Lisa Jasperina Bommerson bij enkele van haar foto’s.

Analoge foto’s tegen absolute perfectie

Lisa Jasperina Bommerson bij enkele van haar foto’s. Foto: Duncan Wijting

Toen Lisa Jasperina Bommerson (23) haar kamergenoot in New York drie nootjes als ontbijt zag eten, wist ze: ‘de modellenwereld, het is écht niks voor mij’. Niet veel later switchte ze van carrière.

Veel jonge vrouwen dromen ervan: gevraagd worden als model voor toonaangevende modebladen als Elle en Vogue , werken met de grootste fotografen ter wereld en vertoeven in luxe appartementen in New York en Parijs. Een leven vol glitter en glamour.

Dat zo’n leven ook een keerzijde heeft, ontdekte de Groningse Bommerson aan den lijve. Ze maakte er een fototentoonstelling over, die vanaf dit weekend te bezichtigen is.

Portretten

In de kleine, lichte ruimte van Galerie StudioH200 aan de Bloemsingel in Groningen hangen haar portretten: groot, klein, in kleur of in zwart-wit. Ze tonen steeds hetzelfde lichaam. In moeilijke houdingen, naakt, of als mode-icoon. Het zijn foto’s door Bommerson zelf gemaakt, met haarzelf in de hoofdrol.

„Wat ik hiermee wil zeggen? Ik probeer met deze portretten mijn frustratie over de hypocrisie van de modewereld te uiten. De extreme standaards en dunne lijven die gangbaar zijn, terwijl dat niets met de dagelijkse realiteit te maken heeft”, legt Bommerson uit. Ze was vijftien toen ze begon als model. Op haar negentiende, ze was net gevraagd voor de Italiaanse editie van Vogue , besloot ze ermee te stoppen.

„Ik ben altijd dun geweest en toen ik als jonge vrouw eindelijk rondingen kreeg, moest ik onmiddellijk afvallen. Toen realiseerde me dat ik niet meer in een keurslijf gestopt wilde worden. Ik was een maakbaar product, maar wilde de controle terug.”

Moeilijke poses

Vandaar de foto’s in moeilijke poses: ze tonen in wat voor bochten je je moet wringen om een mager model te zijn. „Ik begrijp het echt niet”, zegt Bommerson. „Waarom toont de mode-industrie modellen in maat 0 terwijl ze vrouwen van 30 met rondingen moeten aanspreken? Het is een grote paradox.”

Op haar negentiende ging ze naar kunstacademie Minerva. Daar leerde ze naar eigen zeggen wat ‘vrijheid’ is. „De jaren op de kunstacademie hebben me geholpen mijn tijd als model te verwerken. Ik was mezelf niet meer, moest me voegen naar wat anderen wilden en leefde in een maakbare wereld. Nu kan ik doen en maken wat ik zelf wil.”

Al haar foto’s zijn om die reden analoog: niks snel, perfect en bewerkt. „Op deze manier blijf ik zo puur mogelijk en blijft het resultaat naar mijn gevoel ook echter. Dat is toch wat ik jarenlang gemist heb”, zegt ze lachend.

Ze wil nog één ding benadrukken: „Deze tentoonstelling gaat over mijn zoektocht. Het is geen algehele aanklacht tegen de modewereld. Er zijn genoeg meiden die het nog altijd leuk hebben.”

menu