Henk Westers van de Onstwedder Gaarv'n bakt op ambachtelijke wijze brood in Onstwedde om mensen een hart onder de riem te steken.

Ambachtelijke broden tegen coronasleur in trek "We kunnen er haast niet tegen bakken"

Henk Westers van de Onstwedder Gaarv'n bakt op ambachtelijke wijze brood in Onstwedde om mensen een hart onder de riem te steken. Foto: Harry Tielman

Hoe steek je Groningers toch een hart onder de riem tijdens de coronacrisis? Bak een flinke lading stevig en bovendien ambachtelijk gebakken brood, zeggen de vrijwilligers van ambachtsstichting Onstwedder Gaarv’n.

De geur van versgebakken brood is woensdag buiten de schuur van de ambachtsvereniging in Onstwedde al goed te ruiken. De vrijwilligers hebben de deuren wagenwijd openstaan, binnen gloeit de zelfgebouwde veldoven. Het gevaarte rust op een stevige boerenkar en is opgetrokken uit bakstenen. Met een puntdak van dakpannen oogt het geheel haast als een miniatuurhuis.

Normaal wordt de veldoven gebruikt op evenementen en markten. Maar maandag is die speciaal weer aangestoken om mensen een hart onder de riem te steken, om reuring te brengen en om iets neer te zetten waar naar uitgekeken kan worden, zegt vrijwilliger Martje Everts. Al is het maar iets kleins.

Broden gretig afgenomen in Oost-Groningen

Tot kort geleden konden broden besteld worden. Tussen de tafels vol met broden ligt een lijst met namen: van Delfzijl tot Emmen en alles daar tussenin. Het kleine gebaar blijkt in trek.

„We kunnen er haast niet tegen bakken”, glundert Atte van Dam bij de oven. „Het zijn veel meer bestellingen dan normaal.” Hij heeft net een van de zwartgeblakerde deurtjes geopend om te kijken of de nieuwe lading klaar is. De gepensioneerde bakker moet het op ‘gevoel’ doen, er zit geen temperatuurmeter of -regulatie in de oven. Ieder brood komt er ook net iets donkerder of lichter uit dan de ander.

Het hout wordt er rechtstreeks ingegooid en in brand gestoken. De bakstenen houden vervolgens de hitte vast.

„Nog even wachten”, oordeelt Van Dam als hij het deurtje weer sluit. Net als de meeste andere vrijwilligers is hij een gepensioneerde bakker. Dat hij en zijn collega’s dinsdag en woensdag om zes uur ‘s ochtends moesten opstaan en tegen het avondeten weer thuis zijn, doet hem niet zoveel.

‘Sociale is het mooiste’

Henk Westers laat zich in dezelfde woorden uit. „Ik vind het mooi zoals het gaat.” Gezellig, met de oude concurrenten uit de regio met het ambacht bezig en toch nog iets van vrijwilligerswerk doen. „Ik zat ook in het Oranjecomité voor de 75-jarige bevrijding van Pekela en normaal kook ik eens in de twee weken voor ouderen. Maar dat is er nu allemaal niet meer.”

Op deze manier kunnen zij toch nog iets doen. Donderdag mogen de bestelde broden worden opgehaald. Dat gebeurt volgens een strikt tijdsschema, de bakkers hebben daar het meeste zin in: Van Dam: „dat sociale is toch wel het mooiste.”

menu