Hennie Streng, de laatst overgebleven paardentrainer in het Stadspark.

Veteranen blikken terug op roemruchte geschiedenis Groningse drafbaan: 'Het eindigt door corona zonder publiek. Dat is misschien wel het ergste'

Hennie Streng, de laatst overgebleven paardentrainer in het Stadspark. Foto: Siese Veenstra

Nog een week en dan wordt na bijna een eeuw de laatste paardenkoers verreden in het Groningse Stadspark. Twee veteranen blikken terug op de roemruchte geschiedenis van de drafbaan.

Braafjes stapt hij naast de baas richting stal. Niet direct het temperament dat je verwacht van een draver die in zijn werkzame leven al heel wat prijzengeld bij elkaar pakte. Maar de 11-jarige ruin Looks Valentijn heeft er vanmorgen dan ook al een stevige training op zitten en hij is nog op de terugweg van een pittige blessure. ,,Maar vergis je niet’’, zegt trainer Hennie Streng. ,,Hij wordt héél ongedurig als je je hem een dag stil zet in de box, hoor! Dan kan hij nog altijd vliegen.’’

In zijn ‘kantoor’ in een van zijn paardenboxen in het stallencomplex op de Groningse drafbaan telt Streng af naar het einde. Zondag 18 oktober wordt de laatste koers van het seizoen verreden. Zoals het nu lijkt, is dat ook meteen de allerlaatste ooit in het Stadspark. Na bijna een eeuw trekt de gemeente de stekker eruit.

Een draver kun je niet stilzetten, hè

De paarden moeten plaats maken voor popsterren. De drafbaan zit in de weg bij de plannen van de gemeente om het Stadspark op te stoten tot een van de belangrijkste concert- en festivallocaties van Nederland. Twintig jaar nadat The Rolling Stones 75.000 bezoekers naar de drafbaan trokken, wil Groningen zich een vaste plek verwerven op de agenda’s van de groten uit de internationale popindustrie.

Twee weken geleden viel de brief van de gemeente bij Streng in de bus in Hoogkerk. Vanaf volgend jaar is de huur voor zijn stallen formeel opgezegd. Dan komt er na 35 jaar een eind aan een ijzeren dagelijks ritueel. Zeven dagen in de week draait de 77-jarige Streng zijn auto tussen 6 en halfzeven in de morgen het drafbaanterrein in het Stadspark op. Nooit springt hij een dag over. ,,Een draver kun je niet stilzetten, hè.’’

loading

Weinig hoop

Streng is de laatste der Mohikanen op de drafbaan. Toen de geboren Utrechter halverwege de jaren tachtig zijn draversstal verkaste vanuit Appelscha, hadden nog zes trainers hun thuisbasis in het stallencomplex op het Stadspark. Nu is hij als enige over en staan ook zijn boxen goeddeels leeg. Ooit stonden er zestien paarden, nu traint hij er samen met dochter Monique nog drie.

Maar zijn laatst overgebleven collega Henk Tammenga heeft zijn laatste paard een halfjaar geleden al verkocht. In het zicht van het onvermijdelijke einde. Ook Streng heeft weinig hoop dat sluiting nog valt af te wenden. ,,De gemeente wil sowieso van ons af’’, zegt hij mismoedig in zijn ‘kantoor’ tussen stapels paardendekens, scheenbeschermers voor zijn dravers en rijen oude hoefijzers aan de balken. ,,Ik wed dat ze niet eens wisten dat ik hier nog zat.’’

Ondanks hardnekkig verzet van de Koninklijke Harddraverij- en Ren Vereniging Groningen, de Groningse koersorganisator sinds 1886, ziet Streng geen wonderen meer gebeuren. ,,Op 18 oktober houdt het hier op’’, verzucht hij. ,,Ook nog zonder publiek, met dank aan corona. Dat is misschien wel het ergste. Een sfeerloos afscheid.’’

loading

Wat een contrast met de hoogtijdagen. Drafsportveteraan Henri van Voorn ziet nóg de duizenden toeschouwers op zondagen richting Stadspark drommen. ,,Op de Concourslaan en Paterswoldseweg zag het op koersdagen zwart van de mensen’’, zegt de stad-Groninger die als journalist voor onder meer Radio Noord en het landelijke weekblad Draf- en Rensport al bijna een halve eeuw meeloopt in het wereldje.

,,Op koersdagen leek het alsof de hele provincie uitstroomde. Rond de baan stond het publiek rijen dik. In die tijd was het echt een dagje uit.’’ Als kleinzoon van de uitbater van het legendarische Café Bolhuis, epicentrum van de Groninger drafsport, is Van Voorn zo ongeveer opgegroeid tussen de dravers. ,,Ik ben in 1954 geboren boven het café van mijn opa Gerrit van Voorn waar mijn ouders toen woonden. Dan krijg je het van kleins af aan mee.’’

Borrel

Hij ziet zo weer voor zich hoe de kroeg op koersdagen volstroomde met boeren uit de wijde regio die in dichte wolken sigarenrook de winst kwamen vieren met een borrel. ,,Of juist hun verlies verdrinken, maar gedronken werd er hoe dan ook.’’

Al in de kinderwagen gingen Van Voorn en zijn broer met hun ouders en opa mee naar de koersen, toen nog om de veertien dagen. Als jongens trokken ze op zondagen zelf naar de stallen waar in de vroege morgen de paarden werden aangevoerd. De sensatie van de komende koersdag was er bijna tastbaar, fanatieke gokkers hingen er rond in de hoop op een laatste ‘gouden’ tip voor een kansrijke weddenschap.

Het was een fascinerende wereld: ,,Ik was erbij toen Quicksilver S in 1964 de Grote Prijs van Nederland won. Dat wás wat.’’ Van Voorn heeft een bijna encyclopedische kennis van de drafsporthistorie. Legendarische races, trainers, pikeurs en de toppaarden van weleer: de namen rollen hem van de lippen als die van oude bekenden.

loading  

En vaak zijn ze dat ook. ‘Cracks’ als Ylbode B , Speedy Volita , Jojo en Henri Buitenzorg, Vriend, Happy First of Aktion Skoater . Hij kan hun zegerijke carrières zo uittekenen. Net als die van mannen als Gouden Zweep-winnaar Roelof Hamming, succespikeur annex melkboer en caféhouder. Of Edo Stukje, opvolger van Van Voorns opa en later oom als uitbater van café Bolhuis: zijn naar hemzelf vernoemde paard Edo Stukje draafde 87.000 gulden aan prijzengeld bij elkaar.

Nog altijd draait het leven van de stad-Groninger om de drafsport, misschien wel meer dan ooit sinds de register-accountant en financieel controller vorig jaar met pensioen ging. Er zijn weinig drafbanen in Europa die hij niet minstens een keer heeft gezien en voorlopig blijft Van Voorn zijn rondjes langs het circuit draaien.

Toch zat hij zelf zelden op de sulky. ,,Als ik aan de kant sta, weet ik feilloos wat er goed of fout gaat. Maar zelf had ik niet veel aanleg: ik heb niet de inzet, handigheid en feeling die je moet hebben als pikeur. Mijn grootste prestatie was een derde plek op een koers voor journalisten op de baan in Alkmaar. Ik ben nog wel even mede-eigenaar van een paard geweest: Ostar, getraind door Hennie Grift. Dat begon geweldig, met drie keer winst op rij. Maar toen was het ook op.’’

loading

Grootse plannen

Met zijn financiële achtergrond was Van Voorn in de jaren tachtig zes jaar lang bestuurder en penningmeester van de Groningse koersorganisator KHRV. Die vierde het honderdjarig bestaan nog groots met een tweedaagse jubileumfeest in 1986. Maar toen was het tij voor de sport al aan het keren, stelt hij nu vast. Ondanks een klinkend programma vol sterk bezette koersen vielen zowel de toeschouwersaantallen als de wedomzetten zwaar tegen. De totalisator stokte op gemiddeld 267.000 gulden per koersdag. ,,Terwijl wij voorheen 3 ton omzet al amper de moeite waard vonden. Daar kom je nu niet eens meer bij in de buurt.’’

Rond die tijd trad wedmakelaar Ladbrokes aan als redder in nood. De Britse grootmacht kwam met grootse plannen en opende als een razende nieuwe wedkantoren in Nederland, alleen al twee in de stad Groningen en verder in vrijwel elke kleine provincieplaats. Binnen een paar jaar moesten er minstens tweehonderd vestigingen komen, maar het werd een sof. ,,Ze zijn met de staart tussen de benen weer vertrokken’’, zegt Van Voorn.

Het echec verraste hem niet. ,,Wij hebben hier niet die Britse wedtraditie. Daar heb ik tijdens een taxirit wel meegemaakt dat de chauffeur z’n auto onderweg even op de stoep bij het wedkantoor parkeerde om nog snel een wedje te plaatsen. Een Nederlander loopt niet zomaar zo’n kantoor in. Die kijkt eerst drie keer om zich heen of de buren het niet zien. Daarin zijn we ook anders dan Frankrijk, het Europese centrum van de draf- en rensport. Daar gaan paardenliefhebbers zondag eerst naar de kerk, daarna naar het café om de koersinformatie door te nemen bij een glas wijn en daarna naar het wedloket in de hoek van de kroeg.’’

Het mislukte Ladbrokes-avontuur heeft de neerwaartse spiraal verstrekt, analyseert Van Voorn. Na het vertrek van de Britten zakten wedomzetten en bezoekerscijfers nog verder weg, koersorganisatoren zagen zich gedwongen te bezuinigen op het prijzengeld, grote koersen als de Mijl van Groningen en de Grote Prijs van Nederland verdwenen, een hele rij draf- en renbanen viel om en voor paardeneigenaren en -trainers valt er steeds minder te verdienen.

loading  

Toch steekt het dat de gemeente de drafbaan nu om de oren slaat met de tanende publieke belangstelling. De onderhoudsinvesteringen in de baan zouden niet meer in verhouding staan tot het aantal bezoekers. Maar het aantal mensen langs de baan is volgens Van Voorn allang niet meer representatief voor de publieke belangstelling, nu vrijwel iedere koers in Europa live via internet is te volgen. ,,Bij FC Groningen zitten de tribunes de laatste jaren vaak ook maar halfvol, maar je hoort nooit dat de Euroborg wel dicht kan.’’

En, wat misschien nog het allermeest steekt: naar tegenargumenten is niet geluisterd. ,,Alles wordt er naartoe geredeneerd dat de drafbaan dicht moet’’, zegt Van Voorn. De kosten van onderhoud en voortbestaan worden volgens hem veel hoger voorgesteld dan ze in werkelijkheid zijn en de levensvatbaarheid van een nieuwe toekomst als concertpodium zou de politiek juist veel te rooskleurig zijn voorgespiegeld.

Kritiekloos

,,De gemeenteraad wordt op het verkeerde been gezet, maar slikt alles kritiekloos. Dat was echt een schok. Zo ga je niet om met een vereniging met zó’n historie. De noodzaak voor zo’n onomkeerbaar besluit ontbreekt volledig op dit moment. Het is in deze coronatijden nog helemaal niet duidelijk hoe het straks verder moet met grote muziekevenementen. Terwijl daarvoor wél enorme investeringen nodig zijn, veel meer dan voor de drafbaan.’’

loading  

Ondertussen dubt Streng over zijn toekomst. ,,Waar moet ik heen?’’, zegt hij als hij Looks Valentijn op stal zet. ,,Met een winkel kun je nog uitverkoop houden als het stopt. Maar voor drafpaarden is nauwelijks markt. En je kan ze niet thuis in de woonkamer zetten. Ik zoek nu een boerderijtje met een stukje land erbij in de omgeving. Maar dat valt nog niet mee met deze woningmarkt. En dit is ook mijn pensioen hè. Ik heb alleen een AOW’tje, ik móet wat bijverdienen. De koersen zijn geen vetpot met de winstprijzen die tegenwoordig betaald worden. Maar met af en toe een eerste prijs kan ik mijn inkomen net genoeg aanvullen. Ik zou niet weten hoe ik het op moet vangen als dat wegvalt.’’

De timing is op z’n minst ongelukkig, vindt Van Voorn. ,,Waarom zou je nu zo rigoureus stoppen terwijl die sport zich nog zelf zo’n beetje kan bedruipen? Op 28 augustus 2022 is het honderd jaar geleden dat de baan werd geopend door koningin Wilhelmina ter ere van 250 jaar Gronings Ontzet. Wat is er nou mooier om die dubbele mijlpaal in dat jaar nog te vieren? Als daarna blijkt dat er echt geen toekomst is, kun je altijd nog de stekker eruit trekken.’’

loading

menu