Ze kwam ter wereld als boerendochter in Raard. Nu woont en werkt de 26-jarige Roos Ykema in Berlijn. Als oprichter en directeur van stichting MiGreat houdt ze zich dagelijks bezig met vluchtelingenproblematiek. Strijdbaar en bevlogen. ,,Europa wordt steeds gewelddadiger jegens vluchtelingen. Ik moet daar iets mee doen.’’

Het contrast lijkt niet groter te kunnen zijn. Het vredige plekje van de boerderij aan de Dokkumer Ee, waar Jerseykoeien in de wei grazen, het weelderig groeiende fluitenkruid overal, en anderzijds de thematiek waar Roos zich dagelijks mee bezighoudt: groepen vluchtelingen die met bootjes proberen Europa te bereiken.

Maar die tegenstrijdigheid valt mee, bezweert Roos. Zij ziet juist parallellen, want: ook op deze plek zijn, zolang zij zich kan herinneren, mensen opgevangen die het even moeilijk hadden.

Roos Ykema kreeg sociale betrokkenheid met de paplepel ingegoten. ,,Onze boerderij, waar in de Tweede Wereldoorlog al onderduikers zaten, was altijd een toevluchtsoord. Bijvoorbeeld voor moeilijke jongeren die even uit huis moesten, mensen met een verslaving of psychische problemen. Iedereen was welkom en ik heb dat altijd heel leuk gevonden.’’

Later, nadat haar vader was overleden, begon haar moeder een zorgboerderij. ,,Sommige deelnemers komen hier al vijftien jaar en zijn onderdeel van ons gezin geworden.’’

Oeganda

Al op 14-jarige leeftijd haalde Roos de krant als wereldverbeteraar. De toenmalige leerling van het Dockinga College won een reis naar Oeganda nadat haar school veel geld had binnengehaald met de actie Zip Your Lip. Toen wist ze al dat ze zich zou gaan inzetten ‘om de onbalans in de welvaart tussen arm en rijk aan te pakken’.

Ze hield woord, en vertrok na het behalen van haar vwo-diploma naar Jordanië. Ze kwam er in contact met een kerk die noodhulp bood aan Syrische vluchtelingen in de stad Mafraq. ,,Mensen die uit vluchtelingenkampen kwamen en zich daar niet veilig voelden, een gezin met tien kinderen dat in een geitenschuur woonde.’’

Het maakte indruk op de toen achttienjarige Roos. ,,Ik was geschokt om te zien wat oorlog met mensen kan doen, hoe zwaar getraumatiseerd sommigen waren, en dat iedereen er op zijn eigen manier onder lijdt.’’ Maar ze kreeg er ook het besef dat ze echt iets kon betekenen voor vluchtelingen: voor voedsel en kleding zorgen bijvoorbeeld.

Nadat ze terugkwam in Nederland om milieuwetenschappen en rechten te gaan studeren in Utrecht, viel het haar zwaar om een ‘normaal leven’ te leiden. ,,Ik vond het zo frustrerend te moeten leven in een kapitalistisch systeem, waar iedereen gericht is op geld verdienen, nieuwe spullen kopen.’’

In 2015 richtte ze het Taalles Vluchtelingen Utrecht Team op. ,,Het was de tijd van de grote vluchtelingenstromen naar Europa. Ik zat met een vriend in de kroeg en we zeiden tegen elkaar: laten we iets doen.’’ In no time hadden ze een team bij elkaar van enkele tientallen taalvrijwilligers, onder wie veel studenten. ,,En sindsdien wordt er gratis taalles gegeven in Utrecht. Eerst in de noodopvang, later in de buurt van azc’s. Ik vond dat zoveel zinvoller om te doen dan mijn studies.’’

Haar werk werd gewaardeerd. Ze kreeg er de prijs Bijzondere Verdiensten 2017 van de Universiteit Utrecht voor.

Yogales

Na het behalen van haar bachelor in 2017 vertrok ze meteen naar Lesbos om hier te werken als coördinator bij Because We Carry, een organisatie die vluchtelingen helpt. ,,We werkten met teams in de kampen, hielden schoonmaakacties. Het was heel uitdagend en leuk werk.’’ Ze vond het fijn om de hulpeloosheid te doorbreken door echt iets te doen, maar zag ook hoe inefficiënt er soms gewerkt werd. ,,Er zijn bijvoorbeeld meerdere organisaties die yogales geven, maar er zijn niet genoeg tenten. Er zitten heel veel organisaties op Lesbos, en er is dus ook veel geld beschikbaar. Maar er is geen politieke wil om de situatie van vluchtelingen structureel te doorbreken.’’

Iedere organisatie heeft zijn eigen belangen, met als gevolg dat het systeem in stand wordt gehouden. ,,Vooral de overheid speelt hierin een grote rol. Zij bepaalt wie in het kamp mogen werken en wat ze daar mogen doen. Ze willen geen aanzuigende werking en verbieden dus simpelweg al te mooie plannen.’’

,,Vluchtelingen zouden niet afhankelijk moeten zijn van hulporganisaties. De overheid moet er voor zorgen dat iedereen een containerwoning of eigen tent heeft, een minimum aan voedsel en verwarming. De organisaties kunnen dan voor de extra’s zorgen’’, vindt Roos.

Ze verwijst naar de ‘Turkijedeal’ die de Europese Unie in 2016 sloot en ervoor moest zorgen dat vluchtelingen niet meer naar Europa kwamen. In ruil daarvoor kreeg Turkije miljarden euro’s, bedoeld om de omstandigheden voor vluchtelingen te verbeteren. Mensen die toch de oversteek naar de Griekse eilanden maakten, zouden na een korte procedure teruggestuurd worden naar Turkije. In de praktijk lukte dit niet. Het gevolg: mensen op de vlucht verblijven vaak jarenlang in mensonterende omstandigheden in de kampen. ,,Als je besluit mensen vast te houden vanwege deze deal, ben je er ook voor verantwoordelijk om ze een fatsoenlijk bestaan te bieden.’’

loading  

Bosnië

Na negen maanden was Roos klaar met het werk op Lesbos. Ze verkaste naar Bosnië, dat een nieuwe vluchtroute van vluchtelingen op weg naar Italië was geworden. ,,Toen zag je voor het eerst honderden mensen op straat in Sarajevo.’’ Met een groepje mensen deelde ze twee keer per dag warme maaltijden uit. Ook zetten ze een communitycenter op. ,,Daar konden mensen even opwarmen, hun telefoon opladen of medische hulp krijgen.’’

Hun werk werd betaald uit particuliere donaties. ,,Dat was soms lastig maar gaf ons ook veel vrijheid omdat we ons niet overal voor hoefden te verantwoorden en snel konden handelen. Als er een bepaald medicijn nodig was, kochten we dat meteen.’’

Na negen maanden werden de hulpverleners plotseling het land uitgezet. ,,Ons communitycenter werd ontruimd en gesloten. Zogenaamd omdat we de openbare orde verstoorden en een bedreiging voor de volksgezondheid vormden met onze maaltijden. Maar in werkelijkheid ging het er om dat de overheid niet wilde dat er die lente en zomer vluchtelingen op straat zwierven.’’

Het veelvuldig gebruikte politiegeweld bij pushbacks door Kroatië dat ze er zagen, zette Roos en haar collega’s aan tot de oprichting van de stichting MiGreat, die zich sterk maakt voor een humaan asiel- en migratiebeleid. ,,Het is toch misdadig als mensen zwaar gewond raken door geweld van de Europese grenspolitie?’’

Berlijn

In de winter van 2019/2020 keerde Roos terug naar Bosnië. ,,Ik zag overal mensen op straat, die bedelden om eten. Ik werd daar zo boos van. Ik dacht: als je ons het land uit gooit, dan moet je het dus zelf doen en dat deden ze niet.’’

Vanwege de liefde verhuisde ze naar Berlijn. Hier startte ze bij een quarantaineopvang voor coronapatiënten uit alle negentig asielzoekerscentra in de Duitse stad. ,,Die was opgezet om uitbraken in de azc’s te voorkomen. Het was heel chaotisch in het begin. Er waren niet genoeg maskers, men wist niet precies hoe je besmet kon raken. Maar het was ook interessant, de samenwerking met artsen.’’

Onlangs, na er een jaar gewerkt te hebben, nam ze ontslag. Het werk voor de stichting MiGreat, waar ze inmiddels directeur van is, slokt steeds meer tijd op. ,,We proberen noodhulp te organiseren en voeren actie tegen het afschrikbeleid van Europa: het laten verdrinken van mensen, de push- en pullbacks (het terugsturen van vluchtelingen zonder dat ze een kans krijgen om asiel aan te vragen, red.), de horrorkampen op de eilanden en Libische detentiecentra.’’

Afgelopen maart organiseerde de stichting de actie Lopend Vuur, gericht tegen de onmenselijke omstandigheden waarin gevluchte mensen overleven in Europa. Onder meer in Burgum was een manifestatie.

Vast in gedachtenpatroon

Maar ook wil Roos met haar stichting duidelijk maken dat migratie niet louter problematisch hoeft te zijn. ,,We willen dat mensen minder paranoïde tegenover vluchtelingen gaan staan. Ze kunnen huizen inpikken, maar ook bouwen. Ze kunnen ook als verplegers of leraren aan de slag, in de bouw of de schoonmaak. Wij hebben hier straks een groot tekort aan arbeidskrachten. Bied mensen met en zonder vakdiploma de mogelijkheid om een werkvisum te krijgen in plaats van dat ze gedwongen worden hun leven te riskeren door te vluchten met bootjes. Nu heb je daar nog een torenhoog inkomen voor nodig.’’

,,Ons wordt vaak verweten dat we alle grenzen open willen zetten, maar dat hebben we nooit gezegd. Juist als je vluchtelingenstromen reguleert, kun je eisen stellen. Bijvoorbeeld dat mensen de taal kennen, dat iemand een bepaald bedrag aan spaargeld heeft, controleren of iemand geen strafblad heeft.’’

In Nederland zitten we volgens Roos vast in een gedachtenpatroon. ,,Een migrant is óf een terrorist óf een zielig persoon die hulp nodig heeft. Die zijn er natuurlijk wel, maar de overgrote meerderheid is wat anders. Iemand die een normaal, veilig leven wil voor zijn gezin, die carrière wil maken, homoseksueel of atheïst wil zijn zonder vervolgd te worden. Mensen die vluchten weten dat het risicovol is, maar ze doen het wel. Ik vind het vaak ondernemende, dappere personen. Kijk, als je ze jarenlang in een azc zet, dan kost het veel geld. Maar als je ze meteen laat werken, kunnen ze een bijdrage leveren aan de maatschappij, kunnen ze hun familie uit de armoede trekken en bijdragen aan de ontwikkeling van hun thuisland door geld naar huis te sturen.’’

Een meer menselijke visie op migratie wordt volgens Roos door zowel politiek ‘rechts’ als ‘links’ tegengehouden. ,,Beide doen aan een vorm van ontmenselijking door dat beeld van terrorist of zielenpiet in stand te houden.’’

Dood als afschrikmiddel

Deze maand organiseert MiGreat de actie ‘44.000 namen’ in aanloop naar Wereldvluchtelingendag op 20 juni. In meer dan dertig plaatsen, waaronder Dokkum, Burgum en Leeuwarden, worden de namen voorgelezen van mensen die de afgelopen jaren overleden aan Europese grenzen. ,,Door verdrinking en verdorsting op zee, van de kou, aan pushbacks, tijdens hun vlucht, door zelfdoding in detentiecentra.’’ (zie kader)

Roos: ,,Europa is ontzettend gewelddadig geworden in het tegenhouden van migranten. De dood is het afschrikmiddel geworden voor potentiële vluchtelingen. Redders worden vervolgd als criminelen. We laten mensen moedwillig verdrinken en vinden dat normaal. Europa speelt hier een rol in. Ik merk dat ik zelf ook wat ongevoelig word voor dat soort krantenberichtjes. Twintig mensen verdronken, vijftig mensen. Het zijn nummers geworden, maar het gaat om mensen. Door hun namen voor te lezen, geven we ze een gezicht.’’

Wordt ze nooit moedeloos van haar werk? Ja, beaamt ze. ,,Het ergste is dat het slechter is geworden sinds 2015 met die enorme vluchtelingenstroom. Als de Griekse politie toen had geschoten op boten was het wereldnieuws geworden. Nu al lang niet meer.’’

Maar ze is ook hoopvol. ,,In maart hadden we zestig acties in het kader van Lopend Vuur. Die in Dokkum vond ik het meest indrukwekkend. Ik stond daar op De Zijl, zag de honderd mensen die meededen en dacht terug aan de hel van Lesbos en Bosnië waar ik was geweest. Ik had nooit gedacht dat er in Dokkum zoveel mensen zouden zijn die zich daar bij betrokken voelen. Dat raakte me heel erg.’’

,,Als je soms ziet wat voor vreselijke dingen mensen op Facebook schrijven over vluchtelingen, daar word je niet blij van. Maar er zijn er veel meer die het afgrijselijk vinden dat mensen niet sterven aan honger of oorlog maar aan onze grenzen. Als er niemand is die daar tegen strijdt, weet je zeker dat er niets zal veranderen. Onze wanhoop is onze kracht. We hebben het geweten, en ik moet daar iets mee doen. Niets doen is geen optie.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
Interview