Een flinke wandeling is traditiegetrouw een heerlijke manier de calorieën van een overvloedig paasmaal kwijt te raken. Tot afgrijzen van boswachters verliezen de wandelaars meer dan alleen wat calorieën in de natuurgebieden, zoals blikjes en verpakkingen.

Boswachter Jaap Kloosterhuis (52) moet af en toe het idee krijgen dat enkel analfabeten en buitenlanders het Lauwersmeergebied met een bezoek vereren. ,,De meeste mensen houden zich keurig aan de regels, maar sommigen lijken niet in staat de bordjes te lezen waarop staat dat je hier enkel met een aangelijnde hond mag lopen.’’

Uitrusting

De boswachter is klaar voor zijn surveillanceronde in het natuurgebied dat 6000 vierkante kilometer beslaat. Zijn uitrusting zou een politieman niet misstaan: steekvest, pepperspray, handboeien en een wapenstok. ,,Ik heb er nog nooit gebruik van gemaakt.’’

Een allesdoordringend getoeter galmt over het parkeerterrein voor het gebouw van Staatsbosbeheer. Een jongen die op de schoot van zijn vader zit, drukt enthousiast herhaaldelijk op de hoorn. Kloosterhuis snelwandelt naar het gezin. ,,Zullen we dat maar niet doen?’’, luidt zijn retorische vraag. De reactie bestaat uit een instemmend geknik en een verontschuldiging.

loading  

Vrij druk

’s Morgens joeg een harde noordwestenwind nog hagel en sneeuw over het Groninger land. Maar tegen twaalf uur schijnt de zon. Het is vrij druk, bijna overal staan wel auto’s geparkeerd. De groene wagen van Kloosterhuis meandert langs het Nieuwe Robbengat, een forse wind drijft het water schuimkoppend naar de wal.

De boswachter stapt uit bij het Lauwersmeerbos. Hij gebaart naar de eikenbomen, wilgen en populieren. ,,Die zijn er na de drooglegging van dit gebied door de aanleg van de dijk in 1969 gekomen. De overheid had plannen het oostelijk deel van de Waddenzee in te polderen. Dit bos was een experiment. Ze wilde zien hoe die bomen het op een voormalige zeebodem doen. Nou, heel goed dus.’’

Hij wijst naar een wit doekje dat langs het wandelpad ligt. ,,Sinds corona zien we dat steeds vaker. Nou ja, soms zitten er ook bruine strepen op. Dan zijn ze heel ergens anders voor gebruikt’’, merkt hij kurkdroog op.

Overlast

Sinds de lockdowns doen natuurgebieden het qua drukte niet onder voor populaire winkelgebieden. ,,De overlast bestaat vooral uit loslopende honden, mensen die buiten de wandelpaden komen en afval. Toen ik hier acht jaar geleden begon, deden we vooral aan waarschuwingen. Maar dat hielp niets. Elke waarschuwing werd genoteerd en het aantal nam niet af. Nu waarschuwen we niet meer. Overal staan immers borden met wat wel en wat niet mag. We schrijven dus veel sneller een boete uit. Die bedraagt 100 euro. We merkten het meteen: het aantal loslopende honden daalde drastisch.’’

Hij knikt goedkeurend als hij over het ‘Land van juffrouw Ali’ – vernoemd naar een medewerkster van Rijkswaterstaat die in de jaren 80 van de vorige eeuw veel onderzoek de lokale flora en fauna deed – kijkt. Geen hond of blikje te zien. ,,Het is bepaald niet zo dat ik met een triomfantelijk ‘jahaaaaa’ uit de bosjes spring als ik een overtreding zie. De meeste hondeneigenaren zijn heel aardige mensen. Maar sommige denken dat ik een hondenhater ben. Onzin, ik bekeur de hond ook niet, ik bekeur de eigenaar. Kijk, zo’n hond laat nog heel lang een geurspoor achter. Terwijl hij al lang thuis in de mand ligt, krijgen andere dieren nog lang stress als ze het ruiken. Ook andere wandelaars storen zich aan loslopende honden.’’

loading

Blikjes en een plastic doosje

Hij fronst als hij in een rietkraag blikjes en een plastic doosje ziet liggen. ,,Mensen hebben zoiets van: oh, is er geen prullenbak? Nou, dan gooi het gewoon weg. Nee, wij plaatsen hier inderdaad geen prullenbak. Die zijn binnen de kortste keren vol en we hebben de mensen niet om die twee keer per dag te legen. De drukte vind ik niet erg, de gevolgen wél.’’

Overal zijn nog de sporen van het maritieme leven te zien. Kloosterhuis wijst naar een kokkel die bleekjes uit de grond steekt. ,,Fascinerend. Deze kokkel stierf nadat de dijk werd aangelegd, zat al die jaren onder de grond. Maar nu kwam er een mol voorbij die hem uit de grond duwde.’’

De boswachter glimlacht als hij een hut, een robuust exemplaar van takken, in het oog krijgt. ,,Ieder kind heeft recht op zo’n hut. Zo leren ze hoe de natuur ruikt.’’

Geen enkele boete

Zijn ronde zit er bijna op. Hij schrijft geen enkele boete uit. ,,Dus ik ben een tevreden mens. Echt, ik schrijf liever geen boete uit, maar als ik een overtreding zie, dan krijg je wel een prent. Mensen gaan vaak de discussie aan, maar ik laat me eigenlijk niet ompraten. Dat is één keer gebeurd. Een oude man liet zijn hond los en ik sprak hem erop aan. Hij vertelde dat het zijn laatste wandeling met deze hond was. Het dier was oud en ziek en zou na de wandeling naar de dierenarts gaan voor een spuitje. Tja, die liet ik lopen.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Groningen
Coronavirus