Grietje Wieringa, oorspronkelijk afkomstig uit Heerenveen.

Rivale (25) wilde Grietje (72) doden, maar de Friezin overleefde een moordaanslag: 'Ik heb wel duizenden engelen op mijn schouder gehad'

Grietje Wieringa, oorspronkelijk afkomstig uit Heerenveen. FOTO LC

Grietje Wieringa (72) overleefde een moordaanslag. De vrouw van haar veel jongere minnaar wilde haar uit de weg ruimen. ,,Ik heb wel duizenden engelen op mijn schouder gehad.’’

,,Het gaat goed hoor, ik loop al met een stok’’, zegt een optimistische Grietje Wieringa (72) door de telefoon. ,,Al durf ik niet naar mijn wonden te kijken.’’

De Friezin verblijft tijdelijk in een Belgisch revalidatiecentrum en kan, voordat ze moet eten, best even bellen. En terugblikken op die maandagmiddag. ,,O, was het op 10 februari? Dat weet ik niet meer.’’

Ze herinnert zich alleen nog dat haar tuinman annex minnaar (31) met zijn vrouw (25), zoals zo vaak, bij haar op bezoek kwam in haar tijdelijke optrekje: een herenhuis in het tussen Gent en Kortrijk gelegen Wielsbeke.

Van de vrouw kreeg Grietje een cadeautje. ,,Twee beha’s, een rode en een zwarte. In een mooie doos, van de Hunkemöller.’’ Dat ze die al had, zei ze maar niet. ,,Zo sneu. Het was immers goed bedoeld.’’ Daarna volgde een stevige knuffel.

Van achteren beschoten

En toen kwam ze bij in een ziekenhuis. Door toedoen van diezelfde vrouw. Ze had Grietje twee keer van achteren beschoten. In de woonkamer, want daar lag allemaal bloed, hoorde ze later.

In kritieke toestand was ze naar het ziekenhuis overgebracht. ,,Hij heeft me gered’’, zegt ze over haar minnaar. ,,Anders was ik er niet meer geweest. Ik heb wel duizenden engelen op mijn schouder gehad.’’

Een kogel doorboorde haar lichaam, de andere kwam in haar hoofd terecht. ,,Al mijn haren zijn eraf. Maar ja, dat is niet anders. Dat komt wel weer.’’ Ze had donker haar, met highlights. Het was heel dik. ,,Dat heb ik van m’n vader.’’

Hekel aan naam Grietje

Haar vader was timmerman. Bij hem en haar moeder groeide Grietje als enigst kind op aan de Herenwal in Heerenveen. ,,Nee, het huis is er niet meer, op die plek staan nu appartementen.’’ Ze schaamde zich een beetje voor hun eenvoudige huisje. En zei tegen anderen dat ze in het huis op de hoek woonde, richting het station. Het had een trappetje waar je in de winter zo mooi vanaf kon glijden.

Grietje ging naar de huishoudschool en ontmoette, toen ze bij familie in Amsterdam was, haar latere echtgenoot, een Italiaan. ,,Hij zag me op straat. Hij sprak me aan en zei dat hij me een mooie vrouw vond. Ik was wel een kop groter dan hij.’’

Na hun trouwen vestigden ze zich in de nieuwbouwwijk De Greiden in Heerenveen. Ze kregen een dochter, acht jaar later een zoon. En vertrokken vervolgens naar Amsterdam om uiteindelijk uit te komen in de Belgische rijkeluisenclave Brasschaat, bij Antwerpen. Aan de vlaggenmast voor de villa wapperden altijd pompebledden in de wind. ,,Om te laten zien dat ik een trotse Fries ben.’’

Hun buren waren arts of voormalig eigenaar van de Delhaize-supermarktketen. Als Ingrid kennen ze haar daar. Ze bedacht die naam zelf, naar de filmster Ingrid Bergman. ,,Aan de naam Grietje heb ik altijd een hekel gehad.’’

Haar Italiaan werkte in de oliebusiness en was in goeden doen. ,,Het heeft me nooit aan iets ontbroken. Ik heb alles wat Maxima ook heeft.’’

Verliefd op de tuinman

Maar haar - sinds twee jaar - ex- man was veel van huis. En ging vreemd. ,,Tja, een man wil nu eenmaal niet elke dag hetzelfde eten.’’ En toen hij voor zaken eens drie maanden elders verbleef, viel ze voor de jonge tuinman. ,,Ik ben gewoon verliefd op hem geworden. Daar kun je niets aan doen.’’ Twaalf jaar geleden was dat. ,,En ik mag dan 72 zijn, ik voel me achttien.’’

Natuurlijk, de man van Pakistaanse komaf ziet er aantrekkelijk uit. ,,Maar hij kan heel goed praten. En dat kan bijna geen man.’’ Hij hielp haar ,,met van alles.’’ En zij beloonde hem goed. Ze kocht kleding voor hem, ging twee keer per dag met hem eten in een restaurant. En ze schonk hem een nieuwe auto, een witte BMW. ,,En hij heeft me nu ook geholpen. Anders was ik dood geweest’’, benadrukt ze nogmaals.

Tijdens hun affaire trouwde de tuinman. Zijn vrouw was nogal ,,jaloers en obsessief’’, zo zei hij onlangs in de Belgische krant Het Laatste Nieuws. Op die 10de februari wilde ze plots weten of Grietje/Ingrid en haar man elkaar nog koosnaampjes gaven. ,,Poppetje, engeltje, zo noemde ik hem’’, zegt Grietje.

Beiden ontkenden aanvankelijk, maar de vrouw van Grietjes minnaar wist beter. Want ze had afluisterapparatuur in de auto van haar man geïnstalleerd. Toen de man zei niet van plan te zijn met die koosnaampjes te stoppen, haalde de vrouw een wapen tevoorschijn en vuurde op haar rivale. ,,Help, help, ik wil nog niet doodgaan’’, hoorde de minnaar Grietje roepen. Al weet zij daar dus zelf niets meer van.

Hij slaagde erin zijn vrouw te overmeesteren. ,,Zij was plots een monster. Ik herkende haar niet meer’’, sprak Grietjes geliefde over zijn wettige echtgenote in Het Laatste Nieuws.

Minnaar voelde zich schuldig

De man bracht anderhalve maand door in een cel. Maar na een reconstructie, een ballistisch onderzoek en een bekentenis van de vrouw werd hij eind maart vrijgelaten. Het onderzoek toonde aan dat hij de kogels niet afgevuurd kon hebben, aldus Het Laatste Nieuws.

De minnaar gaf in deze krant aan zich ,,enorm schuldig’’ te voelen over de vele slippertjes. En dat hij ,,zo onbewust tot het drama’’ heeft bijgedragen. Toch zegt hij te zullen breken met zijn echtgenote. ,,Er is teveel gebeurd om de relatie voort te zetten. Die schoten waren echt de druppel.’’

Met Grietje onderhoudt hij nog steeds contact. Al vanuit de gevangenis liet hij haar weten dat ze heel sterk terug gaat komen. ,,Ook maakte hij grapjes om me blij te maken.’’ Vanwege de coronamaatregelen kan hij niet bij haar langs komen.

,,Alles zit hier op slot’’, zo vertelt Grietje. Ze hoopt over twee weken naar huis te kunnen. ,,Ik ben er hier wel klaar mee’’, zegt ze, terwijl ze gemaand wordt te gaan eten. Ze betrekt straks een andere woning, eentje die ze net had gekocht. Ze had ook beslist niet terug gewild naar het huis waar het allemaal gebeurde.

Waar ze gaat wonen? ,,Dat moet maar niet in de krant. Ik ben doodsbang voor die vrouw.’’ Haar minnaar zei al dat ze nergens meer bang voor hoeft te zijn. Want degene die haar dood wilde, is immers in de gevangenis. ,,Ze zit vast, ja. Maar voor hoelang?’’

menu