Illustratie: Shutterstock

Over het sociale (on)gemak van de anderhalvemetermaatschappij: Buurman, gaat u even verderop staan?

Illustratie: Shutterstock

‘Alleen samen krijgen we corona eronder.’ Samen. We. Woorden die verwijzen naar mooie gevoelens van solidariteit. Tegelijkertijd zijn we nog nooit zo niet-samen geweest. Komen we niet verder dan elkaars stoepje. Over het sociale (on)gemak van de anderhalvemetermaatschappij. ‘Het lijkt wel of iedereen boos op me is.’

Kalm schuifelt een echtpaar door het parkje aan de Vechtstraat in Groningen. Ze zijn van ‘kwetsbare leeftijd’, zoals dat heet in coronatijden- hoewel ze dat zelf een belachelijke aanduiding vinden want zo zien ze zichzelf niet. Maar goed. Je legt je erbij neer. Je verzet de zinnen. En als het kan, maken ze af en toe een voorzichtig rondje om de vijver.

Kwetsbare leeftijd

Een vrouw nadert. Eveneens van kwetsbare leeftijd. Ze maken een keurige boog om elkaar heen. Zegt de ene kwetsbare vrouw tegen de andere kwetsbaren: ‘Het lijkt wel of iedereen boos op me is.’

We moeten afstand houden tot elkaar om het coronavirus geen ‘zuurstof’ te geven, zoals de premier het deze week noemde. Tegelijkertijd zijn de woorden ‘samen’ en ‘wij’’ en ‘met z’n allen’ nog nooit zo vaak herhaald als in deze tijden van, u weet wel, corona.

Corrrrrróna! Sommigen kunnen het woord niet meer horen. Deskundigen denken na over de manier waarop ons leven weer naar ‘nieuw normaal’ kan worden omgezet. De roep om normale tijden weerklinkt niet alleen in het bedrijfsleven, de cultuursector en de sportclubs, maar ook bij zussen die de nieuwe keuken van zussen willen zien, bij oma’s die hun kleinkinderen in de armen willen sluiten.

Normaal! Wanneer wordt het weer normaal? Wanneer stappen we uit dit parallelle universum waar we een maand geleden in werden gekwakt? Het gaat toch goed? Kan het Noorden de teugels al laten vieren? Hier hebben we er toch relatief gezien niet zoveel last van? Op de sociale media circuleren berichten die gewag maken van ‘dor hout’ dat eindelijk wordt gekapt. Laat dat echtpaar aan de vijver het niet horen.

Psychische gevolgen van de coronacrisis

Het is dit soort overmoed waar sociaal psycholoog Pontius Leander voor vreest. De in Tennessee geboren universitair hoofddocent aan de Rijksuniversiteit Groningen heeft een groot internationaal onderzoek opgezet naar de psychische gevolgen van de coronacrisis.

,,Je ziet dat met name in de westerse samenleving de waarden waarop ze zijn gegrondvest, ter discussie staan. Individuele vrijheid en solidariteit- zullen die blijven bestaan? We kunnen zeggen: we kunnen dit. Samen tegen corona. De geschiedenis leert dat mensen vlak na een crisis solidair zijn met elkaar. Maar mensen zitten niet stil, ze hebben een sterke behoefte aan relaties, je kunt hen die behoefte niet ontzeggen. Maar ons veranderde gedrag is momenteel ons enige wapen tegen dit virus.’’

Een pessimist wil hij zichzelf niet noemen. Hij heeft, zegt hij, dezer dagen wel een sterke neiging tot conservatisme. ,,We moeten blijven opletten. Wat gebeurt er als het allemaal vervelend begint te worden? Jonge mensen kunnen op zeker moment zeggen: zo langzamerhand vind ik dit flauwekul. Ik wil mijn vrienden zien. En mijn jonger ik snapt dat volkomen; jonge mensen moeten léven. En zij zijn niet de risicogroep. Als iemand ziek is, geen verschijnselen heeft, maar wel besmettelijk is, wat doet zo iemand? Gaat die zitten speculeren of hij wel of niet de deur uitgaat? We hebben allemaal leren luisteren naar ons lichaam. Maar als dat lichaam ons niets laat zien of voelen, hebben we niks.’’

Mentaal veerkrachtig

Zijn collega Martijn van Zomeren is optimistischer gestemd. Volgens de eveneens aan de RuG verbonden sociaal psycholoog is Nederland mentaal veerkrachtig genoeg om het sociale ongemak van de afstandssamenleving te doorstaan. Dat ongemak zal er nog wel een tijdje zijn, zo waarschuwen de deskundigen, ook als de maatregelen worden versoepeld zal de geleidelijke exitstrategie een zaak van lange adem zijn.

Niet van maanden, maar van een of twee jaar. ,,Maar stel dat deze crisis twintig jaar geleden was uitgebroken’’ zegt Van Zomeren. ,,Toen we nog niet beschikten over de communicatiemiddelen van nu. Dan was het veel erger geweest. Onze regering communiceert heel concreet, biedt structuur en dat werkt in ons land. We kunnen ons snel aanpassen, dat heeft bijvoorbeeld het rookbeleid laten zien.’’

Een dodelijk virus is een onzichtbare vijand. Maar er is nog een andere, minstens zo gevaarlijke stille moordenaar, waarschuwt Van Zomeren: de eenzaamheid die deze afstandsmaatschappij veroorzaakt. ,,Mensen hebben een ‘need to belong’, we zijn groepsdieren, we willen communiceren, erbij horen. Ook in onze westerse samenleving, waar de nadruk ligt op individuele ontplooiing, blijft die behoefte bestaan. Dat is een kernconclusie uit sociaal-wetenschappelijk onderzoek. En deze anderhalvemeter-strategie staat daar haaks op.’’

Bescherming

‘Iedereen is boos op me’. Dacht de dame in het parkje. En dat lijkt soms ook zo. Je moet het uitleggen aan zo’n dame, vindt Van Zomeren, dat het bedoeld is voor haar bescherming. Maar sommige mensen zullen daarin nu eenmaal rigide zijn, meent Leander. ,,Met name de oudere generatie, die zich nog herinnert hoe het vroeger was, zal een sterkere hang hebben om terug te gaan naar het oude normaal.’’

Nederland houdt zich nog braaf aan het afstandsgebod. Maar soms even niet. Leander: ,,Blijf uit de buurt, zeg ik tegen mijn vrienden en familie, als er iemand is die zich duidelijk niet aan de regels houdt. Want communicatie is lastig. Als jij aan de man bij de kassa vraagt of hij verderop wil gaan staan, ben jij de onbeschofte. Want wat doet de aangesprokene? Die wordt verlegen, of beschaamd. Of boos. Vanuit een masculiene cultuur die bepaalt dat je vooral moet laten zien hoe sterk je bent: hoezo social distance? Doe ik niet! Dat mensen terugvallen op die oude machtspatronen, laat zien hoe kwetsbaar dat onze samenleving maakt.’’

Vergrootglas

Deze tijd legt een vergrootglas op de wereld, zeggen Van Zomeren en Leander. Laat ons zien wat wel en niet belangrijk is. De speech van de Engelse koningin, vorige week, was van waarlijk Vera Lynn-achtige allure ‘We will see our loved ones again. We sháll hug our family and friends again.’

Maar wanneer dan? Zullen we onze loved ones ooit weer omhelzen of zal dat voor altijd verbonden blijven met gevaar? Zullen we elkaar gaan begroeten op Japanse wijze, met buigingen? Zullen we voor altijd handenwassend door het leven gaan?

,,Als we lang genoeg bang zijn, kruipt dat in ons onderbewuste’’, zegt Leander. ,,Misschien is dit alles over een jaar nog een herinnering. Maar zodra iemand in een bus gaat hoesten, zul je zien dat mensen toch nerveus worden. We hebben een langetermijngeheugen om ons tegen rampen te beschermen. In Tennessee, waar ik vandaan kom, moet je overal in de auto naartoe. Als ik stilsta bij alle verkeersongelukken die hadden kunnen gebeuren, zoals die keer dat ik wakker schrok achter het stuur. dan heb ik letterlijk geen leven. Maar die angst maakt van mij een betere chauffeur. Helaas. Angst leidt en waarschuwt ons. .Angst houdt ons in leven.’’

Een ding stemt hem hoopvol. ,,Ik zie bij mijn onderzoek duizenden jonge mensen over de hele wereld zeven dagen per week werken, zo gedreven zijn zij. Iedereen zit hier nu bovenop. Dat is ongekend.’’

menu