Het bouwland is verzadigd van de nattigheid.

Mijn Streek: Vanuit Westeremden wadlopen in Frankrijk

Het bouwland is verzadigd van de nattigheid. Foto: Paul Straatsma

Westeremden en Zeerijp hadden ooit een open vaarverbinding met het wad, de Fivel. Maar de rivier slibde dicht en nadat dijken werden aangelegd doet weinig aan dat verleden herinneren. Toch heeft de Fivel sporen nagelaten.

U herkent het vast, gedachtes die bij je opborrelen waarvan je denkt: hé, die moet ik onthouden, kan ik misschien iets mee. Journalisten zijn gespitst op dergelijke ingevingen. Met name zinnetjes waarvan je profijt kan trekken als je in de pen moet klimmen. Dat onthouden tijdens een wandeling is een spel op zich.

Je kunt op zoek gaan naar ezelbruggetjes, met het risico dat je daardoor juist de oorspronkelijke zin kwijtraakt, heel frustrerend. Meteen noteren in een blocnote is natuurlijk de oplossing, maar dat doet afbreuk aan het spel, mijn eer te na. Stoppen en opschrijven haalt de cadans uit het lopen, levert bovendien koude vingers op, een nat vel papier vol hanenpoten.

Drie zinnetjes weet ik deze keer mee naar huis te brengen, waarvan ik de laatste – het weiland plast zichzelf leeg – bij nader inzien maar zozo vind. Laat ik die meteen maar uitleggen, heeft alles te maken met de zintuigen, het horen met name. Er valt net een bui als ik het asfalt van de Fiveldijk verlaat om de lus te lopen langs de Zeemsloot.

Het bouwland is verzadigd van de nattigheid, deze ene bui maakt wat dat betreft geen verschil. Toch lijkt het alsof het land meteen zijn water loost door de drainagebuizen die om de paar meter op de sloot uitkomen. Alsof er een regiment oude mannen staat na te druppelen bij de slootrand.

Zompigheid

‘Binnendijks wadlopen’ is ook een van de opborrelingen die ik wil onthouden. Slaat natuurlijk op het glibberige zware lopen over de natte klei. Een waarschuwing is wat dat betreft op zijn plaats: trek schoenen aan die daartegen bestand zijn, laarzen desnoods, of als u die heeft een stel kisten van militaire dienst. Nee geen wadloopschoenen, veel te koud.

Niet iedereen zal die zompigheid waarderen, maar eerlijk gezegd vind ik het heel leuk – voor een keer dan. Het brengt je naar het hier en nu, laat je voelen waar deze omgeving zijn oorsprong vindt, inderdaad: het wad. En dan mag er eeuwen geleden een dijk zijn aangelegd: dat wad ligt nog altijd vlak onder de oppervlakte.

Overigens ter geruststelling: het onverharde deel van de route langs de Zeemsloot is pak hem beet drie kilometer lang. De rest van de tocht is goed begaanbaar. Wie per se wil, snijdt het stuk af, maar daarmee snijd je wel de ziel uit de wandeling.

loading

Bloeiende havenplaats

In het begin van de tocht, bij het haventje net buiten de dorpsrand van Westeremden, staat een informatiebord. Het hoort bij een drietal dorpsommetjes die vanaf die plek starten en vertelt over de oorsprong van het landschap. Neem vooral even de tijd om het bord te bestuderen. Dan leert u dat u daarna niet door zomaar een deel van het Hogeland wandelt, maar door het terrein waar ooit de Fivel stroomde, een rivier waarover het zuidelijker gelegen veengebied rond Slochteren, Hoogezand en Kolham zijn water afvoerde.

Een heus estuarium. Westeremden had een open verbinding met de zee, het bord spreekt van ‘een bloeiende havenplaats in de vroege Middeleeuwen’. U snapt dan ook waarom u in de kern van dat gebied geen terpen treft, maar weer juist wel in een lint op beide oevers die door opslibbend zand steeds hoger kwamen te liggen. De kronkelende maren en akkers herinneren aan het spel dat hier ooit gespeeld werd tussen land en zee.

loading

U heeft de laatste van mijn drie zinnetjes nog te goed, de eerste die ik wilde onthouden. Dat was toen ik Westeremden achter me zag liggen, Loppersum rechts van mij en Zeerijp voor me. ‘Het Hogeland is als Frankrijk, zonder heuvels.’ Is natuurlijk helemaal privé zo’n gedachte, maar het komt altijd bij me op als ik in deze omgeving wandel. Wat alles te maken heeft met de kerktorens die me doen denken aan fietsvakanties in Frankrijk. Dus vandaar.

De kerkjes lijken zo op elkaar, wat niet verwonderlijk is als je je realiseert dat ooit ook deze omgeving katholiek was en vergeven van kloosters en voorwerken. De mooiste kerk van Groningen zou trouwens zomaar in Zeerijp kunnen staan. Maar zo heeft iedereen een favoriet.

Zwaan P19E

De bui is eenmalig en lokaal, haalt een streep door een best wel zonnige dag. De middag loopt al aan zijn einde als ik verder wandel over het schouwpad langs de Zeemsloot. Een jonge knobbelzwaan, nog grijs en met zwarte snavel, zwemt argwanend voor me uit. Om het dier niet de stuipen op het lijf te jagen haal ik het met een boogje in, waarna het opgelucht meteen rechtsomkeert maakt.

Een gele band – P19E luidt de code – heeft het om de hals, lijkt me geen pretje, zo’n lelijk stuk plastic daar hangend onderaan die sierlijke S. In het westen gaat de zon al bijna onder. De lage stand gebruikt ze om haar stralen nog zo ver mogelijk onder het grijze grauwe wolkendek door te duwen, alsof ze zich verontschuldigt dat ze zich liet verrassen en er alles aan doet om het goed te maken. Had ze natuurlijk niet meer verwacht, een wandelaar op dit tijdstip op deze plek.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
menu