Foto: Shutterstock

Eten en drinken: Is de voorraadkast gevuld (en leeg gekookt)? Kijk dan eens in de drankkast

Foto: Shutterstock

Tijd om even een beetje te ontstressen. De afgelopen weken hebben we de voorraad- en hamsterkast doorgenomen, en hoe we daaruit moeten koken. Nu gaan we aan de drank. Met mate, uiteraard.

U hebt de afgelopen weken in grote ernst gezond geleefd. De raad ter harte genomen die onze regering heeft gegeven, de regels gevolgd. U hebt de voorraadkast gevuld en leeg gekookt – of misschien toch nog wat extra ingeslagen, je weet immers maar nooit. Langzaam treedt de gewenning in, en misschien slaat ook de verveling toe. Wellicht bent u toe aan een andere uitdaging uit de voorraadkast.

Suggestie: kijk eens in de drankkast. U weet wel, die kast waar nog een bodempje whisky, een halve fles wodka, een mooie rum, een onaangebroken fles vermout staat die u ooit van een vriend heeft gekregen. Of zo’n fles met sinaasappellikeur waarvan u niet weet wat u ermee aan moet.

loading

We helpen u van de drank af

We willen u niet aan de drank helpen, maar er vanaf. Door eens met al die restjes drank te gaan spelen. En het is best een leuk spel, indien met terughoudendheid gespeeld. U wordt gewoon uw eigen bartender. Schudt u gewoon de shaker voor een heerlijke cocktail.

U kunt een mixje maken – een deel alcohol, een deel frisdrank of limonade – of een echte cocktail waarin tenminste twee verschillende alcoholhoudende dranken gaan plus nog wat vloeibaars. Daar mag dan ook nog een olijf, een schijfje limoen of een blaadje munt of zo bij.

Het aantal recepten voor cocktails is tegenwoordig onuitputtelijk. Maar er is natuurlijk een reeks klassiekers: alleen al met de letter m noemen we de manhattan (met als basis whiskey), margarita (tequila), martinez (jenever), martini, moscow mule (wodka) of mojito (rum).

De recepten zijn online gemakkelijk te vinden. En anders is er het boek van Tess Posthumus , Cocktails met Tess, meer dan 100 cocktailrecepten voor thuis (uitg. Overamstel, ook als e-book).

Shaker, crushed ice, een zeef en een jigger

Goed, dan gaat u aan de gang. Kijk eerst wat u in de drankkast heeft staan en pas daarop uw cocktail aan. Let wel: flessen port en vermout moet u na het openen in de koelkast zetten en binnen een maand, hooguit twee maanden consumeren. Door hun relatief lage alcoholgehalte gaan ze, net als wijn maar minder snel, na het openen van de fles achteruit. Sterke drank blijft nagenoeg onbeperkt houdbaar.

Niet iedereen heeft een shaker thuis staan, maar we zijn ook niet allemaal James shaken, not stirred ’ Bond, dus mag je ook roeren. Wel belangrijk is ijs – blokjes of crushed : een cocktail moet koud worden gedronken. Een groot glas kun je als mengbeker gebruiken, liefst eentje van bijna een halve liter. Verder is een zeef nodig, om ongerechtigheden als pitjes, blaadjes en de resten ijsblokjes uit de cocktail te zeven. Daarnaast heb je een maatbeker nodig, in professioneel bartendersjargon: jigger.

Een ounce is circa 30 milliliter

Omdat de cocktail een Amerikaanse vinding is – zie elders op de pagina – worden de drankmaten altijd in ounces weergegeven. Een ounce (oz) is ongeveer 30 milliliter. Verder moet je voor het snijden van fruit en schilletjes een scherp mesje en een snijplank hebben, en een vruchtenpers.

loading

Veel lekkere cocktails bevatten namelijk het sap van citrusvruchten als ingrediënt. Daarnaast zijn er de klassieke garneringen als schijfjes citroen en limoen, een schijfje komkommer, blaadjes munt, aardbeien of een olijf.

Als je alles echt met stijl wil doen haal je ook van die roerstaafjes met een bol aan het eind in huis, om suiker of munt fijn te wrijven. En voor de details in de presentatie: rietjes, cocktailprikkers en onderzetters. Eigenlijk heeft elke cocktail zijn eigen glas nodig, maar dat zullen we u niet aandoen.

Het is al mooi als u een coupe en een martiniglas heeft voor elegante cocktails zonder ijs, een whiskyglas voor het steviger ijsstampwerk, een longdrinkglas als u wat minder alcoholisch en wat meer vruchtensap of spuitwater wil en het grote gin & tonic glas: de bolle coppa .

Maar laat u in uw experimenteerzucht niet beperken. Witte port met een scheutje tonic en een schijfje limoen mag ook, de Letse duindoornlikeur hebben wij gewoon met wodka en spuitwater gemixt. Een single malt Schotse whisky zouden we echter puur drinken, met misschien twee drupjes water. Er zijn nu eenmaal grenzen aan die Amerikaanse cocktailcultuur.

Waar komt de cocktail vandaan?

Over de herkomst van het woord cocktail bestaan verschillende mythes. Maar de basis ligt in elk geval in het zuiden van de Verenigde Staten, vermoedelijk New Orleans. Daar werd rond 1830 in de City Exchange, een van de vele bars annex eethuizen annex ballrooms, naast het traditionele lokale gerecht gumbo een reeks aan cocktails ‘uitgevonden’ met namen als crusta of santini’s pousse-café .

Amerikanen dronken sowieso flink in die tijd: het was niet ongewoon voor mensen de dag te beginnen met een shotje stevige drank, steevast gevolgd door nog wat glaasjes. In 1820 bedroeg jaarlijkse consumptie van whiskey – de Amerikaanse spelling, in Schotland is het whisky – per hoofd van de bevolking zo’n 20 liter. En dan hebben we het nog niet eens over bier, wijn of andere alcoholhoudende drankjes. Alles onder het mom van medicinale ondersteuning van het lichaam.

Misschien komt de naam ‘cocktail’ daarvandaan: het zou een verbastering zijn van het oud-Franse woord coquetier . Dat is een eierdopje dat werd gebruikt als maatbeker voor medicinale drank in New Orleans in het begin van de 19de eeuw. De bewoners daar spraken een soort Frans , het cajun . Dat eierdopje werd steeds vaker gevuld in de bars van de stad in plaats van in de spreekkamer van de dokter.

Begin de dag met drie cocktails en een pruim tabak

De eerste vermelding van het woord ‘cocktail’ is vermoedelijk in The Balance and Columbian Repository , een New Yorkse krant, in mei 1806. “Cock Tail is een stimulerende sterke drank, samengesteld uit spiritualiën van elke soort, suikerwater en bitters … het maakt het hart stoutmoedig en aait tegelijk het hoofd.”

Cocktails waren in elk geval ideaal voor hen die een pure whiskey op de ochtendmaag een beetje te veel van het goede vonden. In 1822 was het in Kentucky kennelijk gebruikelijk om de dag te beginnen met drie cocktails en een pruim tabak.

Cocktails zijn lang vooral een Amerikaans fenomeen gebleven. In Nederland dronken we vooral bier, jenever of likeurtjes. Als we eens uit de band sprongen namen we een baco (Bacardi-cola) of een kopstoot : jenever met bier. ‘Borrelen’ was ook letterlijk met een borrel, meestal jenever.

Maar ook hier zijn we langzaam ons borrelmoment gaan aankleden. Dat mag ook wel, meent Tess Posthumus, wereldwijd gelauwerd bartender en eigenaar van twee cocktailbars in Amsterdam. “Want onze jenever is wereldwijd vermaard. Rond 1900 was jenever naast brandy, whiskey en rum, een van de vier dranken die als basis in de klassieke cocktails werd gebruikt. tegenover elke fles Engelse gin die in de New Yorkse haven werd geïmporteerd stonden acht flessen Nederlandse jenever.”

Jenever is ook een van de ingrediënten van de Martinez, een van de oudste cocktails uit San Francisco en de voorloper van de martini en later de dry martini.

menu