Een persoon tekent 'Hou vol' in de sneeuw op de Grote Markt in Groningen.

‘Rellen zijn een gevaar voor onze democratie’, meent politicoloog Léonie de Jonge van de Rijksuniversiteit Groningen

Een persoon tekent 'Hou vol' in de sneeuw op de Grote Markt in Groningen. Bron: Sikkom / Twitter Sander de Hosson.

Na de gewelddadige rellen waarschuwen politicologen voor „subtiele aanvallen op de rechtsstaat” die „extreem-rechts normaliseren”.

Ja, het is heel moeilijk om de rellen van de afgelopen dagen te duiden, zegt Léonie de Jonge, zolang we niet weten wie de relschoppers precies zijn en wat ze beweegt. Ze wil graag nuanceren. Maar de politicoloog, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, zegt ook ferm: „De PVV en FVD zijn aanjagers van dit oproer, omdat zij hier letterlijk toe oproepen. Deze partijen hebben relschoppers echt opgehitst.”

Rellen in Urk na Facebookpost van lokale PVV’er

p 19 januari, vier dagen voor de invoering van de avondklok, schreef de fractievoorzitter van de PVV in Urk op Twitter en Facebook: „Indien er een avondklok […] afgekondigd wordt zullen wij als PVV er alles aan doen om ervoor te zorgen dat deze op Urk niet gehandhaafd wordt.” Op de eerste dag dat de avondklok van kracht werd, braken er rellen uit in Urk.

Op zondag 24 januari, om 6 minuten over negen ’s avonds, twitterde Forum voor Democratie: „Dit is de tweede avond dat Rutte Nederland opsluit. #FVD blijft zich verzetten.” Daaronder: een foto van een Nederlandse politiehelikopter.

Die avond waren meerdere gemeentes in Nederland het toneel van geweldsuitbarstingen, maandag nam het geweld verder toe. Relschoppers plunderden winkels, vernielden gebouwen en gebruikten geweld tegen handhavers en politiediensten. In Rotterdam raakten maandagavond tien agenten gewond. Beide partijen namen later nadrukkelijk afstand van het geweld. Op maandag wilde PVV-leider Geert Wilders het leger inzetten tegen relschoppers, een voorstel waarover de Kamer gisteren kort debatteerde. „Maar onderschat het effect van die eerste woorden niet”, zegt politicoloog De Jonge.

‘Wilders en Baudet kleuren tegen, altijd’

Oproepen tot verzet, tegen de overheid, het establishment. Het is bekende retoriek van de PVV en FVD. „Het is de kern van hoe zij zich presenteren”, zegt Alyt Damstra, gepromoveerd in de politieke communicatie aan de Universiteit van Amsterdam. „Toen deze crisis net uitbrak, waren het juist Wilders en FVD-leider Thierry Baudet die riepen: het moet strenger! Zij kleuren tegen – altijd. Dat doen ze nu door op te roepen uit naam van vrijheid in verzet te komen.”

Die wisseling van perspectief werd deze dagen goed zichtbaar bij Geert Wilders. De PVV verzet zich tegen de avondklok, zo communiceerde de partij, maar na twee dagen van geweld zei Wilders dat de relschoppers vooral jongeren met een migratieachtergrond zijn. Een verhaal dat goed aansluit bij zijn achterban: het is een groep die van de PVV vrijwel altijd de schuld krijgt als het ergens misgaat.

De bestorming van Het Capitool

Toch moeten we oppassen met conclusies trekken over de rol van de politiek, zegt UvA-hoogleraar Sarah de Lange. Ze heeft ook de beelden gezien van jongeren die zeiden op het Amsterdamse Museumplein te zijn, „omdat Thierry het zei”, maar vindt het tegelijk lastig te rijmen dat de PVV en FVD juist ‘law and order’-partijen zijn. Die zetten zich sterk af tegen de overheid, maar niet specifiek tegen de politie. „Er zitten bovendien zoveel facetten aan rellen.”

Na dagen van onrust in Nederland dringt zich ook een andere vergelijking op: met de Capitoolbestorming in de VS op 6 januari. Die dag riep president Trump zijn aanhangers, die in groten getale naar Washington waren gekomen, op voor hem „te vechten”. Een menigte drong daarop het parlementsgebouw binnen, een spoor van vernieling achterlatend. Vijf mensen kwamen om het leven. „Ideologisch is de overeenkomst heel beperkt”, zegt De Lange. „Maar het kan dat mensen er praktische lessen uit hebben getrokken. Of legitimatie aan hebben ontleend.”

‘Een legitimatie van geweld’

Léonie de Jonge ziet een sterker verband. Zij denkt dat ook Nederlanders er „een signaal van bevestiging uit kunnen hebben opgevangen „een legitimatie van geweld”. Ook toen stelden politicologen zich de vraag of het zou kunnen leiden tot geweld in Nederland, zegt ze, „maar dat leek nog heel ver weg.” Ze ziet vooral de aanvallen op de rechtsstaat als belangrijke oorzaak voor de escalatie in Nederland. „Het is hier misschien subtieler, zoals de ‘minder Marokkanen’-belofte van Wilders, maar daarachter schuilt iets fundamenteels: de normalisering van extreem-rechts-gedachtegoed.” Dat, zegt ze, is al veel langer aan de gang. En daarbij moet ook de rol van gevestigde politieke partijen niet worden onderschat.

Populistisch gevoel aangewakkerd door Rutte

 „Premier Rutte heeft dat populistische gevoel ook aangewakkerd, hij heeft het gelegitimeerd. Door de welvaartsstaat uit te hollen, de ieder-voor-zich-mentaliteit te koesteren.” De Jonge onderzoekt hoe gevestigde partijen radicaal-rechts kopiëren en legitimeren. Dat doet de VVD door standpunten over te nemen van de PVV, bijvoorbeeld door strenger te zijn op migratie. „Zo zijn de grenzen tussen wat we normaal vinden en niet, steeds meer vervaagd.” Waartoe kan dit leiden? De Jonge: „Realiseer je dat onze democratie kwetsbaar is. Wat we nu zien kan echt een gevaar opleveren. De aanval op de rechtsstaat zien we al: journalisten worden bedreigd, we zien geweld.”

Het gevaarlijke is, zegt ze, dat de PVV en FVD al heel lang doen alsof ze exclusief spreken uit naam van het volk. „Daarmee geven ze hun achterban het gevoel onderdeel te zijn van een stille meerderheid, voor wie het gerechtvaardigd is de spelregels van de democratie te bevragen. Terwijl ze in werkelijkheid een luidruchtige minderheid vertegenwoordigen.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
menu