Snooker: Iedereen ziet het wel eens, maar snap jij het? 'Nederland mist een soort Van Barneveld'

Zondagavond zette de Engelsman Ronnie O'Sullivan de snookerwereld op zijn kop door voor de duizendste keer in zijn carrière honderd punten of meer in één beurt te scoren.

In sportscholen, op loze weekenden voor de buis of in sportcafés, bijna iedereen ziet het wel eens voorbij komen, maar niemand lijkt er echt warm voor te lopen. Hoe zit dat in het Noorden?

Don Ruiter en Johan Oenema laten hun licht schijnen op deze sport. Ruiter is aanvoerder van het Groningse eredivisie-team Mediacaster CAG, Oenema is oud-speler en snookerbond bestuurslid. Dat Nederland niet uitblinkt in snooker is eigenlijk een beetje vreemd, omdat veel wereldkampioenen in andere keusporten wel uit Nederland komen.

Maar dat snooker is toch eigenlijk hartstikke saai?

„Als je er eenmaal aan begint, komt je er moeilijk weer van af", zegt Ruiter. Veel mensen vinden het rustgevend om naar te kijken op televisie. Bij een wedstrijd moet het namelijk doodstil blijven in de zaal. Je hoort slechts het geluid van de ballen en soms de rustige stem van een scheidsrechter.

„We leven in een tijd waarin alles 'snel, snel' moet en dat past niet bij deze sport. De sport zelf is niet saai, het is gewoon moeilijk. Dan haken mensen gewoon af. Maar ik zie het als pure kunst", vertelt Oenema. Een voorbeeld van hoe mooi snooker kan zijn: hier de snelste maximale score ooit gemaakt. Gemaakt door, inderdaad, dezelfde O'Sullivan.

Waarom zijn Nederlanders er niet goed in?

„Je hebt echt een ijzeren mentaliteit nodig wil je er goed in worden", zegt Ruiter. „Elke dag moet je minimaal twee tot drie uur trainen en je hebt in het spel niet meteen resultaat, zoals bij poolbiljart. Snooker is veel moeilijker." Toch heeft Ruiter samen met anderen sinds twee jaar een waardig Gronings team bij elkaar gekregen voor de eredivisie (want die bestaat ook in het snooker).

Dan zijn er ook nog de financiën. „Je bent sponsors nodig voor de vele reis- en verblijfskosten. Als je hogerop wilt, ben je een coach nodig en ook dat kan geld kosten. Dat is allemaal erg moeilijk in Nederland, want het is niet heel commercieel aantrekkelijk", verzucht Ruiter.

En kun je een beetje snookeren? Dan is het poolen vele malen lucratiever. Oenema: „Want wie laag op de ranglijsten staat van snooker, is met gemak een subtopper in het poolen. Dan speel je sneller wat geld bij elkaar. Dus kiezen veel spelers voor de overgang naar het poolen."

„Er waren in het noorden wel een paar talenten die het wereldtoneel hadden kunnen halen, maar die zijn om allerlei redenen gestrand", vertelt Ruiter. Oenema: „Ik was een best aardige speler en met mij waren er meer: je krijgt misschien een vrouw en kinderen. Dan moet je toch keuzes maken."

Waarom zou Nederland goed in snooker willen zijn?

Snooker is een sport waar op wereldniveau jaarlijks meer dan 15 miljoen euro aan prijzengeld wordt uitgekeerd en dit blijft stijgen. Ook hebben wereldbonden van de verschillende biljartsporten de handen ineen geslagen en is er een verzoek ingediend bij het Internationaal Olympisch Comité (IOC) om de biljartsporten mee te laten doen aan de Olympische Spelen van 2024 in Parijs.

Ruiter: „We missen een beetje een figuur als Raymond van Barneveld bij het darten. Hij heeft de sport naar Nederland gehaald in de jaren 90. Maar in het snooker loopt het sinds de populariteitsgolf van de jaren 80 alleen maar terug in Nederland."

Hoe gaan we ervoor zorgen dat de volgende Ronnie O'Sullivan wel uit het Noorden komt?

„Tot nu toe is de groep die erbij komt kleiner dan de groep die weggaat", stelt Ruiter. „De sport wordt wereldwijd erg goed bekeken, in Nederland ook geloof ik." En dat klopt. In 2016 keken er meer dan 300 miljoen mensen wereldwijd naar de finale van het WK volgens de BBC. „Er moet een beter verdienmodel komen voor de Nederlandse spelers", meent Ruiter. De snookerbond beaamt dat.

Zo is er al een beleidsplan met de zeer toepasselijk naam 'Snooker naar de top'. Maar met minder dan 600 spelers in Nederland wordt het lastig er echt vorm aan te geven. Dat aantal moet naar 2000 snookeraars volgens Oenema.

De realiteit is wel dat veel mensen het kijken, maar heel weinig mensen het spelen. „Daarbij loopt het aantal beschikbare snookertafels in speelhallen flink terug en zijn ze relatief duur om te huren voor spelers. Daar moeten we als bond iets op verzinnen. Zodat je als kind naast de voetbal- en de tennisles ook gewoon op snookerles kan gaan", zegt Oenema.

Hoe werkt het snooker nou eigenijk?

Snooker is een spel voor twee personen of ploegen dat enigszins vergelijkbaar is met het biljartspel pool. Verschil bij snooker zijn de afmetingen. De snookertafel is vele malen groter en de ballen een stuk kleiner.

Er liggen 21 gekleurde ballen op tafel die met de witte 'cue' bal in een bepaalde volgorde weggespeeld kunnen worden via zes pockets (gaten).

Er zijn 15 rode ballen en zes ballen met elk een andere kleur: geel, groen, bruin, blauw, roze en zwart. Voor elke kleur krijg je een ander aantal punten. Na een rode bal moet er een andere gekleurde bal gespeeld worden. Het doel is een zo'n hoog puntenaantal te scoren, zodat je tegenstander daar niet meer overheen kan.

Doe je dat, dan win je een frame en wordt de tafel weer gevuld met alle ballen. Een wedstrijd win je door een vooraf bepaald aantal frames te winnen.

Bent u er nog?

Toon reacties

Word wakker met het belangrijkste nieuws uit het Noorden met onze ochtend-nieuwsupdate.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement.