beter: toen begon het mis te gaan. Ik was nooit echt vrolijk, somber en cynisch zijn was een beetje mijn ding. Voor mij was studeren drie dingen: gitaarspelen, feesten en mijn tentamens nét halen. Dat laatste stond ver onderaan de lijst. Daarom deed ik in het semester dat ik mijn scriptie moest schrijven vier maanden lang niet anders dan oefenen, nummers schrijven en naar concerten gaan.

De gasten met wie ik samen speelde waren wel met hun studie bezig. Dus ik ging me afzonderen. In plaats van te repeteren in Viadukt – ik woon en studeer in Groningen – zat ik in mijn kamer met mijn gitaren. In mijn hoofd namen mijn vrienden de muziek niet serieus genoeg. Ik maakte mezelf gek.

Dat werd erger toen zij hun studie wel af wisten te ronden en ik mijn scriptie niet eens inleverde. En toen kwam het schuldgevoel. Want wat had ik bereikt? Niets. Dat gevoel kwam zo ineens en het was zo intens. Alsof er een verstikkende grauwe mist optrok in mijn hoofd en om me heen. Alles werd vaag. Ik werd moe, want ik sliep niet. Piekerde me suf. Maar als ik wakker was deed ik ook niets. Mijn gitaren raakte ik steeds minder aan.

Alsof er een verstikkende grauwe mist optrok in mijn hoofd en om me heen

Toen begon de zomer. Zomer in Groningen, altijd hetzelfde liedje. Al je vrienden zijn weg. Op vakantie of naar hun ouders. Er zijn geen colleges of feestjes waarvoor je je nest uit moet. Als er wel een keer iets gaande was, gebruikte ik het excuus: ‘moet mijn scriptie herkansen’. Om maar niet met mensen af te spreken. Niet dat ik echt met mijn scriptie bezig was …

De cynische ik mag zeggen dat ik me aanstelde, dat ik een fucking cliché ben. Een voorbeeld van hoe onze generatie zichzelf kapotmaakt. Ik faalde één keer echt en boem: depressief. Blowen, slapen, janken, en dat bijna een zomer lang iedere dag opnieuw.

Het is aan mijn vrienden te danken dat ik er weer bovenop ben gekomen. Mijn beste vriend sleepte me bijna naar een huisarts. Het ‘alsof doen’ werkte bij hem niet. Toen kreeg ik te horen dat ik depressief was. Ziek. Het zorgde voor een vreemd soort bewustwording. De regie over mijn gedachten was ik kwijt, maar het was ook niet helemaal mijn schuld.

Veel dingen bleven moeilijk. Mijn scriptie is nu, bijna een jaar later, nog niet af. Maar ik loop zowaar op schema om hem volgende week in te leveren. Ik speel weer gitaar, jam af en toe en mijn vrienden komen langs. Het contact met anderen hebben, dat zorgde voor de activiteit en beweging die ik nodig had. Nu wil ik zelf ook weer vooruit. En die wil was er best lang gewoonweg niet.’’

Lees het verhaal van Stella na het kader.

Stella (26) Heerenveen - barvrouw 'die probeert een boek te schrijven'

,,K offie? Ik betaal. Zal ik bij het begin beginnen? Het is nogal een lang verhaal. Hoeveel woorden mag je schrijven? Oké, ik zal het wat samenvatten.

Vijf jaar geleden werd ik voor het eerst depressief. Ik was klaar met mijn opleiding Europese Talen en Culturen in Groningen en ik was van plan een reis te maken naar Zuid-Amerika om inspiratie op te doen. Ik wilde, wil, een boek schrijven. Om geld te verdienen deed ik vertaalwerk via het internet, voordat dat ‘hip’ was. Het maakte me kapot. Dat werk gaat altijd naar de laagste bieder.

Dus om een fatsoenlijk loon te verdienen, moest ik veel en snel werken. Dat kon ik, maar het nam mijn leven over. Ik maakte er een sport van zo veel mogelijk opdrachten in een dag te doen. Long story short: een half jaar later had ik wel het geld, maar niet de energie om die reis te maken. Ik kreeg een burn-out en daarna een depressie.

Op de bodem van een bodemloze put. En zie er maar eens uit te klimmen als de muren metershoog zijn, je ’s ochtends de wil niet hebt om iets te doen en ’s avonds niet de energie. Toen ik bij mijn ouders was en gewoon niet kon stoppen met huilen, stuurden ze mij naar de huisarts. De behandeling en de medicijnen hielpen. Ik denk dat het ook scheelde dat ik geen drugs gebruikte en niet veel dronk, waardoor de medicijnen hun werk deden.

Het is een bijna constante worsteling met somberheid, angst, stress, de hele cocktail

Sindsdien is het een bijna constante worsteling met somberheid, angst, stress, de hele cocktail. Ik ben sneller moe en eerder van streek. Als iemand op het werk naar tegen me doet, dan steekt dat heel erg, meer dan hoe ik me dat van vroeger herinner. Die gevoelens helemaal overwinnen lukt me denk ik niet, maar ik heb er wel mee leren omgaan.

Dus nu zijn we praktisch bij vandaag. Als wij deze afspraak niet hadden gehad, dan had ik nu nog in bed gelegen. Tot ik naar mijn werk zou gaan. Ik werk in een bar in Heerenveen, wat prima gaat. Douchen, make-up op, glimlach aan, werken en naar huis. En dan ga ik weer ‘uit’. Mijn huis is een teringzooi, want waarom zou ik opruimen. Ik nodig nooit iemand uit.

Ja, en het boek. Ik wil het schrijven, maar ik weet oprecht niet meer of ik het nog kan. Harde deadlines en afspraken houden me in beweging. Dat boek is een grote kluwen van gedachten en dromen, maar ook angst. Ergens denk ik dat het is waar alle ellende mee begon. Ik weet ook niet waar ik moet beginnen het te ontrafelen.

Schrijven lukt gelukkig wel, af en toe. Kleine stukjes van een onsamenhangend verhaal. Maar ik kom met meer ervaring uit elke depressieve periode, dus hopelijk voel ik me ooit sterk genoeg om het met beide handen aan te pakken.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra