Radio 538-dj Igmar Felicia: „Ik heb mezelf te lang in allerlei bochten gewrongen om maar niet te hoeven vertellen dat ik in een angstgeloof zat.”

Een agressieve vader, Jehova's en een nieuw leven: Radio 538-dj Igmar Felicia vertelt voor het eerst zijn hele verhaal

Radio 538-dj Igmar Felicia: „Ik heb mezelf te lang in allerlei bochten gewrongen om maar niet te hoeven vertellen dat ik in een angstgeloof zat.” FOTO ERIK SMITS

Een agressieve vader en een jeugd waarin niets mocht: Radio 538-dj Igmar Felicia lijkt een opgewekte jongen, maar achter die vrolijkheid schuilt een wereld van onzekerheid, schaamte en verdriet. ,,Ik heb lange tijd aan mensen gevraagd of het wel oké is wat ik zeg en doe.’’

Beste Igmar,

Ik ken je al vanaf jouw geboorte. Ik heb niks met je ‘fame’, er is alleen het feit dat jij mijn broertje bent. Ik draag jouw pasfoto en die van jouw broertje al jaren bij me. Mijn zoon zou je radiotypetje Ferry kunnen zijn. Geen compliment voor hem trouwens, haha. Zou je wat van je willen laten horen...?

Groetjes, R.

Uit het niets krijgt Igmar Felicia (29) via Instagram een persoonlijk bericht van iemand die zijn zus zegt te zijn. Koningsdag 2020. Over haar bestaan was de Radio 538-dj ooit ingelicht, bijna vijftien jaar geleden, door zijn vader – die dat tussen neus en lippen door deed. ,,Maar fuck’’, zegt hij, ,,ik was het zo goed als vergeten. Of beter gezegd: ik had het verdrongen.’’

Felicia deelde een snipper van het onverwachte bericht op social media, waarna hij werd overstelpt met verzoeken om zijn verhaal te doen, van DNA Onbekend tot Spoorloos en talkshows tot uitgeverijen. Maar de presentator, die als talent doorbrak bij radiostation Slam! en daarna overstapte naar Qmusic, klapte dicht en liet over het onderwerp niets meer los.

Publiekelijk hints geven over zijn privéleven en dan duiken, Felicia deed het wel vaker. Vorig jaar schreef hij op Instagram over ‘een mist’ in zijn hoofd. ,,Ik kreeg appjes met: ‘Gaat het wel? Zit je met een touw om je nek?’ Wat er precies met me aan de hand was, kan ik onmogelijk in één zin samenvatten. Maar misschien is het goed het verhaal een keer in zijn geheel te vertellen.’’

Dat is wat hij nu gaat doen. Hij neemt een slok koffie en een trek van zijn sigaret. ,,Dit is het spannendste dat ik ooit heb gedaan.’’

Waar wil je beginnen?

,,Er valt zo veel te vertellen. Dat ik al vanaf mijn zesde in Amersfoort langs de deuren ging om het woord van God te verkondigen. Dat ik niet met mensen van buiten de gemeenschap van Jehovah’s Getuigen mocht omgaan. Dat ik zeventien jaar lang geen verjaardagen, kerst, oud en nieuw vierde. Dat in mijn gehele jeugd de ik-persoon nooit centraal stond. Dan krijg je een heel andere kijk op de wereld. Als je mensen isoleert en met uitsluiting dreigt, laat je het wel uit je hoofd regels niet na te leven. Je bent constant bang om te vallen.’’

Je zette je als tiener niet af tegen die manier van leven?

,,Je moet weten: in ons gezin leidden we een dubbelleven. In De Zaal (de kerk waar Jehovah’s Getuigen elkaar treffen, red.) gedroegen we ons netjes. Thuis was het heel anders. Mijn vader gebruikte veel verbaal en non-verbaal geweld. Er hing altijd een soort ijzige spanning. Het kon elk moment misgaan. Dan viel hij weer dronken op de grond en liet hij alles lopen. Hij kleineerde mijn moeder, riep dat het eten smerig was, werd om onverklaarbare redenen boos op mij. Dan dreigde hij bijvoorbeeld mijn bril te breken. ‘Je hebt de stem van een homo’, riep hij vaak. In zijn ogen is homoseksueel zijn het ergste wat er is. Aan voetbal had hij een hekel. Hij griste ooit een sporttijdschrift uit mijn handen en knipte het voor mijn ogen in stukken.’’

,,Om de sfeer thuis aan te geven: een keer liepen wij ’s avonds stiekem vanuit onze slaapkamers naar beneden om naar de finale van Idols op tv te kijken terwijl hij dronken lag te slapen. Idols vond hij satanische televisie. Mijn moeder had het volume heel laag gezet zodat hij niets zou horen. Hij sloeg ons, met de hand of met een pollepel; mijn moeder sprong er soms tussen. Omdat hij zich in de kerk netjes gedroeg, wist niemand ervan. Ook familie en vrienden niet.’’

,,Ik weet nog goed wat het keerpunt was. Ik keek naar De Gouden Kooi op tv. Voor de zoveelste keer pakte hij de afstandsbediening, die hij steevast ‘de satan’ noemde, af om naar een andere zender te zappen. We vlogen elkaar in de haren. Mijn vader riep: ‘Als ik nu een pistool had, schoot ik je door je kop!’ Mijn moeder stuurde hem toen het huis uit. Kort daarna volgde de scheiding, ik was 17. Hij zwierf vaak door Amersfoort. Ik beloofde mijn moeder de politie te bellen als ik hem zou tegenkomen, zo bedreigend was de situatie.’’

,,Ineens ging mijn moeder niet meer naar de kerk en vertrok hij naar Curaçao; daar komen we oorspronkelijk vandaan. Mijn vader is nooit meer teruggekeerd.’’

Ineens was je geen Jehova’s getuige meer. En dan?

,,Inderdaad, en dan? Mijn moeder vond het confronterend om te zeggen dat alles wat ze ons al die jaren had geleerd, niet meer telde – leven volgens de Bijbel, geen feest vieren, niet stappen. Dus liet ze dat ‘en dan?’ bij ons. Dat was heel moeilijk en verwarrend. Moest ik nu bij de ‘gewone’ wereld horen? Mijn verjaardag wél vieren? Mijn twee jaar jongere broertje, die beter gedijde op die vaste regels, werd steeds stiller en zei op het laatst bijna helemaal niets meer.’’ Korte stilte, nerveuze lach: ,,Ik vind het wel heftig dit allemaal te vertellen.’’

Een betere tijd brak aan, vervolgt hij, toen zijn moeder een nieuwe vriend kreeg, Bart. ,,Een fijne man die ons subtiel dingen leerde die we nooit hadden meegekregen. Hij sprak mij eens aan toen ik de vaat niet had gedaan. Ik dacht meteen: dit is werkelijk verschrikkelijk. Maar na 5 minuten vroeg hij me vriendelijk of ik koffie wilde. In de oude situatie had zoiets geleid tot wekenlange boosheid en doodse stilte.’’

,,Het was een enorme klap toen Bart een paar jaar later overleed aan kanker. Mijn broertje kreeg er psychoses van en moest worden opgenomen. Dat gebeurde toen ik al bij Slam! zat. Ik maakte daar vrolijk radio en tussendoor ging ik vaak naar mijn broertje, bezocht ik onze stiefvader in het ziekenhuis en vroeg ik me af wat in godsnaam ‘normaal’ was. Ik ben zelf nog een tijd in m’n eentje doorgegaan als Jehova’s Getuige.’’

Echt? Waarom?

,,Wat moest ik doen?! Mijn moeder zei op een gegeven moment: ga eens lol maken in Lloret de Mar. Ze zag hoe zwaar ik het had. Ik deed daar alles wat God verboden had, vooral door veel te zuipen. Maar mijn houvast vond ik nog in de Gemeenschap.’’

Bleef je niet bij de kerk uit schuldgevoel, juist omdát je toen alles deed wat God verboden had?

,,Misschien ook wel, ja. Ik had voor het eerst een vriendinnetje, en wist niet of dat wel ‘mocht’. Toen we seks zouden hebben, realiseerde ik me dat er geen weg terug was. Ik riep: ‘Stop, ik kan het niet!’ Ik bevroor. Ik dacht: dit is het eind van mijn leven. Ik kom nooit meer in het paradijs. Dat meisje vond me zó raar. Ik was niet gewend om over mijn achtergrond te vertellen en deed dat dus ook niet. Vrouwen, relaties: ik heb er nog steeds moeite mee.’’

Je zegt vaak niet te weten wat ‘normaal’ is. Weet je dat inmiddels wel?

,,Die vraag keert tot op de dag van vandaag nog terug. Wat ik jou vertel, wisten zelfs mijn vrienden lange tijd niet. De meesten zijn oude klasgenoten waar ik op de middelbare school stiekem mee omging. Stiekem, omdat ik bij de kerk leerde om niet te veel met mensen buiten de gemeenschap om te gaan. Ik heb lange tijd aan mensen gevraagd of het wel oké is wat ik zeg en doe.’’

Kreeg je een antwoord op die vraag?

,,Daar is natuurlijk geen antwoord op te geven. Mijn broertje dacht dat iedereen gek was behalve wij, terwijl ik juist het tegenovergestelde dacht: iedereen is normaal behalve ons gezin. En ik moet nu ineens hetzelfde zijn als die rest? Ik probeer die vraag los te laten. Dat lukt me sinds een jaar steeds beter.’’

Hoe gaat het nu met je broertje?

,,De psychoses zijn weg. Hij zit in een complex voor begeleid wonen en heeft nog geen baan. Hij is een van de intelligentste personen die ik ken, maar hij kon het onderwijs niet goed aan. Gezien de omstandigheden heb ik veel respect voor hoe hij het doet in het leven. Ik zie dat hij stap voor stap de wereld beter aankan.’’

Hoe is de band met je moeder nu?

,,Inmiddels héél goed, al duurde dat wel even. Ook zij wist niet goed hoe ze ermee om moest gaan toen we uit de kerk waren gestapt. Mijn moeder zei:’Ik voed twee kinderen op in dit geloof, ik breng ze bij wat de waarheid is en stap er vervolgens uit’. Dat gaf haar zo’n schuldgevoel. Ze had geen grip meer op me. Toen ik 19 was, zei ze: ‘Je moet weg’. Ik verhuisde naar een kamer van 6 vierkante meter in Utrecht. Het ouderlijk huis mocht ik niet meer in, op een zeker moment verving ze zelfs de sloten.’’

,,Ik ging elke dag naar de kroeg en kwam er rollend weer uit. Ik raakte mezelf kwijt en heb me nog nooit zo alleen gevoeld als toen. Ik had last van hevige paniekaanvallen. Ik klopte na een halfjaar huilend bij mijn moeder aan, of ik alsjeblieft mocht terugkomen. Zij kreeg spijt van haar harde opstelling. Het was niet zo dat we elkaar meteen in de armen vlogen; het heeft al met al jaren geduurd voor we het punt bereikten waar we nu zijn. We kunnen nu geweldig praten. Zij is misschien de enige die me echt begrijpt.’’

Je zei eerder dat ‘de ik-persoon’ nooit centraal stond. Hoe kwam je dan als dj bij de radio terecht?

,,Je bedoelt: omdat ‘ik’ in dit werk zo’n beetje het belangrijkste is wat er bestaat? Goede vraag. Toen ik 17 was, mocht ik ineens van het leven maken wat ik wilde. Mijn mentor adviseerde mij journalistiek te gaan studeren. Daar ontdekte ik de radio. Bij Slam! hoefde ik niet veel van mezelf te laten zien. Het ging meer om de vraag: wat vindt de luisteraar leuk? Maar toen ik naar Qmusic overstapte, kreeg ik vaker te horen: ‘Geef meer van jezelf. Wat vind jíj nou leuk?’ Dat wist ik eigenlijk niet. Dat werd me namelijk altijd door mijn ouders en de gemeenschap verteld. Ik raakte erdoor in conflict met die zender. Ik klap nog steeds dicht als mensen vragen naar mijn mening. Ik was er nog niet klaar voor. Het was wel een goede leerschool.’’

En dan komt, als je leven enigszins op de rails staat, dat Instagrambericht van je tien jaar oudere zus.

,,Ik herinner me nog goed het moment dat mijn vader vertelde meer kinderen bij verschillende vrouwen te hebben. Mijn moeder dwong hem ons dit te vertellen. Ik was 15 jaar. Mijn vader riep mij en m’n broertje bij zich. ‘Ik heb méér kinderen’, dat was de mededeling. Je mocht er verder niks over vragen. Dat heb ik tot een paar maanden terug ook niet gedaan. Toen ik dat bericht kreeg, kwam er zo veel verdriet naar boven. De wetenschap dat er meer kinderen rondlopen van die vader die zo’n puinhoop van zijn leven maakt. Het voelt als een leugen. Mijn vader heeft bij een van zijn andere kinderen een straatverbod. Dat zegt genoeg over wie hij is.’

Wat was je eerste reactie nadat je het bericht van je zus onder ogen kreeg?

,,Ik moest heel hard huilen. En ik was toch ook heel blij. We hebben een paar telefoongesprekken gevoerd en recent was er een eerste ontmoeting. Dan zie je zo veel herkenningspunten. ‘Je hebt dezelfde lach’, zei ze. ‘En achter die lach verbergen we allebei zó veel.’ Maar zij heeft een compleet ander leven. Zij groeide niet op als Jehova.’’

Er zijn nog meer broers en zussen.

,,Naast haar zijn er nog drie die ik niet ken. Mochten zij contact opnemen, dan zou ik er wel op ingaan. Maar mijn moeder zegt altijd: ‘Het leven is geen Spoorloos waarbij mensen elkaar huilend van geluk in de armen vliegen’. Ik vind het contact met mijn halfzus wel even genoeg, daar laat ik het voor nu bij.’’

Heb je je vader ooit nog gezien?

,,Ik heb hem na zijn vertrek negen jaar lang niet gesproken. In die tijd deed ik alles voor erkenning van mijn vader. Ik weet nog dat ik een keer bij het Gouden Radio Ring Gala was en alleen maar dacht aan winnen. Al krijg ik een Oscar, ik vind mijn vaders respect belangrijker. Ik hoopte soms tijdens het radio maken dat hij van zich zou laten horen. Dat hij trots zou zijn.’’

Hoe verliep die afspraak met hem?

,,Het was in 2016 dat ik voor het eerst naar zijn huis op Curaçao ging, doodsbang. Ik hoopte nog stiekem op een ‘sorry’. Maar ook dit is geen Spoorloos . Ik krijg weinig van hem terug en dat doet pijn. En toch zoek ik hem elk jaar even op. Fuck it, ik wil hem gewoon zien. Een middagje. Dan laad ik mezelf op, zuipt hij veel bier, worden we boos op elkaar en ga ik weer weg. Het is een en al treurnis daar. Zijn karakter komt ergens vandaan, hè. Voor zover ik dat weet, had hij het zelf vroeger ook moeilijk. Dat mijn vader, nu 70, dit interview meekrijgt, maakt me wel weer bangig. Hij zal wel kwaad zijn en zich schamen voor zijn buren. Dit verhaal lijkt me confronterend voor hem om te lezen.’’

Waarom wil je dit gesprek dan toch zo graag doen?

,,Ik heb er lang over getwijfeld. Mijn moeder riep nog tijden: ‘Niks zeggen tegen de buitenwereld’. Ik heb mezelf te lang in allerlei bochten gewrongen om het maar niet te hoeven vertellen. Ik kom te vaak in conflict met mensen die mij niet begrijpen. Dit is de oorzaak van die ‘mist’ waarover ik het had, dat ik me plotseling rot voel. Of bang. Jehova’s getuigen zitten in een angstgeloof. Angst voor uitsluiting als je niet braaf meedoet. Dat komt bij mij soms nog bovendrijven. Ik hoop alleen niet dat mensen straks zeggen: die Igmar is nog niet klaar is voor het leven. Dat ben ik wél. Ik ben alleen kwetsbaar.’’

Probeert een stemmetje in je hoofd je weleens terug te fluiten naar de Jehova’s getuigen?

,,O, zeker wel! Straks, als ik wegrijd van dit interview bijvoorbeeld. Dan hoor ik: ‘Wat je zojuist deed is slecht, wat een aanstellerig verhaal, wie ben jij om dit te doen?’ Het gaat moeilijk weg, maar ik weet nu dat dit stemmetje niet leidend is.’’

Geloof je eigenlijk nog in een God?

,,Poeh, ik bezoek in elk geval geen kerk meer. Ik heb besloten er niet meer zo veel over na te denken. Mocht God toch bestaan en ik sta straks voor hem, hoop ik dat hij zegt: ik kan me heel goed voorstellen dat je even niet met mij bezig bent geweest.’’

loading

menu